Het is ondertussen ook alweer vijf jaar geleden dat Reg Presley, de zanger van de legendarische Britse sixties-band The Troggs (afkorting voor Trogglodytes), is overleden aan longkanker in zijn huis in Hampshire, tevens zijn geboortestreek. Ik heb altijd gedacht: met zo’n naam moet het niet makkelijk geweest zijn om je weg te maken in de muziekwereld, maar pas bij zijn dood kom ik er nu achter dat hij eigenlijk Reginald Maurice Ball heette en dat Presley een stage name was, given to him in 1965 by the New Musical Express journalist and publicist Keith Altham.

The Troggs formed in 1964 and were signed by Larry Page, manager of the Kinks, in 1965. They recorded on Page’s Page One Records. Op die manier mochten zij in 1966 wat studiotijd van The Kinks die overbleef inpikken en namen zij vier nummers op, waaronder “Wild thing”, eigenlijk een countrynummer van Chip Taylor dat zij een heel eigen bewerking gaven en waarmee zij tweede plaats in de Engelse hitparade en zowaar de eerste in de VS bekleedden. Naast de typische garage-sound waarmee zij de naamgevers werden van het genre van twintig jaar later (en tien jaar eerder ook een inspiratiebron waren voor vele punkbands) viel het nummer ook op door de solo op okarina (een soort van primitieve fluit). Volgens de legende wordt deze solo eveneens gespeeld door Reg Presley, maar ik moet zeggen dat ik afgaande op de live-uitvoeringen die ik hiervan heb gezien (jammer genoeg alleen op televisie, want “in het echt” heb ik ze nooit zien optreden helaas) daar nog altijd moeilijk geloof aan kan hechten, vooral omwille van de korte opnametijd die hen ter beschikking stond, zodat de “take” niet eindeloos kon worden overgedaan.
Maar goed, in diezelfde korte opnamesessie namen ze ook “With a girl like you” op, deze keer wel een eigen compositie van Presley, die hen ook op nummer één in Engeland zou brengen. Zelf kreeg ik deze single toegestuurd van Humo als beloning voor mijn lidmaatschap van de fameuze TTT-club. Ik denk dat ik het plaatje wel twintig keer na mekaar heb gedraaid.
Daarna volgde nog “I can’t control myself”, dat in dezelfde lijn lag, maar ik was vooral weg van het daaropvolgende semi-klassieke “Anyway that you want me”. Ik moet wel toegeven dat het moeilijk is om hiervan een goede uitvoering te vinden. Het singeltje zelf (althans toch het mijne) speelde lichtelijk vals en The Troggs behoren ook tot dat soort groepen dat hun hits nadien eindeloos heeft gerecycleerd in tal van verschillende uitvoeringen. Zo bestaat er ook een uitvoering van “Anyway that you want me” met uitsluitend elektrische gitaren. Geen aanrader, tenzij voor de liefhebbers.
Later zouden The Troggs vooral een mix van de twee hier aangehaalde genres uitbrengen: de muziek werd met andere woorden wat zachter, maar de teksten bleven zeer seksueel getint (“Give it to me”, “Hi Hi Hazel”). Dat mondde dan uit in hun wereldwijd grootste succes “Love is all around” met de fameuze beginzin “I feel it in my fingers”, wat het liedje tot lievelingsnummer promoveerde van flauwe grappenmakers die in de jeugdclub of de dancing moesten gaan plassen.
Met de dood van Reg Presley is van de originele groepsleden nu enkel nog gitarist Chris Bitton in leven, aangezien the band’s original drummer, Ronnie Bond, died on 13 November 1992, and bassplayer Dave Wright on 10 October 2008. However, Chris Britton heeft besloten om samen met Pete Lucas (bass) and Dave Maggs (drums), die reeds enige tijd deel uitmaken van the Troggs, back on the road te gaan. They are joined by special guest Chris Allen on lead vocals. He has been in the Denny Laine Band, the Commitments and the Animals.
Guido (Guy) Mommaerts reageerde hierop met volgende opmerking: “Het is inderdaad een feit dat Wild Thing en nog een paar andere Troggs-nummers op Greatest Hits– en verzamel-CD’s opduiken, die heel verschillend zijn van de originele opnamen. Het beste is om de originele vinyl opnames (als je die hebt natuurlijk) op CD over te schrijven. De krassen en plopgeluiden geven het geheel nog een authentiek tintje ook. Dat in Wild Thing een okarina gebruikt werd, wist ik niet. Ik heb tot vandaag gedacht dat het een dwarsfluit was. Zo zie je maar : nooit te oud om te leren.”
En Eddy De Saedeleer haakt daarop in: “Er bestaan wel degelijk enkele zeer goede compilaties met het originele materiaal. Er ligt er steevast een in de Mediamarkt in Oostakker. Het probleem waar jullie het hier over hebben zonder het te noemen is het kassa kassa gegeven, waar nogal wat obscure labeltjes gebruik van maken om al dan niet live opnames uit te brengen, ‘verkleed’ als originals.
Bij aankoop van pop/beat nummers uit de sixties is het daarom aangewezen om vooral de labels in het oog te houden. Zo koop je best niets van de Troggs dat niet op Fontana werd uitgegeven of op Page One Records.
Ik heb recent nog enkele heruitgaven van hun lp’s uit de sixties gekocht op CD (met extra nummers), dankzij een Duitse standhouder op de Heistse platenbeurs.
Merkwaardig ook dat in het bovenstaande artikel voorbij wordt gegaan aan het feit dat ook Anyway that you want me van Chip Taylor is…
En dan de ocarina… Reg vertelde niet zo lang voor zijn dood dat hij die ocarina ALTIJD op zak heeft, voor het geval, en dat gebeurde al eens, hij op het podium werd geroepen door Chip, om het solootje te spelen. Wat hij een ongelofelijke eer vond.
Een ander punt waar hier niet op ingegaan wordt zijn de fameuze Trogg Tapes. Ze zijn te vinden op Youtube. Het gaat om een kwartier gevloek en gescheld in de studio (toen de hoogdagen enigszins voorbij waren). Een document om mee te beleven hoe het er soms aan toe ging. Nodeloos te zeggen, dat het hier gaat om een niet voor publicatie bedoelde tape, die ‘per toeval’ was blijven doorlopen. Uiteraard vind je deze dus niet op Fontana, maar hij is te koop geweest op LP en CD. Zit ergens diep in mijn archieven.
Ik heb de Troggs tweemaal live aan het werk gezien. Eenmaal via een sixties package, waar ik mij nog bijzonder weinig van herinner, en een andere legendarische keer in Dendermonde in een housetempel in de Dijkstraat. Dit optreden staat wel nog gebrand op mijn netvlies. Ook al werden de meeste nummers wat harder gebracht, het ocarina moment was subliem.
Love is all around was slechts en kleine hit voor de Troggs, maar wel een superhit voor Wet Wet Wet. Het werd mede hierdoor de pensioensong voor Presley.
De Aalsterse band John Woolley & Just Born coverden begin jaren zeventig, voor hun tweede single het Troggs-nummer You’re Lying (uit 1967). De sologitaar werd gehanteerd door Jeff Stone, die nu door het leven gaat onder zijn eigen bekendere naam Jef Van Den Steen (bierkenner en auteur van diverse boeken hierover), maar dat is weer een ander verhaal.
Begin jaren zeventig ‘scoorden’ de Troggs nog enkele keren in Engeland met een heel wat hardere sound. Strange Movies en Feels like a woman werden ook hier nog uitgebracht zij het zonder succes.
Presley trad af en toe nog op in TV-films, en bleef de Troggs levend houden.
Om na te genieten: http://www.youtube.com/watch?v=N2jUW1F0JvI.”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.