Het is vandaag al tachtig jaar geleden dat de Franse componist Maurice Ravel is overleden. Hij is uiteraard het best bekend van de Boléro, maar zelf vindt hij dat erg jammer.

Bovendien schrijf ik wel “de Franse componist”, maar Ravel zelf weigerde zich een Fransman te noemen. Hij noemde zichzelf een Bask, want hij was van moederszijde van Baskische afkomst. Zijn vader was een ingenieur uit Franstalig Zwitserland. Nog in Maurice’ geboortejaar verhuisde het gezin naar Parijs.
Ravel kreeg op zevenjarige leeftijd zijn eerste pianolessen en werd in 1889 toegelaten aan het Parijse conservatorium. Zijn pianistenopleiding maakte hij niet af. Na zijn voortijdige vertrek van het conservatorium keerde hij er in 1897 terug om bij Gabriel Fauré compositielessen te volgen. Camille Saint-Saëns daarentegen kon een nieuwlichter als Ravel niet luchten (hij noemde het “moffenmuziek”).
Tot de vroegste werken van Ravel behoren de kleine opera L’Heure espagnole (1907) en de Rhapsodie espagnole voor orkest (1907/8), die beide zijn voorliefde voor Spanje verraden, en de beroemde Pavane pour une infante défunte (1909). Voor de Ballets Russes van Sergei Diaghilev schreef Ravel in 1912 het grootschalig opgezette ballet Daphnis et Chloé. In 1913 leerde Ravel Igor Stravinsky kennen, met wie hij samen Moessorgski’s onvoltooide opera Chovansjtsjina bewerkte. Tijdens de Eerste Wereldoorlog laaide zijn vaderlandsliefde dan toch op en werd Ravel vrachtwagenchauffeur in het leger, nadat hij als wegens zijn geringe postuur was afgekeurd voor militaire dienst.
In 1916 stierf zijn moeder, bij wie hij steeds gewoond had, want ondanks diverse langdurige relaties, is hij nooit getrouwd en kinderloos gebleven. Na de dood van zijn “maman” trok hij bij zijn broer in, maar na diens huwelijk kocht hij in 1921 de villa Le Belvédere in Montfort-l’Amaury bij Parijs, waar hij tot zijn dood zou blijven wonen. Het huis is nu een museum. Ravel was overigens zeer honkvast. Enkel in 1928 maakte hij een grote concertreis door de Verenigde Staten en Canada.
In 1924 schreef Ravel Tzigane voor viool en luthéal, een verloren gewaand instrument dat pas in 1994 teruggevonden werd. In 1928 componeerde hij onder meer het pianoconcert in D voor de linkerhand voor Paul Wittgenstein (de broer van Ludwig Wittgenstein) die in de oorlog zijn rechterhand was verloren.
De tekst is voor het grootste gedeelte afkomstig uit Wikipedia, behalve dan het gedeelte over de Boléro, waarover op Wikipedia maar nauwelijks wordt gerept. Wellicht omdat de auteur, net als Ravel zelf, eigenlijk niet opgezet is met het feit dat de componist altijd wordt vereenzelvigd met een stuk dat hij enkel als Spielerei had geschreven.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.