Het is vandaag ook al zestig jaar geleden dat de Italiaanse operazanger en filmacteur Beniamino Gigli is overleden.

Hij werd geboren als zoon van een schoenmaker in Recanati, een plaatsje in de buurt van Ancona. In 1914 won hij de eerste prijs bij een internationale zangcompetitie te Parma. Kort daarop, op 15 oktober, maakte hij zijn operadebuut in de rol van Enzo uit La Gioconda van Ponchielli in Rovigo. Deze rol maakte hem op slag tot een veelgevraagde operazanger. In 1915 zong hij voor het eerst de rol van Faust uit Mefistofele van Arrigo Boito, een rol waarmee hij vele malen debuteerde: op 31 maart 1915 in het Teatro Massio in Palermo, op 26 december 1915 in het Teatro San Carlo in Napels, op 26 december 1916 in het Teatro Constanzi in Rome, op 19 november 1918 in La Scala te Milaan onder directie van Arturo Toscanini, en op 26 november 1920 in de Metropolian Opera te New York. Andere rollen die hij vertolkte waren onder meer die van Rodolfo in Giacomo Puccini’s La Bohème en de titelrol in Umberto Giordano’s Andrea Chénier.
00 Beniamino GigliToen Mussolini aan de macht kwam, verbrak Beniamino Gigli zijn contract met de Metropolitan Opera (akkoord, er waren ook financiële eisen die hem niet aanstonden) en hij keerde terug naar Italië om er samen met Tito Schipa het uithangbord van het fascisme te vormen. Dat gebeurde o.a. door het draaien van films. In één van die films (met de “credits” in gotische letters!) speelt er in een nightclub toch een zwarte mee met een blank orkest. Het is in deze (Parijse) nightclub dat een zangeres het snode plan opvat om van een zwak moment van zanger Tino Dossi (!) te profiteren om via hem carrière te maken. Tino Dossi wordt immers door een groot verdriet gekweld. Door onoplettendheid weet ik nu niet of het l.d.v.d. is, ofwel dat z’n oud moederke is gestorven, maar erg veel belang heeft dit niet, want dit is werkelijk onbegrijpelijk. Gigli spreekt immers karikaturaal Duits doorspekt met Italiaans (of vice versa?) en geeft in zijn “triestige” periode opzettelijk flauwe versies o.a. van “Che gelida manina”. Da’s durven, eigenlijk!
In zijn laatste levensjaren gaf hij nog wel concerten, maar zijn operaoptredens werden zeldzamer. Wel ondernam hij nog een uitputtende wereldtournee met afscheidsconcerten voordat hij zich in 1955 terugtrok en zijn memoires ging schrijven. In 1957 overleed hij op 67-jarige leeftijd aan een longontsteking. (Wikipedia)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s