De Schotse komiek, acteur, muzikant en presentator Billy Connolly viert vandaag zijn 75ste verjaardag.

Connolly werd geboren in Anderston, Glasgow, in Schotland. Zijn moeder Mary Connolly werkte in een ziekenhuis als bediende in een cafetaria. Begin jaren zestig werkte Billy Connoly nog als lasser van verwarmingsketels aan de scheepswerven van Glasgow, een carrière die hij tegen het einde van het decennium opgaf om folkzanger te worden. Hij belandde toen ook o.a. in Gent, zoals Roland Van Campenhout weet te vertellen: “In mijn begintijd ben ik nog lid geweest van The City Ramblers, een Engelse groep: allemaal bums, onder wie Billy Connolly, de banjospeler, een Schot die later een wereldberoemd stand-up-comedian is geworden. Die gasten streken op een dag in Gent neer en ze hadden een wasbordspeler vandoen: zo heb ik me bij hen aangesloten. En Russell, de leider van de band, was getrouwd met Ottilie Patterson, een blueszangeres die de ex-vrouw van Chris Barber was.” (Humo 7/3/2008)
Merkwaardig dat Roland de term bums gebruikt, want in die tijd was Connolly ook lid van de groep The Humblebums met o.a. Gerry Rafferty (later wereldberoemd door “Baker Street”). Later begon Connolly als solozanger op te treden. Het is in die tijd dat ik hem heb leren kennen, vooral met zijn optredens voor Amnesty International (“The Policeman’s Ball”). Er was vooral één nummer, waarvan ik stekezot was, maar ik kan me nu helaas de titel niet meer herinneren.
Begin jaren zeventig maakte hij de overstap van folkzanger naar volwaardig cabaretier. Connolly is ook een acteur en had rolletjes in films als Indecent Proposal (1993), Muppet Treasure Island (1996) en Mrs Brown (1997), waarvoor hij werd genomineerd voor een BAFTA Award. In 2002 speelde hij een zwijgende rol in “White Oleander” van Peter Kosminksky. De titel slaat op het feit dat Ingrid Magnussen (rol van Michelle Pfeiffer) haar minnaar (Billy Connolly dus) uit de weg ruimt met het gif, getrokken uit haar lievelingsbloem, witte oleander. In december 2014 was Connolly te zien als de dwergenkoning Daín II van de IJzerheuvels, in de afsluitende film van de Hobbit-trilogie ‘The Battle of the Five Armies’ van regisseur Peter Jackson.
In 2001 publiceerde Pamela Stephenson een biografie van haar man met de titel Billy. Het schetst zijn carrière en leven, met inbegrip van het seksueel misbruik door zijn vader, dat van zijn tiende tot zijn veertiende jaar duurde. Connolly schreef ook zelf verscheidene boeken, waaronder Billy Connolly (eind 1970) en Gullible’s Travels (begin 1980), beide op basis van zijn podiumoptredens, maar hij schreef ook boeken op basis van een aantal van zijn “World Tour”-serie voor de BBC. (Wikipedia)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.