Heel die discussie over het afschaffen van Zwarte Piet komt me zo de strot uit. In de Islam worden vrouwen en homo’s gediscrimineerd en dieren beestachtig vermoord, maar daar durft niemand over spreken. Dat heet dan “culturele eigenheid“, terwijl Sinterklaas en zijn Piet toch wel tot ónze culturele eigenheid behoort, zeker! Of niet soms? Humo had daarover vele jaren geleden een gesprek met psycholoog Jan Swertvaegher, die niet alleen elk jaar de bisschopskleren aantrekt om Sinterklaas te spelen, maar bovendien gegrepen is door de fascinerende figuur van deze merkwaardige heilige. Zelf probeerde ik in die tijd (1985) via een dubbele aflevering van de rubriek “aan het lijntje” aan de weet te komen wie eigenlijk al die vervang-Sinten waren die rond 6 december in het straatbeeld opduiken. Hieronder beide stukken…

IMGEerst Swertvaegher : Het is nogal duidelijk dat het feest van Sinterklaas teruggaat tot de oeroude heidense cultus van de vruchtbaarheid, zoals alle feesten trouwens die vallen tussen 11 november (Sint-Maarten) en 6 januari (Driekoningen). Onze voorouders waren boeren, en vruchtbaarheid was een zaak van leven of dood. Terwijl ze dus zaten te wachten op midwinter, de hergeboorte van de zon en het lengen van de dagen, volbrachten ze riten en offers om de nieuwe zon zoveel mogelijk kracht te geven.
HUMO : Zijn daar bij Sinterklaas nog overblijfsels van te vinden ?
Swertvaegher : Het krioelt ervan. Als de brave kindjes hun schoentje vullen met hooi of haver voor het paard van de Sint, is dat een overblijfsel van het graanoffer. In de oude riten speelde de laatste bundel die op het veld geoogst werd een belangrijke rol, want daarin zat de geest van het koren. Hij werd op de schoorsteenmantel bewaard tot het volgende jaar, of geofferd, of er werd een speciale koek van gemaakt die plechtig opgegeten werd. In Zweden en Denemarken wordt er een ” Julblock ” mee gebakken, in de vorm van een varken. Daar ligt de oorsprong van onze Sinterklazen in spekulaas die je nu in de winkels ziet liggen.
HUMO : En waar komt dat paard van Sinterklaas in hemelsnaam vandaan ?
Swertvaegher :In de Griekse mythen over de Heilige Nikolaos is er nergens sprake van een paard, maar wel in de Germaanse mythologie : Wodan reed met zijn achtpotige hengst Sleipnir door de lucht om de velden vruchtbaar te maken. Niet alleen Sinterklaas rijdt trouwens te paard, maar ook Sinte Maarten, die in sommige streken de rol van Klaas speelt en zonder twijfel een heidense god vervangen heeft, zoals de bepaald heidense Sint-Maarten-vuren getuigen.
HUMO : Zwarte Piet, waar komt die eigenlijk vandaan ?
Swertvaegher : Zwarte Piet is de duivel. In de Griekse traditie vind je veel verhalen van Nikolaos die de duivel verdreef, ketende of in een afgrond wierp. In de dertiende eeuw, toen de faam van Sinterklaas bij ons zijn hoogtepunt bereikte, was ook het geloof in de duivel op zijn toppunt, en men kan zich voorstellen dat Sinterklaas en de duivel in de Middeleeuwse mirakelspelen naast elkaar op de scène verschenen om het gevecht tussen goed en kwaad uit te beelden. Dat eindigde altijd met een happy-end, Sinterklaas die de duivel versloeg en ketende. In de Middeleeuwse scholen verscheen Sinterklaas wellicht met een geketende duivel, die later wel een goed getemde knecht werd, maar dan wel één die stoute kinderen in een zak meenam. Naar de hel, onderverstaan. Zwarte Piet is het symbool van de heidense seks om het genot, getemd door Sinterklaas, symbool van de christelijke seks in dienst van de voortplanting.
HUMO : Waar komt het verhaal vandaan dat Sinterklaas in Spanje woont ? In geen enkele legende is er van Spanje sprake.
Swertvaegher : Wij zijn in de geschiedenis eeuwenlang nauw verbonden geweest met Spanje. Toen Zwarte Piet zijn image van duivel vervangen had voor dat van knecht werd hij ook ” de Moor ” genoemd. Moren kwamen uit Spanje en Spaanse edelen hadden dikwijls zwarte knechten. Sinterklaas had ook een zwarte knecht, dus moest die ook wel uit Spanje komen, redeneerde men.
HUMO : Waarom wordt Sinterklaas voorgesteld als een stokoude man ? Dat lijkt toch in tegenspraak met zijn oorspronkelijke functie als vruchtbaarheidssymbool ?
Swertvaegher : Dat is een heel merkwaardig fenomeen. Sinterklaas is een van de weinige mythologische figuren die in de loop der eeuwen inderdaad oud geworden is. Als je de afbeeldingen van Sinterklaas bekijkt van de elfde tot de 17de eeuw zie je hem zó vergrijzen. Dat is wellicht een verdringing, een onderdrukken van zijn uitgesproken seksuele betekenis. Hetzelfde fenomeen heb je met Sint Jozef, waar ze gaandeweg zo’n grijsaard van gemaakt hebben dat hij helemaal niet meer in aanmerking kwam als biologische vader van Christus.
Tot zover Humo. Nu over naar De Rode Vaan:
Naar verluidt was er een driejarig knaapje dat in een warenhuis in Manchester aan de plaatselijke Sinterklaas een waterpistool vroeg. Tot grote verbazing van de omstaanders (en tot verontwaardiging van de vader die klacht neerlegde) antwoordde de brave Sint : « Wat zou je denken van een echt exemplaar om Margaret Thatcher neer te knallen ? » Onafgezien van het feit of wij zo’n opmerking nu al dan niet pedagogisch verantwoord vinden, geeft het toch te denken : wie zijn die mensen eigenlijk die voor Sinterklaas spelen ? Hoe geraak je eraan ? Hoeveel kosten ze ? Hebben ze « verworven rechten » ? We probeerden het via een telefrats á la Capiau : we informeerden bij een bekend interimbureau, bij de RVA en bij de jobdienst van de VUB of we bij hen soms een Sint konden huren voor één dag. Eerst komt het interimbureau aan de beurt.
I.B. : Dat hebben we nog nooit meegemaakt Als wij iemand uitsturen dan moet die persoon in kwestie betaald worden. Ik vraag me dus af of het niet eenvoudiger kan, of u dat niet kunt vragen aan iemand die dat doet voor zijn plezier en die daarvoor niet hoeft te worden betaald.
— Maar waar moet ik die persoon dan vinden ?
I.B. :
Ik zou het niet weten. lk weet trouwens ook niet zeker of het bij ons niet kan. Ik kan u even doorverbinden met een collega.
I.B. (2) : Dag mijnheer, we kunnen u wel degelijk iemand sturen die dat kan doen, hoor. Wat wij echter niet hebben, dat zijn de kleren.
— Daar zorgen wij dan wel voor, maar wat gaat u ons sturen ? Een werkloze acteur of zo ?
I.B. (lacht) :
We hebben alle soorten interimarissen en daarin zitten er ook een aantal voor animatie. Dat zijn dan mensen voor congressen en zo.
— Hostessen, bedoelt u ?
I.B. :
Ja, maar dan ook mannen, hé, die gewoon zijn van aan manifestaties deel te nemen. Ik moet wel toegeven dat dit iets heel apart is, maar ik neem aan dat zij wel in staat zijn om ook als Sinterklaas te fungeren.
— Komen die dan uit scholen waar men een dergelijke opleiding geeft ?
I.B. :
Meestal wel, ja, al zijn er mensen bij die dat door ervaring hebben opgebouwd, die zich daarin hebben gespecialiseerd.
— Maar niemand heeft zich blijkbaar in Sinterklaas gespecialiseerd ?
I.B. :
Nee, maar in mijn fichier kan ik wel nakijken of iemand dat reeds heeft gedaan. Soms krijg ik nog wel eens zo’n merkwaardige verzoeken, maar ik kan moeilijk tot in de puntjes opschrijven wat die mensen allemaal al gedaan hebben. Ik zal hen echter opbellen en vragen bent u al ooit Sinterklaas geweest ?
— Maar we hebben nog geen afspraken gemaakt over de prijs…
I.B. :
Oh, ik wil dat louter informatief doen, hoor. U bindt zich tot niets als ik die mensen opbel.
— Die prijs wordt dan bepaald door de mensen die daarvoor in aanmerking zouden komen ?
I.B. :
Mede. Maar de prijs hangt meestal van de klant zelf af. Ik kan u dus nu al vragen op basis van welk maandsalaris u die man zou betalen en dan rekenen wij uit hoeveel dat dan bedraagt voor één dag.
— Ik zou dat niet kunnen zeggen, hoor.
I.B. :
Weet je wat, ik zal een richtprijs voor u berekenen en dan bel ik u straks terug…
Zo gezegd, zo gedaan, in de namiddag is de lieve juffrouw opnieuw aan de lijn :
I.B.:
Wij hebben een paar mensen gevonden die dat al gedaan hebben. Voor dergelijke mensen, zoals die hostessen, maken wij dan een forfaitaire prijs op, aangezien die niet lang in dienst zijn. We gaan daarbij uit van een prijs van 220 fr per uur of 1.760 fr per dag. In facturatieprijs komt dat op 3.798 fr. Daar zit in : de indexatie met een coëfficiënt van 1.0404, en dat vermenigvuldigd met 1.9. In die 1.9 zit onze verzekering. Als die persoon immers een arbeidsongeval krijgt of ziek valt, dan moeten wij dat betalen, want wij zijn de werkgever, niet u. En dan hebben we nog een winstcoëfficiënt van plus-veertig per uur. Onze firma kan zelf voor u ook het kostuum huren, dan komt daar dus nog de prijs van de verhuurfirma bij, waarop wij uiteraard geen winst maken.
Gelukkig maar, want wat die winstcoëfficiënt van plus-veertig per uur ook moge betekenen, het klinkt al indrukwekkend ! Ik zal dus zelf nog maar eens Sinterklaas spelen dit jaar, tenzij we iemand bij de RVA of de VUB vinden. Come and see next week!
Even ter herinnering : via een telefrats zijn we op zoek naar een Sinterklaas. Vorige week hadden we een interimbureau aan het lijntje die ons best iemand wou leveren, maar dan voor zo maar eventjes 3.798 fr per dag (huren van de kledij niet inbegrepen), waarvan slechts 1.760 fr naar die persoon in kwestie gaat ! Het spreekt dus vanzelf dat we naar een goedkopere oplossing uitkeken. De R.V.A. b.v. of de jobdienst van de V.U.B. Maar ook daar staan ons enige verrassingen te wachten. Bij de T-service van de R.V.A. krijgen we b.v. al meteen een merkwaardig antwoord :
T.S. : Dat is tamelijk moeilijk om zo iemand te vinden, hoor. Heeft u de R.V.A. al opgebeld ?
— Maar u bént toch de R. V.A. ?
T.S. :
Neenee, wij hangen alleen voor de boekhouding af van de R.V.A., maar wij zijn eigenlijk een interimbureau. Ik zal u echter het juiste nummer geven, waar u moet zijn, daar zijn ze immers wel gewoon van zo’n aanvragen te krijgen…
Gewoon ? Nouja, hoor maar…
R.V.A. :
Voor één dag is het wel moeilijk, weet u. Maar geeft u maar uw adres, ik zal wel trachten iemand te vinden.
— Maar is dat niet wat voorbarig ? Hoeveel gaat dat b.v. kosten ?
R.V.A. :
Och, dat hangt ervan af wat u die persoon wil betalen, hé. Voor ons heeft dat geen belang. Wij sturen u iemand en als die wil werken voor de prijs die u hem aanbiedt, is dat geen enkel probleem.
— En die komt zich onmiddellijk aanbieden ? Maar u gaat dan toch niet eender wie sturen ?
R.V.A. :
Wij hebben hier eigenlijk iemand die dat al gedaan heeft, maar dat is een Franstalige. Kan ik u volgende week niet terugbellen ?
— Dat is toch wat te lang, hoor…
R.V.A. :
Wacht, wacht, ik heb hier een collega die dat wel zou willen doen.
— Iemand die bij jullie werkt ? Dat is dus geen werkloze ?
R.V.A. :
We kunnen dat wel uithangen voor werkzoekenden, maar…
— Maar als dat iemand van uw dienst is, dan kan mijn baas toch net zo goed zeggen: « Doe jij dat maar » ? Hij had blijkbaar een filantropische bui en wou een werkloze wat laten bijverdienen…
R.V.A. :
Maar wij zouden dat doen om u uit de nood te helpen, hé !
Dat is niet de bedoeling. Toch bedankt ! Misschien is er wel een student die een centje wil bijverdienen ?
V.U.B. :
We zijn op dit moment al een kerstman aan het zoeken, we zullen dat er dan maar bijnemen, zeker ?
— Ja, zo nauw steekt het nu ook weer niet, hé ?
V.U.B. :
Maar moet die student zelf voor kledij en zo zorgen ?
— We zouden daar zelf wel kunnen aan geraken, als het dan niet te duur wordt, hé. Hoeveel moeten we eigenlijk die student betalen ?
V.U.B. :
Honderdzestig frank per uur.
— Dat is niet duur !
V.U.B. :
Nee, maar ik kan niet garanderen dat wij daar iemand voor vinden.
— En die kerstman dan ?
V.U.B. :
Daar was inderdaad een kandidaat voor, maar die moest perfect tweetalig zijn en dat was-ie niet…
— Oh maar bij ons is dat niet nodig, hoor ! Anderzijds, met Sint-Verhaegen nog in het achterhoofd : die student gaat toch geen zottigheid uithalen ?
V.U.B. :
Ik denk van niet. Als hij die job aanneemt, moet hij datgene doen wat de werkgever van hem verlangt.
— En kunt u ons ook een Zwarte Piet bezorgen ? Of beter nog, een Zwarte Miet, dat heb ik hier en daar al gezien.
V.U.B. (schatert):
Dat zou u zelf wel willen, zeker ! Maar goed, dat kan ja. Dat is dan ook honderdzestig frank per uur.
Maar hoeveel kost zo’n kostuum ? Dat vroegen we bij een winkel die dergelijke kledij verhuurt.
K. V. :
1.900 fr plus BTW.
— Alles inbegrepen ?
K. V. :
Non, monsieur, voor de baard en de pruik moet u bij de pruikenmaker zijn…
— Hallo, pruikenmaker ?
P. :
1.370 fr, TVA compris, monsieur.
Dat maakt in totaal 3.631 fr, als we goed kunnen tellen. Terwijl we voor de arme Sint zelf slechts 1.280 fr zouden moeten betalen (achturendag). De kleren maken dus ook hier duidelijk de man !

Referentie
Jan Draad, Sinterklaas aan het lijntje, De Rode Vaan nr.48 en 49 van 1985

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s