Vandaag is het 430 jaar geleden dat in Firenze Francesca Caccini is geboren. Zij was waarschijnlijk de meest invloedrijke vrouwelijke componist sinds Hildegard van Bingen en zou dat tot in de negentiende eeuw blijven. Haar “La liberazione di Ruggiero dall’isola d’Alcina” was vermoedelijk de eerste opera die door een vrouw werd geschreven. Haar troetelnaampje was La Cecchina.

Caccini kreeg een humanistische opleiding en werd in de muziek ingewijd door haar vader. Vooral als zangeres maakte ze indruk, zowel in als buiten Italië. Al op de leeftijd van dertien jaar maakte zij haar debuut als zangeres in Jacopo Peri’s L’Euridice. Ze werd geprezen door Monteverdi omwille van haar vocale en instrumentale capaciteiten. Caccini toonde daarnaast ook een stevig compositorisch talent. Ze schreef vele intermedii voor het hof van de Medici en verwierf vooral succes met vijf opera’s (toentertijd een pas ontstaan genre), die haar tot één van de bestbetaalde musici aan het Florentijnse hof maakten. Hiervoor werkte zij meestal samen met librettist Michelangelo Buonarotti de Jongere.
Caccini trouwde op 11 november 1607 met een lid van de Florentijnse Camerata, Giovanni Battista Signorini. Het huwelijk bracht in 1622 een dochter genaamd Margherita voort en duurde tot Signorini’s overlijden in december 1626. Op 4 oktober 1627 hertrouwde Caccini met de aristocratische muziekliefhebber Tommaso Raffaeli, met wie zij naar Lucca verhuisde en van wie zij beviel van hun zoon Tommaso junior. Rafaelli overleed echter in 1630. Na Rafaelli’s dood keerde Caccini terug naar het hof in Firenze, waar zij haar oude positie opnam.
Op 8 mei 1641 verliet Caccini opnieuw het Florentijnse hof. Na dit jaar is er zeer weinig informatie over haar overgeleverd. De datum en omstandigheden van haar dood zijn onbekend.
Caccini heeft meegewerkt aan tenminste zestien muziektheaterwerken. Ze schreef in totaal vijf opera’s, waarvan echter slechts één (La Liberazione di Ruggiero) zo goed als volledig is bewaard gebleven. Daarnaast kennen we fragmenten van La Tancia en Il Passatempo en hebben we een beschrijving van het werk La Stiava. Voor de rest kennen we enkel het boek Il primo libro delle musiche, met stukken voor één of twee stemmen met basso continuo: madrigalen, canzonettes, toonzettingen van sonnetten, variaties, en wat gewijde muziek. Dit laatste boek is vermoedelijk geschreven in functie van haar positie als leerkracht. Het bevat 19 religieuze solostukken, 13 profane sololiederen en 4 duetten voor sopraan en bas. De meeste van deze werken zijn vermoedelijk gemodelleerd naar haar eigen virtuoze stem.
La liberazione di Ruggiero dal’isola d’Alcina (1625) is dus de enige opera die vandaag is overgeleverd, de eerste ook door een vrouw geschreven en – voor zover bekend – de eerste Italiaanse opera die buiten Italië werd opgevoerd. Deze uitvoering vond plaats in Warschau, vermits het werk aan de Poolse prins Ladislaus Sigismondo was opgedragen (later Wladislaw IV). Deze compositie is een propagandawerk ten voordele van het toenmalige regentschap van Christine van Lotharingen en Maria Magdalena van Oostenrijk. Er bestaat discussie over het gebruik van de term “opera” in deze context, gezien Caccini het zelf als een ballet benoemde. Eén van de meest recente uitvoeringen is die onder de leiding van Gentenaar Florian Heyerick. (Wikipedia)

1c17cac1af779abf3da2be8689101d4f--women-in-history-bernardo

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s