Het is vandaag 220 jaar geleden dat Mary Wollstonecraft Godwin, na haar huwelijk vooral bekend als Mary Shelley, werd geboren. Zij is vooral bekend als auteur van “Frankenstein”, één van de eerste en belangrijkste zogenaamde “gothic novels“…

Waarom noemt men dat genre nu juist “gotische romans” als ze zich vooral in Engeland afspelen? Dit “gotische” verwijst echter naar de bouwstijl van de meeste Engelse kastelen en meteen zijn we reeds bij sjabloon nummer één: het oude verlaten kasteel, liefst half in puin, met knarsende deuren, ingevallen grafzerken, roestige harnassen en krijsende vleermuizen.
Niet toevallig ontstond dit genre in een tijd dat de Industriële Revolutie in volle opgang was. De volledige titel van “Frankenstein” is zelfs “Frankenstein or the Modern Prometheus”: ook auteur Mary Shelley legt dus de link met de hybris (hoogmoed) van de mens, of het nu Prometheus of Victor Frankenstein is, die de Schepper tart door het vuur te stelen of door het vuur aan te wenden om een mens tot leven te wekken. Niemand minder dan markies De Sade merkt in zijn “Idées sur les romans” (uit 1800!) reeds op dat het succes onverbiddelijk gelieerd was aan een tijd waarin “il n’y a point d’individu qui n’eût plus éprouvé d’infortunes en quatre ou cinq ans que n’en pouvait peindre en un siècle le plus fameux romancier de la littérature: il fallait donc appeler l’enfer à son secours.” We zouden zelfs kunnen stellen dat het min of meer een reactie was tegen de verloede­ring van een bepaald cultuurpatrimonium. De oude Engelse landadel was vaak zodanig verpauperd dat zij de indrukwekkende kastelen niet meer kon onderhouden, zodanig dat zij aan ver­puining ten prooi vielen en de ruïnes de dromerige geesten (daarmee bedoelen we dan de schrijvers) een uitstekend decor boden voor macabere vertellingen. Zo zien we dus samen met de eerste griezels ook de eerste groenen opduiken. Als dat niet merkwaardig is!
Daarnaast is “Frankenstein” (1818) ongetwijfeld ook geïnspireerd door de joodse legende over de golem of de homunculus, zoals Paracelsus die omstreeks 1530 in een recept vastlegde. De benaming homunculus gaat daar rechtstreeks op terug aangezien Paracelsus schrijft dat de op die manier verkregen mens aan niets te onderscheiden valt van een “gewoon” mens, buiten het feit dat hij wat kleiner is (zie ook “Der Golem” van Gustav Meyrink uit 1915). Op de originele tekeningen bij het boek van Mary Shelley is het monster ook helemaal niet afschrikwekkend. Het wordt trouwens ook geen “monster” maar “creature” genoemd. En hij is ook niet moorddadig “van nature”, maar hij wordt dat wel omdat hij door de mensen wegens zijn uiterlijk beestachtig wordt behandeld. Een paar gevoelige toetsen die mevrouw Shelley aan het “monster” meegeeft, zijn er duidelijk op gericht dat het naast angst ook een zeker medelijden inboezemt, zodanig dat alle afkeer naar de “gekke wetenschapsman” gaat, een aspect dat ook vaak in “de schone en het beest”-verhalen opduikt. Het “monsterlijke” aspect is voornamelijk aan de filmversie met Boris Karloff (*) te wijten, al dient gezegd dat het ook al werd uitgespeeld in de toneelversie van H.M.Milner in 1823 (“Frankenstein: or, the man and the monster”) en dat Mary Shelley hieraan haar goedkeuring hechtte. (Opmerkelijk is dat in de toneelversie het monster zelfmoord pleegt door in de Etna te springen.)
Een mogelijke verklaring is dat door het “monsterachtige” het autobiografische element dat er zeker inzit naar de achtergrond verdwijnt, iets wat ze – zeker bij een toneelvoorstelling (net als later bij verfilmingen, wat ze natuurlijk niet meer heeft meegemaakt) – misschien wel op prijs heeft gesteld. Maar in haar eigen boek is het onmiskenbaar aanwezig. Mary Godwin, de echtgenote van de bekende romantische dichter Percy Byssche Shelley, was de dochter van William Godwin (auteur van o.a. “Enquiry concerning political justice”) en Lady Mary Wollstone­craft, een bekende feministe, cfr. haar boek “A vindication of the rights of woman”, dat als eerste het recht op seksuele gelijkheid claimde. Als hevige tegenstandster van het huwelijk (ze had reeds een kind van de Amerikaan Gilbert Imlay, had ook een verhouding gehad met de schilder Henry Fusely, maar ze had ook reeds twee zelfmoordpogingen achter de rug) was Lady Mary enkel getrouwd met Godwin, die ze nog maar pas kende, omdat ze opnieuw zwanger was. Ze is nota bene gestorven als gevolg van de geboorte van dat kind, dat om de verwarring nog groter te maken dus ook alweer Mary als naam meekreeg. Godwin is hertrouwd en met die stiefmoeder (Mary Jane Clairmont, “that odious creature”) vlotte het absoluut niet, zodat ze op 14-jarige leeftijd ergens ver van huis in Schotland werd ondergebracht. Net zoals het “monster” voelde ze zich dus in de steek gelaten door haar “schepper”. In haar nalatenschap vond men zelfs een roman, “Mathilda”, die over een incestrelatie tussen vader en dochter gaat! Opvallend is bovendien dat Victor Frankenstein een relatie aangaat met zijn geadopteerde zus Elisabeth. Eigenlijk is dit dus ook een (zij het niet letterlijke) incestueuze relatie.
Voor alle duidelijkheid: de eerste vrouw van Shelley was niet haar halfzuster Fanny, de dochter van Mary Wollstonecraft en Imlay, noch haar stiefzuster Jane Clairmont, zoals de legende wil, maar Harriet Westbrook. De verwarring is wellicht ontstaan door het feit dat Jane samen met Mary van huis is weggelopen om zich bij Shelley te vestigen, de rest laten we aan uw fantasie over. Eveneens is het waar dat Harriet zelfmoord pleegde, twee jaar nadat het trio naar Europa was gevlucht. Nauwelijks enkele weken nadat haar lichaam uit Hyde Park is gevist, huwt Mary met Shelley. Ondertussen is er reeds een te vroeg geboren baby gestorven en William (de naam was een zoenoffer om Godwin met de situatie te verzoenen), die kort nadien wordt geboren, zal eveneens niet lang leven. De inspiratie om een boek te schrijven over een mens die tot leven wordt gewekt door vuur vond Mary trouwens in een weerkerende droom waarin ze haar gestorven baby door warm te wrijven bij het vuur weer tot leven kon brengen.
Jane Clairmont was ook aanwezig op de fameuze vakantie in juni 1816, toen het idee voor het boek ontstond in de decadente sfeer die er in de gehuurde villa Diodati in Genève aan het meer van Leman heerste (de buurtbewoners eisten trouwens dat ze opkrasten o.m. omdat ze “orgieën” hielden). Mary was toen nog net geen 19 jaar! En ze was amper 25 toen Shelley verdronk. Ze bewaarde overigens zijn hart in… een lade van haar bureau, in een uitgave van zijn “Adonais”. Mary zou voor de rest van haar leven trachten aan de kost te komen met literatuur, maar meer dan “in leven blijven” was er niet bij. Geen enkele van haar boeken zou nog succes kennen, zelfs niet “off-springs” van haar ophefmakende roman zoals “The reanimated man” (1826) of “Transformation” (1830). Uiteindelijk zou ze nog het beste varen met een herwerkte uitgave van “Frankenstein” in 1831.
Op het einde van de 20ste eeuw was het echter “bon ton” om te zeggen dat “Frankenstein” toch niet helemaal dat was en dat haar tweede boek, “Valperga or the life and adventures of Castruccio, Prince of Lucca”, beter is…

Ronny De Schepper

(*) In “Arsenic and old lace” by Frank Capra the monstrous Jonathan Brewster, Raymond Massey’s film character, in eerie-looking screen makeup, resembled Boris Karloff, which was a running gag throughout the picture. On stage, Boris Karloff played the role. Because Karloff was still appearing in the Broadway play during the film’s production, he was unable to do the picture.

2 gedachtes over “Mary Shelley (1797-1851)

  1. De stiefzus van Mary Shelley (Godwin) was Claire Clairmont en niet Jane Clairmont die haar stiefmoeder was. Ik had je artikel gelezen en gezien ik nogal bezig ben met stamboom en zo, geraakte ik er niet wijs uit. Eventjes wat opzoekwerk gedaan en gemerkt dat je twee namen door elkaar gegooid hebt.

    Liked by 1 persoon

    1. Bedankt. De oorspronkelijke tekst dateert al uit de jaren tachtig (De Rode Vaan) en zelfs de laatste revisie moet zeker al tien of twintig jaar geleden zijn. Ik kon er, eerlijk gezegd, zelf niet meer aan uit. Wat een toestanden, zeg! Het leek “Thuis” wel, waar iedereen wel familie lijkt van mekaar (en in “Familie”, waar ik niet naar kijk, zijn ze zeker allemaal thuis bij elkaar). Ik ben wel blij dat je zelf verklaart hoe het komt dat je hierop reageert. Ik zou je natuurlijk groot onrecht aandoen door op te merken: dat heeft toch niets met wielrennen te maken? Maar ook met je vakgebied zag ik geen overeenkomst. Het blijkt dus echter met genealogie te maken te hebben. Wel, wel, wie had dat gedacht? Tijd te veel, zeker? :-)

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s