Gisteren is de Franse actrice Mireille Darc overleden. Het was Raymond Thielens die mij ervan op de hoogte bracht (waarvoor dank trouwens), maar ik had het al kunnen vermoeden, want mijn artikel over haar 75ste verjaardag stond in de top tien van meest gelezen stukken op mijn blog. Indien dit het geval is, dan weet ik meestal wel hoe laat het is…

Eigenlijk is zij pas heel laat doorgebroken, want pas in 1965 toonde zij haar prille borstjes in “Galia” van Georges Lautner. Iets wat haar handelsmerk zou worden. Maar zo pril waren die borstjes dus eigenlijk niet. Dankzij haar Lolita-figuurtje leek ze echter veel jonger dan ze in werkelijkheid was.
Let op: daarvóór had ze wel reeds een twintigtal films gedraaid, maar laten we eerlijk zijn, daarin hield ze haar kleren aan en daarom bleef ze ook onopgemerkt. Het begon al een beetje in 1964 toen ze ook al het vrouwelijke hoofdpersonage was in “Les barbouzes” van Georges Lautner, maar deze spionage-parodie was toch vooral rond de mannelijke spionnen, “les barbouzes”, opgebouwd zoals Lino Ventura, Bernard Blier of Francis Blanche. Een jaar later was ze ook te zien als hoertje in “Du rififi à Paname”, een nogal harde film van Denys de la Patellière, die eigenlijk rond Jean Gabin draaide.
Daarna volgde “La grande sauterelle” (Georges Lautner, 1967) en vooral een fotoreportage in de “Lui”, een mannenblad, wat veel handiger was dan een film, want zo’n blad kon men mee naar huis nemen om, euh, de interviews nog eens door te nemen.
Daarom is het des te merkwaardiger dat voor een paar scènes in de komedie “Monte-Carlo or bust” (1969) er… twee stand-ins werden gebruikt! (*) Gelukkig was dat niet het geval in Fantasia chez les ploucs, waarin ze de rol van een stripteaseuse vertolkte. Dans les années 1970, elle tourne toujours avec Georges Lautner dans Il était une fois un flic (1971) ou dans La Valise (1973). In dit scenario van Francis Veber (en dus niet langer Michel Audiard) lost ze op haar eentje het conflict in het Midden-Oosten op door met iedereen het bed in te duiken. Toch is het naakt hier eerder aan de schaarse kant: slechts één maal is ze frontaal naakt te zien als ze op haar balkon staat te zonnebaden (jawel, “stààt”: dat kan dus blijkbaar ook) maar de weerspiegeling van de zon in de ruit verhult de geheimzinnigste onderdelen.
Daarn is ze te zien met Pierre Richard in Le Grand Blond avec une chaussure noire (1972) puis Le Retour du grand blond (1974) d’Yves Robert où elle fait sensation avec une robe ultra-sexy. Voor één keer lag daarbij de nadruk nu eens niet op haar borstjes, maar wel op wat men dan noemt “een bouwvakkersdécolletée”, al doet die benaming de frele Mireille veel oneer aan natuurlijk. Het grappige is eigenlijk vooral dat dit een referentie inhoudt naar een gelijkaardig kleedje in “La grande sauterelle”.
Mireille Darc heette eigenlijk Mireille Aigroz. Ze wordt geboren in Toulon uit Zwitserse ouders. Haar jeugd is verschrikkelijk. Haar vader is namelijk niet haar echte vader. Hij zal haar heel de tijd “la bâtarde” noemen en neemt haar op een bepaalde dag mee naar de zolder waar hij een koord heeft opgehangen. “Hier zal ik ooit mijn nek doorsteken,” zegt hij, “en dat zal jouw schuld zijn.” Op vijftienjarige leeftijd verlaat ze dan ook het ouderlijk huis om zich in Parijs in te schrijven aan het conservatorium. Elle gagne sa vie pour payer ses cours de théâtre de Maurice Escande en posant pour un peintre mais également pour des romans-photos. Boven haar appartement wonen twee prostituées en op een bepaald moment verdient ze haar studiegeld door aanwezig te zijn bij klanten die graag hebben dat er iemand toekijkt terwijl ze neuken. Zelf heeft ze zich echter nooit geprostitueerd, zegt ze, ook al duikt in het onderzoek naar de moord op Stevan Markovich, de bodyguard van Alain Delon, het verhaal op dat ze voor Madame Claude werkt.
Ondertussen wordt ze ontdekt door Georges Lautner. Elle choisit le pseudonyme Darc par référence à Jeanne d’Arc, née en mai comme elle et à « l’Arc, la rivière de son enfance ». Elle jouait beaucoup aux côtés de son amant Alain Delon, notamment dans L’Homme pressé, Mort d’un pourri, Madly, Jeff, Les Seins de glace (**) et Borsalino. Ze zorgt voor zijn zoontje Anthony, alsof het haar eigen kind is, want zelf kan ze geen kinderen krijgen.
Dans les années 1980, sa carrière est interrompue par une opération à cœur ouvert. Puis, suite à un accident de voiture dans le tunnel d’Aoste dans lequel elle est grièvement blessée (la colonne vertébrale fracturée l’immobilise pendant trois mois dans une coquille à l’hôpital de Genève), et sa séparation d’avec Alain Delon après quinze ans de vie commune, elle quitte alors le cinéma et ne revient qu’à la télévision dans les années 1990. In 1997 was ze zo o.a. te zien in “Sappho ou la fureur d’aimer”, een televisiefilm gebaseerd op het werk van Alphonse Daudet. En 2003 de nouveau avec Alain Delon dans la série télévisée Frank Riva. Début 2007, elle monte sur les planches et interprète Sur la route de Madison au théâtre Marigny, évidemment en compagnie d’Alain Delon.

Ronny De Schepper (naar Wikipedia)

(*) Misschien omdat het voor één keer eens geen film van Lautner was?
(**) “Les seins de glace” is natuurlijk een toespeling op “Les saints de glace”, de ijsheiligen. Ik herinner me nog dat Maria Rosseels zich destijds in De Standaard bijzonder opwond over de Nederlandse titel die de woordspeling in één titel wou samenvatten met “De ijsheilige borsten”. Op één punt geef ik haar alvast gelijk: aangezien het over de borsten van Mireille Darc ging, ware “De ijsheilige borstjes” meer aangewezen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s