Het is vandaag al 45 jaar geleden dat de Duitse zangeres Lale Andersen is overleden aan leverkanker. Zij is vooral bekend van “Lili Marleen”, een oorlogshit die door soldaten aan beide kanten werd gesmaakt.

De nazi’s vonden het eigenlijk een deprimerend lied en wilden het verbieden. Maar ook de nazi’s konden niet op tegen de immense populariteit van “Lili Marleen”, die ze zelf in de hand hadden gewerkt door het plaatje van Lale Andersen steeds maar te draaien toen ze in 1941 Servië waren binnengevallen. Dat was dan enkel maar te wijten aan het feit dat dit de enige Duitse plaat was die ze in Belgrado konden vinden. Er waren tot dan toe in totaal immers slechts 700 exemplaren van verkocht!
Omdat hij het lied zelf niet kon tegenhouden, keerde Goebbels zich maar tegen de zangeres. Lale Andersen werd beticht van “contact met joden”. Dat was eigenlijk waar en daarom trachtte ze het land te ontvluchten. In Milaan werd ze echter aangehouden door de Gestapo en onder huisarrest geplaatst. Ze ondernam een zelfmoordpoging en op de een of andere manier kwamen de Britten dit te weten. Die maakten daar meteen wereldnieuws van, zij het dat ze de waarheid een handje hielpen door te zeggen dat ze reeds in een concentratiekamp zat. Precies door het feit dat Goebbels dit dan triomfantelijk kon loochenen hebben de Britten wellicht haar leven gered.
Nochtans hielden de Britse officieren evenmin van het neerslachtige lied als de nazi’s. Toen een aantal Engelse soldaten in een pub het nummer zongen, zei de toevallig aanwezige platenproducer J.J.Phillips hen dat ze konden opgepakt worden als Duitse spionnen. Waarop één van de soldaten antwoordde: “Als het je stoort dat we in het Duits zingen, waarom schrijf je ons dan geen Engelse tekst?” En Phillips dééd het. Samen met Tommie Connor schreef hij “My Lili of the Lamplight”. Op zes maanden tijd waren er een half miljoen exemplaren van de bladmuziek verkocht! Edith Piaf van haar kant nam een Franse versie op.
Eigenlijk is “Lili Marleen” een lied uit de eerste wereldoorlog. De tekst toch. Die werd geschreven door leerling-officier die in Berlijn verliefd was zowel op Lili als op Marleen, maar die wegens wacht lopen bij geen van beiden kon zijn. In een gedicht pende hij dan maar zijn frustraties neer en maakte er één en dezelfde persoon van. Veel later kwam de componist Norbert Schultze deze tekst tegen in een poëziebundel en hij zette er muziek op. Hij vroeg de tenor Jan Bayern het te zingen, maar die weigerde: “Te eenvoudig”. Daarom vroeg hij het maar aan cabaretzangeres Lale Andersen, al lag het uiteraard niet voor de hand deze tekst in de mond van een vrouw te leggen. Alhoewel… Als Marlene Dietrich het lied opneemt, wordt de tekst toch nog dubbelzinnig.
Na de oorlog werd het stil rond Lale Andersen. In 1949 huwde ze de Zwitserse componist Artur Beul (in 1922 was ze al eens getrouwd met de schilder Paul Ernst Wilke, waarmee ze drie kinderen heeft gekregen), drie jaar later had ze een dikke hit met het zelfgeschreven Die blaue Nacht am Hafen. In 1959 had ze ook een hit met Ein Schiff wird kommen… een cover van de hit van Melina Mercouri, Les enfants du Pirée of Never on sunday. Ze haalde hier een gouden plaat mee.
In 1961 vertegenwoordigde ze West-Duitsland op het Eurovisiesongfestival met Einmal sehen wir uns wieder. Ze eindigde als 13de. In de jaren zestig toerde ze nog door de USA en Canada.
Kort voor haar dood in 1972 publiceerde ze haar autobiografie Der Himmel hat viele Farben: Leben mit einem Lied, die een bestseller werd.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s