Frank Cools, die we vooral kennen als Brel-vertolker, bracht 25 jaar geleden in de kelder der paters Augustijnen (Academiestraat) Geoffrey Chaucers “Canterbury Tales” in een regie van Stan Milbou en een decor van Bob Snijers.

Frank Cools, ook bekend van “De getemde feeks” en de “Decamerone”, hield zich te strak aan de weliswaar voortreffelijke vertaling van Adriaan Jacob Barnouw uit 1930 om als verteller levendig over te komen.
Ook de keuze van de drie verhalen was een beetje onevenwichtig. De vertellingen van de meier (over de kus op het achterste, die volgens de bedrogen timmerman tot de zondvloed leidde, cfr.Pasolini) of van de molenaar (over zijn bedrogen collega) waren o.k., maar de fabel à la de la Fontaine over de vos en de haan miste een pointe.
Cools is ook een “kleinkunstenaar” en daarom verblijdde (?) hij ons ook met enkele liederen, waarin duidelijk de invloed van Leen Persijn was te horen, ook al kreeg ene Didier François de credits. De ode op het geslachtsorgaan heeft wel “hitpotenties” in een bepaalde context.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s