Bernard Thévenet en Bernard Hinault verdwenen vijf jaar geleden even uit de Tour om aanwezig te zijn op het huwelijk van Christopher Anquetil. Het was de wens van de jongste zoon van de vijfvoudige Tour-winnaar Jacques Anquetil om te trouwen op de dag dat de Tour in Quincampoix (naast Rouen), het dorp van zijn vader passeerde. Tourbaas Christian Prudhomme legde later op die avond een bloemenkrans neer op het graf van de ondertussen al meer dan 25 jaar geleden overleden Tour-winnaar.

Blijkbaar was Raymond Poulidor dus niét aanwezig op het huwelijksfeest. “Zie je wel!” zou Maarten Ducrot zeggen. Van hem was ik tijdens de Tourweken zijn boek “Wie de trui past, trekke hem aan” aan het lezen. En Ducrot poneert daarin dat Anquetil ook buiten de koers een bloedhekel had aan zijn eeuwige rivaal. Maar dat is helemaal niet waar. Integendeel. Na de loopbaan van Poulidor (die nog zo’n tien jaar langer duurde dan bij Anquetil) speelden zij samen vaak poker in Jacques’ villa (overigens vroeger de verblijfplaats van Guy de Maupassant). En toen bij Anquetil kanker werd vastgesteld, belde hij Poulidor op om hem te melden “dat hij wéér tweede zou worden”. Gevoel voor (zwarte) humor had hij dus wel, maître Anquetil.
Dat uitte zich bijvoorbeeld ook toen hij zich een yacht aanschafte. Die noemde hij immers “Sifflé”. Een allusie op het feit dat bij één van zijn Tour-overwinningen (in ’64 geloof ik) hij in het Parijse Prinsenpark werd uitgefloten door het publiek dat de kant van eeuwige tweede, Raymond Poulidor, had gekozen.
Jacques AnquetilOverigens heeft Jacques Anquetil nooit weggestoken dat hij (net als zijn idool Fausto Coppi) doping gebruikte. Zijn motto was: “Een amateurwielrenner mag zeker nooit doping gebruiken, maar van een profwielrenner kan men dit niet verlangen.” Bij hem was dit zogezegd (want hij weigerde een dopingcontrole na zijn uurrecord) niet om de prestaties te verbeteren, maar omdat hij wielrennen zo saai vond. Ooit zou hij met die andere Italiaanse tijdritspecialist Ercole Baldini eens afgesproken hebben om een lange tijdrit proper te rijden. Anquetil won de weddenschap, maar nadien stapte hij naar Baldini en zei heel ernstig: “Laten we dit nooit meer doen!” Toen na de dood van Tom Simpson dan ook de eerste dopingcontroles werden ingevoerd, was Anquetil een van de eersten om een stakingsactie hiertegen te leiden.
Maître Jacques was ook goed in ingewikkelde liefdesverhoudingen. Niet alleen was hij opnieuw net als Coppi met de zes jaar oudere vrouw van zijn dokter ervandoor (typisch dat dit in Frankrijk – al was het maar een paar jaar later en een paar honderd kilometer noordelijker – veel minder ophef maakte), maar later maakte hij het écht ingewikkeld door bij zijn stiefdochter Annie (de dochter van Jeanine en de dokter dus) een kind te verwekken (Sophie). Dat gebeurde dan nog wel op vraag van Jeanine, die geen kinderen meer kon krijgen. Zij had al gezien dat Jacques zijn oog had laten vallen op haar bevallige dochter en zij verkoos een ménage à trois boven in de steek gelaten worden. Deze merkwaardige verhouding hield vijftien jaar stand, ‘s avonds ging Jacques met Annie naar bed en tegen de ochtend ging hij Jeanine verwennen. De voordelen van een leven als sportman!
Maar dan wilde Annie meer het laken naar zich toetrekken. Jeanine wilde de leiding van het huishouden niet uit handen geven en Annie verliet met haar dochter het huis. Daarom haalde Jeanine haar zoon Alain weer terug binnen, maar deze was ondertussen getrouwd met een zekere Dominique. Jacques palmde ook zijn schoondochter in en zo werd Christopher geboren in 1986, dus niet zo heel lang vóór de dood van Jacques op 18 november 1987 wegens maagkanker. Jeanine, die ondertussen van hem was gescheiden (omdat Dominique wel slaagde, waar Annie had gefaald), vergaf hem alles en spaarde na zijn dood haar lof op haar echtgenoot in genen dele.
Eveneens zeer opvallend is dat al deze avonturen met de mantel der liefde (zeg dat wel) werden bedekt, terwijl deze pas vijftien jaar later breed zouden uitgesmeerd worden in de pers. Dat doet een beetje denken aan de Marilyn Monroe-anecdote in de VS (een journalist moest Kennedy “schaduwen” en zag tot zijn verbazing dat hij rendez-vous had met Marilyn; maar dat kwam niet in de krant, ondanks het feit dat het om politieke tegenstanders ging), zodat men zich met recht en rede kan afvragen of beschaving inderdaad een proces is van steeds beter worden…
De wielerwereld leerde JACQUES ANQUETIL kennen op 27 september 1953, toen de amper 19-jarige totaal onbekende Fransman de Grote Landenprijs won, een prestigieuze tijdrit die na 2004 werd afgevoerd. Na 140 kilometer is hij zes seconden sneller dan Roger Creton. Anquetil zou de Landenprijs negen keer winnen en liefst zes keer op rij van 1953 tot en met 1958.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s