Om de oprichting van Theater Arena toe te lichten, moeten we eerst en vooral ons wenden naar… het NTG! En met name naar de première op 20 mei 1967 van ‘De Vertraagde Film’ van Herman Teirlinck. Bij het groeten stapt regisseur Frans Roggen waardig en theatraal naar voren, om een breed saluut te brengen naar de zijloge côté jardin waar normaal directeur Poppe had moeten zitten. Die loge was echter leeg. Eén seconde verbazing, waarna het publiek  de geste meteen door heeft. Onder het applaus breekt een tumult uit van Poppe-fans die op de houten vloer stampen en minutenlang scanderen: “Poppe-Poppe-Poppe!”
Wanneer regisseur Roggen zich achteraf tussen het publiek via de grote trap naar de foyer wil begeven, krijgt hij van onheilsbode, de goede NTG-secretaris Roger Thienpont (die als Paul Berkenman de filmfragmenten had gedraaid), stilletjes te horen dat de Raad van Beheer zijn aanwezigheid op de receptie niet op prijs stelt. De flamboyante Frans Roggen maakt prompt een publieke scène: “Wat! De regisseur van het stuk wordt dus niet geduld op de receptie!”, etc. Roggen verlaat met slaande deuren het gebouw. Voorgoed.
En dat is dan ook het begin geweest van wat gezien werd als een anti-NTG-operatie: de stichting van Theater Arena met een schare van Poppe-getrouwen.
De benaming “Theater Arena” vinden we dan ook voor het eerst terug in 1968, gekoppeld aan het Amateurstoneelcentrum L.Van de Putte. Na één seizoen ging Arena onder impuls van Jacques Veys (foto) echter op eigen benen staan. Onder de artistieke leiding van Frans Roggen werd er vooral hedendaags theater gebracht: “De Meiden” (Genet), “De Nonnen” (Manet), “Huis Clos” (Sartre).

Voor het seizoen 71-72 werd de artistieke verantwoordelijkheid overgedragen aan Jo Gevers, die al meteen in de boeien werd geslagen voor “En ook de bloemen werden geboeid” van Fernando Arrabal. Daarnaast bracht men ook nog o.a. “Het leven en de werken van Leopold II” van Hugo Claus in een regie van Jacky Tummers met o.a. Anton Cogen, Herman Coertjens, Magda Cnudde, Achilles van Malderen, Jaak van de Velde, Dirk de Batist en Bob de Moor.
Jo Gevers regisseerde Anna Gevers, Anton Cogen, Achilles van Malderen, Luk Gillis “en nog iemand” in “Holocaustum of de Eenoog” van de Cubaan Eduardo Manet. Drie gevangen Romeinse slaven worden voor de keuze geplaatst: ofwel alle drie aan het kruis sterven, ofwel één die zich voor de twee anderen opoffert door zich in de arena door de leeuwen te laten verscheuren. Niemand is hiertoe bereid, tot er als lokkertje wordt aan toegevoegd dat vóór die leeuwenaffaire de vrijwilliger een luxe-leventje mag leiden. Dan is er wél een kandidaat, die inderdaad van de fijnste spijzen, de lekkerste dranken en de mooiste vrouwen proeft. Als zijn tijd gekomen, krabbelt hij echter terug, zodat zijn twee ondervoede companen hem bijna lynchen. Op dat moment verschijnt de Eenoog. Hij biedt aan om zich in hun plaats te laten slachtofferen. Zij denken dat het doorstoken kaart is en folteren integendeel hun weldoener. Ondertussen is het wel helemaal duidelijk dat hiermee Christus wordt bedoeld. Die slaagt er uiteindelijk in hen tot het christendom te bekeren, zodat ze alle drie een martelarendood tegemoet gaan om “in het hiernamaals” daarvan de vruchten te plukken. Als ze weg zijn, ontdoet Eenoog zich echter van zijn ooglap en lacht de toeschouwers cynisch toe. “God en de Kerk tonen zich in hun ware gedaante,” schrijft Donald Hendrickx in “Germaniak”.
Later op het seizoen is er nog “Wolfskinderen” van John Peacock in een vertaling van Joël Hanssens en een regie van Dré Poppe met Ivonne Lex, Leah Thys en Mark Willems en “Le Balcon” van Jean Genet met Johanna Geldof, Huguet Goossens, Bob De Moor, Anton Cogen, Herman Coertjens, Achilles van Malderen e.a.
In het spoor van Leah Thys kwam ook haar zus Chris vanuit Limburg naar Gent en naar Arena. Toen ze afgestudeerd was aan het Gentse conservatorium kon ze voor drie jaar aan de slag in Arena, o.a. in “Tis pity she’s a whore” en “Woyzeck”.
In 73-74 gooide Veys alweer het roer om. Hij trok Dirk Decleir aan als artistiek leider, maar voortaan zou er onder de benaming “De Werkgroep” meer “collectief” worden gewerkt. “De boerderij der dieren” was een veelbelovende start, maar toen Dirk Decleir schielijk overleed, kwam het tot een breuk tussen Veys en de Werkgroep.
Voor het seizoen 74-75 werd dan Jaak Van de Velde als leider aangesteld. Het eerste jaar stond nog in het teken van de Vlaamse dramaturgie (“Greenwich” van Walter Van den Broeck, “Het gezin” van Alice Toen, “Pas de deux” van Hugo Claus en “Prima Donna” van August Hendrickx), maar vanaf 75-76 wordt er resoluut voor muziektheater geopteerd met “Preservation” van Ray Davies in een regie van Alan Barlow. Karel Bogard (die ook de – minder geslaagde – vertaling had gemaakt) zorgde met zijn Kandahar voor de muziek. Dat een Engelse regisseur werd aangetrokken, leek op het eerste gezicht een goed idee, maar Barlow gaf toe The Kinks nauwelijks te kennen. De kritiek was dan ook vernietigend. O.a. voor Marcel de Stoop (1939-2006) en Daan Van den Durpel, “twee jongens die wanneer ze hun toneelpak een stijfselbeurt geven er zelf vergeten uit te kruipen,” aldus Marc Didden. Alleen Karel Vingerhoets kan op een beetje clementie rekenen.
“Shitler” van Eddy Asselbergs was ook een musical, zij het dat daarnaast ook nog plaats was voor “Woyzeck” van Georg Büchner, overigens in een regie van Jaak Van de Velde zelf. In 76-77 volgt “Same player shoots again” van Bert Verhoye, opnieuw in een regie van Jaak Van de Velde, en “Sun Man” en “Don”, een rockbewerking van respectievelijk Shakespeare en Molière. Daarna was er nog “Tuin der Lusten” van Arrabal. Die kwam ook aan bod tijdens het seizoen 77-78 met “Fando en Lis” (met Jakob Beks en een decor van Jacky Berwouts), terwijl in het café “Er is nog veel leed in de prairie” liep, opnieuw van Bert Verhoye, maar nu in een regie van Marnix Verduyn. Deze keer was het echter geen succes en diende de voorstelling zelfs voortijdig te worden geschrapt. Ze kon niet worden gered door Lieve Cools, Mia Grijp, Wim Huys en zelfs niet door Frankie March met zijn Elvis-imitatie. De groep Hatch (Tony Boast, Raf Lenssens, Walter Stes en David Warwick) stond voor de begeleiding in.
00 theater arenaRond die tijd bood ik mijn eigen rock-opera “De Kat” aan aan Arena. Eigenlijk heb ik hierop nooit een officiële reactie gehad. Het is pas langs omwegen (Marijn Devalck, Linda Lepomme, een toevallig passerende Marc Didden) dat ik weet dat er wel degelijk over gesproken is.
Verder was er dat seizoen nog o.a. “Berlin-Broadway met Kurt Weill”, “La cage aux folles” en “Toch zonde dat ’t een hoer is” van John Ford in een vertaling van Joël Hanssens, een regie van Jaak van de Velde en decor en kostuums van Andrei Ivaneanu. Met Jacques Veys, Bert van Tichelen, Wim Huys, Marcel De Stoop, Marijn Devalck, Marc Steemans, Hans Royaards, Daan van den Durpel, Jo De Meyere, Jakob Beks, Guy De Clercq, Wim Lanckrock, Chris Thys, Linda Lepomme, Mia Grijp en Carmen Jonckheere. De seizoenen daarop volgden o.a. “Marat/Sade”, “Peer Gynt”, “Oh, what a lovely war”, “Brel, een reconstructie” (van Walter Ertvelt, 11/11/1978) en “Foxtrot” (van Annie M.G.Schmidt, april ’81).
Op 26 september 1981 ging de “Driestuiversopera” in première in een regie van Jaak van de Velde, een decor van Jacques Berwouts, een vertaling van Ton Lutz en liedjesteksten van Walter Ertvelt. Daarna volgden nog “Piaf” (dat in januari ’82 reeds aan een herneming toe was), “Chicago” en “Playmate“, een musical van Jaak van de Velde en Walter Ertvelt, met muziek van Ton Scherpenzeel (van de Nederlandse symfonische rockgroep Kayak), naar “Death of a playmate” van Peter Bogdanovitch.
Het omstreden theater Arena uit Gent pakte het volgende seizoen uit met « “Mistero Buffo” » van Dario Fo en gooit zichzelf daarmee voor de leeuwen, zoveel is zeker. Hoezeer men ook getracht heeft er een « andere » Buffo van te maken dan de Nieuwe Scène destijds heeft gedaan (zich hiervoor r.v. nr.34, ons gesprek « aan het lijntje » met actrice Erna Palsterman), de vergelijking zal ongetwijfeld worden gemaakt, temeer daar de kans erin zit dat tegen de premièredatum (25 september) de zaal van Arena (wegens moeilijkheden i.v.m. de brandveiligheid) niet speelklaar is en men overweegt om in een tent (!) te gaan spelen…
Niet ten onrechte merkte een confrater dan ook op of het geen waanzinnige onderneming is zo’n geëngageerd stuk in een als « liberaal » bekend staand theater te brengen. Uit het antwoord van directeur Jacques Veys (wiens haast fysieke afkeer van politiek theater gekend is) kunnen we alleen maar afleiden dat het politieke er zoveel mogelijk wordt afgehaald (de repetities worden trouwens gehouden in de zaal van het extreem-rechtse café « Roelandt »). Om sommige cruciale scènes en uitspraken zal men echter toch niet heen kunnen, vrezen we…
Voor het tweede stuk wordt dan ook zeker gespeeld door met Cole Porter-melodieën uit te pakken. Alhoewel. Om copyright-redenen hebben Jaak Van de Velde en Walter Ertvelt een heel eigen bewerking moeten maken van de geselecteerde nummers en het geheel in het Parijs van de jaren dertig gesitueerd.
Daarop volgen twee programma’s waarin telkens een actrice in het brandpunt staat. Op 8 januari hebben we « Devos Los » waarin Katrien Devos een showprogramma brengt op tekst van Wim Hogenkamp. Ze wordt hiervoor bijgestaan door de muzikanten van Johan Verminnen. Ondertussen repeteert het huisorkest van Arena immers voor “Mijn show is klaar, nu ga ik in première” en die « ik » dat is dan Linda Lepomme. Deze Amerikaanse musical geschreven en gecomponeerd door vrouwen wordt als « feministisch » omschreven. Première 19 maart.
Het klapstuk moet dan worden (op 30 april) « Company » van niemand minder dan Stephen Sondheim. Deze musical die wat de vocale prestaties betreft aanleunt bij opera zal heel wat vergen van de acteurs, maar daar staat tegenover dat deze met ongeveer de helft van de liedjes reeds vertrouwd zijn omdat die ook in « Side by side », een productie van een paar jaren geleden, reeds voorkwamen.
De toegangsprijzen zijn, gezien de bezuinigingen, iets gestegen tot 200 fr per voorstelling maar er zijn wel diverse kortingen tot 150 fr. Of beter nog : er zijn abonnementen van 480 fr, 550 fr of 650 fr, waardoor je — en dat is nieuw — ook reductie krijgt voor gastvoorstellingen. En hierbij horen mogelijkerwijze Jozef Van den Berg en Radeis, zodus. Wie hierover meer inlichtingen wil, belt naar 091/26.33.08, waar u ook plaatsen kunt reserveren.
In de herfst van 1983 was het dan de beurt aan “Mahagonny“, gevolgd door “The Rocky Horror Show” (eind ’83) “Plankenkoorts” en “Pal Joey” (april ’84).
In oktober volgde dan “(They’re playing our) Song” van Neil Simon met muziek van Marvin Hamlisch en liedjesteksten van Carole Bayer Sager. De vertaling was van Hugo Heinen, de muzikale leiding van Henk van Dijk en in een regie van Jaak van de Velde. Bepaalde confraters hadden lof voor deze musical waarmee Arena « het jaar van de waarheid » inzette. En zonder nu meteen de superlatieven uit de kast te halen, konden we hen hier toch in volgen. Dit niemendalletje werd vlot en professioneel gebracht door de Belg Robert Borremans en de Nederlandse Carolien van den Berg (het betreft een co-productie). Gezien de kleine bezetting kon ook aan de chorus-line (drie jongens, drie meisjes) meer aandacht worden besteed en dit met goed gevolg (vooral de scène met de speelgoedpianootjes mag hiervoor model staan). Met het draaidecor liep er nu en dan wel eens iets mis, maar een kniesoor die zich daaraan stoort. (De Rode Vaan nr.41 van 1984)
Op het einde van 1984 was er dan de première van “Jesus Christ Superstar“, wat een zeer groot succes was, maar begin ’85 was “Grease” daarentegen een tegenvaller. Nog erger was “Scrambled Feet” (Plankenkoorts) van John Driver & Jeffrey Haddow in een regie van Dirk Bauters en Wim Lanckrock. Het werd opgevoerd door Annick Christiaens, Jo De Backer, Erna Palsterman, Karel Deruwe en Marijn Devalck. Nederlandse bewerking: Rudy Vandendaele; decor: Jacky Berwouts (21/02/84). Het seizoen eindigde met “La cage au jazz“, een geschiedenis van de jazz door Paul Berkenman.
Bij het begin van het seizoen 1985-86 werd Arena opgedoekt. Het personeel werd grotendeels toegevoegd aan het Ballet van Vlaanderen om daar de musicalafdeling te vormen.

Referentie
Ronny De Schepper, Arena: voor de leeuwen, De Rode Vaan nr.37 van 1982
(met dank aan Frans Redant voor bijkomende informatie en aan Jean-Pierre Bouckaert voor de foto van het Arena-gezelschap in 1978)

11 gedachtes over “Vijftig jaar geleden: de kiemen voor Theater Arena

  1. Wat goed dat deze beknopte geschiedenis van Theater Arena bestaat. Ik heb destijds heel wat van hun musicals gezien. Als ik me niet vergis speelde het gezelschap zelfs een tijdje de musical Johnny Limbo, toentertijd de eerste musical die door een Vlaming was geschreven (bassist Walter ? schreef de muziek en Walter Ertvelt de teksten). Linda moet dat nog wel weten.

    Liked by 1 persoon

  2. Volgens mij heette die bassist Walter Stas.
    Helaas heb ikzelf “Johnny Limbo” nooit gezien en op die manier kan ik het dus ook niet plaatsen in mijn (erg persoonlijke) geschiedenis van het Arenatheater.
    Ik heb destijds van elk stuk dat of elke musical die ik heb bijgewoond een recensie geschreven, maar dat was nog in het pré-computertijdperk en die zijn dus nog niet gedigitaliseerd. Maar dat komt ooit nog wel, dat beloof ik.

    Like

  3. Graag had ik geweten of iemand beeldmateriaal (foto’s, opnames geluid, filmfragmenten, …) heeft van wat op de planken leefde destijds.
    U zou mij daar ten zeerste mee plezieren. Uiteraard hoeft dit niet eens kosteloos!
    Al (Oh I do wish…) uwer reacties mag U mailen naar : a.happy.thought@gmail.com
    Alvast hartelijk bedankt voor eenieder dit stukje cultuurgeschiedenis met me delen wil!
    L. LOSSIE

    Liked by 1 persoon

      1. Fantastisch, Jean-Pierre. Zeker niks weggooien. En als je ’t een en ’t ander op internet gaat zetten, wil je me dan op de hoogte houden? En daarnaast hoop ik op jou een beroep te kunnen doen voor eventuele betwistingen natuurlijk. Alvast bedankt bij voorbaat.

        Like

  4. Dag Jacques,
    toevallig bots ik op jouw naam; ik ben Carla Piers,nichtje van Marcel Camphyn en Yvonne Hanssens.
    Ik weet niet of deze mail je zal bereiken maar ik had graag jullie gegevens gehad om nog eens te kunnen babbelen over vroeger.
    Groetjes,
    Piers C.

    Liked by 1 persoon

  5. @ jean-pierre bouckaert

    Fijn dit te lezen… Mocht U of een computerbehendig familielid van U even de tijd willen doden met het verrijken van het wereld wijde web met uw culturele nalatenschap ware ik u dankbaar ten gepaste tijden met een slideshowke of webfilmpje verrast te worden.

    (ik kan gerust mocht u hier iets minder technisch in thuis zijn verwijzen naar bv webpaginas waar u leuke gratis esthetisch verantwoorde en enigzins bijpassende oploaders kan vinden voor fotos en ander beeldmateriaal (na digitalisering).

    Leslie LOSSIE

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s