Vandaag is het 160 jaar geleden dat de roman “Madame Bovary” van Gustave Flaubert werd gepubliceerd. Ter gelegenheid daarvan publiceert Le Figaro nogmaals de recensie die toen in de krant is verschenen. Daarbij plaatsen ze als illustratie enkele tekeningen uit de uitgave van 1935: v.l.n.r. Charles en Emma Bovary en de apotheker Homais. De tekeningen zijn van Eugène Chahine.

Gustave Flaubert is vooral bekend geworden met “Madame Bovary”. “Dat de vertaling van Madame Bovary goed genoeg werd bevonden om als feuilleton te worden afgedrukt in Playboy – op de omslag aangekondigd als ‘De meest aanstootgevende roman aller tijden’ – is van een flagrante ironie waar Flaubert het wel mee eens zou zijn geweest,” schrijft Julian Barnes. En hij gaat door: “In het prospectus van de Amerikaanse Vikinguitgave wordt Emma ‘de oer-desperate housewife‘ genoemd, wat, hoe lullig het ook klinkt, niet ver naast de werkelijkheid ligt. Madame Bovary is een heleboel – een volmaakt voorbeeld van fictionele machinerie, hoogtepunt van het realisme, moordenaar van de Romantiek, een complexe studie van een mislukking – maar het is ook de eerste grote shopping-and-fucking-roman.”

Van 1846 tot 1854 onderhield Flaubert een relatie met de dichteres Louise Colet. Hun brieven zijn bewaard en volgens Emile Faguet was dit de enige sentimentele episode van belang in het leven van Flaubert, die nooit is getrouwd. Men neemt dan ook aan dat hij op haar zijn “Madame Bovary” inspireerde, al zijn de gebeurtenissen zelf wel echt gebeurd en maar dan in de persoon van Delphine Delamarre.

Bij zijn terugkeer uit het nabije oosten, in 1850, begint hij met het schrijven van het boek “Madame Bovary”. Hij had daarvoor nog nauwelijks iets geschreven of gepubliceerd. Het schrijven van de roman kost hem uiteindelijk zes jaar voorbereiding, en vanaf 1857 wordt het in afleveringen geplaatst in het blad “Revue de Paris”. In eerste instantie is er uit bepaalde hoeken verzet tegen de publicatie: de overheid klaagt zowel hem als de uitgever aan, omdat de roman immoreel zou zijn. Wanneer het verhaal uiteindelijk in boekvorm verschijnt, krijgt het echter een warm onthaal.

In 1991 schreven los van elkaar een Belg, Maxime Benoît-Jeannin, en een Fransman, Raymond Jean (de auteur van “La Lectrice”), een vervolg op het werk van Gustave Flaubert, waarbij ze een toekomst voor de dochter Berthe bedachten. Hun werken hadden dan ook dezelfde, enigszins voorspelbare titel: “Mademoiselle Bovary”. De plots zijn eigenlijk ook voorspelbaar: de Belg laat haar met Rodolphe huwen, de Fransman doet haar in het bed van Flaubert zelf terechtkomen. In het eerste geval is het de bedoeling dat haar moeder gewroken wordt uiteraard, de Fransman doet haar echter tot het besef komen dat alles wat Flaubert heeft geschreven ook wààr was.

Het boek zal ook ontzettend vaak worden verfilmd of op een andere wijze bewerkt. Zo bracht eind 1984 Marleen Maes onder de vleugels van Theater Poëzien en meer bepaald regisseur Jacky Tummers een monoloog gebaseerd op Flauberts « Madame Bovary ». Hier geen poppen, een bureau en een sofa volstaan. Marleen Maes mist echter het talent (dat b.v. een Decleir wél heeft) om haar personages tot leven te brengen. Steeds zie je Maes op scène die « vertelt over » en nooit het personage zelf. Ook Madame Bovary niet. Overigens is dit stuk wél kort, maar dan misschien ineens té kort of anders heeft men toch een verkeerde keuze van de fragmenten gemaakt. Alleszins wordt de alles verterende passie van Bovary nooit aannemelijk. Toch hebben we Marleen Maes van een andere kant ook bewonderd. Haar dictie b.v. is ongemeen goed. Helaas zullen de middelbare scholieren dit wellicht echter tot in den treure moeten ondervinden…

Een jaar na “Madame Bovary” verscheen “De Vikings op Helgoland” van Henrik Ibsen.
In 1859 The origin of species (Charles Darwin)
1860 Eerste liefde (Ivan Toergenjev)
Framley Parsonage (Anthony Trollope)
The woman in white (Wilkie Collins)

1861 The experiences of a lady detective (W.S.Hayward)

Lady Audley’s secret (Mary Elizabeth Braddon)

The great crime of 1960 (Joseph Stapleton)
1862 De komedie van de liefde (Henrik Ibsen)
Les misérables (Victor Hugo)
Salammbô (Gustave Flaubert)

No name (Wilkie Collins)
1863 Mededingers naar de kroon (Henrik Ibsen)

Aurora Floyd (Mary Elizabeth Braddon)
1864 The female detective (Andrew Forrester)

Can you forgive her? (Anthony Trollope)
De Lady Macbeth uit Mtsensk (Nikolaj Leskov)
1865 Brand (Henrik Ibsen)
1866 Lettres de mon moulin (Alphonse Daudet)
Poems and ballads (Charles Swinburne)
Schuld en boete (Fjodor Dostojevski)
1867 Per Gynt (Henrik Ibsen)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.