Naar aanleiding van de 100ste verjaardag van het sneuvelen van de gebroeders Van Raemdonck worden op meerdere plaatsen herdenkingen gehouden. Als geboorteplaats van de broers vormt Temse het epicentrum van het gebeuren. (Op de foto zitten Eduard en Frans Van Raemdonck vooraan links; zij maakten deel uit van F.C.Temsica in 1912.)

Eén van de hoogtepunten betreft de organisatie van de tentoonstelling over het ‘leven en werk’ van de broers. De expo, die plaatsvindt in het Gemeentemuseum en loopt tot zondag 30 april, werd op zaterdag 8 april geopend. Gemeentearchivaris Digna Coppieters, samensteller, weidde uit over de inhoud en de herkomst van het geëxposeerde, met als voornaamste bron: het archief van Clemens De Landtsheer, door deze laatste in zijn laatste levensjaren aan Temse geschonken. Burgemeester Luc De Ryck ging nader in op zijn kennismaking met De Landtsheer en de vertrouwensband die tussen hen groeide, waardoor De Landtsheer zijn hele archief aan Temse schonk. Tegelijk werd zodoende de basis gelegd voor Luc De Rycks boek over de broers: ‘Terug naar niemandsland’.
De tentoonstelling geeft een rijkelijk geïllustreerd beeld van de levensloop van de broers. Een 28 bladzijden tellende, eveneens rijkelijk geïllustreerde brochure is gratis verkrijgbaar. De expo is elke zaterdag en zondag open van 14 tot 18 u., zondag ook van 10 tot 12 u. Groepsbezoeken zijn – na afspraak – ook mogelijk op weekdagen.
Info: Elke Koppen, museumfunctionaris, 03 710 12 52, museum@temse.be.

Edward (°Temse, 8/10/1895) en Frans (°Temse, 24/1/1897) Van Raemdonck, zonen van een brouwer-koffiebrander-tabaksfabrikant, kenden een ideale jeugd. Hun thuis was erg cultureel georiënteerd en Vlaamsgezind. De broers waren actief in het verenigingsleven, o.a. in de studentenbeweging Temsche Voorwaarts, die werd geleid door (de latere priester) Edward Poppe. Op de drempel van de oorlog werkte Edward in de brouwerij, Frans was student.
Al op 4 augustus 1914 meldden zij zich als oorlogsvrijwilliger. Als zovele andere frontsoldaten maakten zij àlle ellendes van de oorlog mee (zij overleefden de eerste Duitse aanval met stikgas). Door hun voorbeeldig gedrag werden zij bevorderd tot korporaal, later sergeant.
Naarmate de oorlog vorderde en zij steeds meer geconfronteerd werden met de achteruitstelling van de Vlaamse soldaten, evolueerden zij van Vlaamse Belgen tot flaminganten. Hun oorspronkelijke leuze Leve België! werd Leve Vlaanderen!
In de nacht van 25 op 26 maart 1917 moest hun compagnie (24ste linieregiment) een raid uitvoeren op Stampkot, gehucht van Steenstrate-Zuidschote (Ieper), met de bedoeling krijgsgevangenen te maken. Een levensgevaarlijke opdracht. In overeenstemming met Frans’ oorlogsgedicht

Te saam vereend in vreugd’ en nood
als d’eene sterft, de andere dood

maakten zij de afspraak samen te overleven of samen te sneuvelen. Zij spraken af dat zij elkaar na de aanval zouden opwachten aan de noodbrug over de Ieperleevaart. Na de raid daagde enkel Edward op. Radeloos ging hij terug het niemandsland in, op zoek naar zijn broer. Achttien dagen later vonden Belgische verkenners 3 lichamen: de broers en de Waalse korporaal Amé Fiévez.
Rond de broers groeide snel een mythe, vertrokken bij hun zgn. ‘ideale broederdood’, gekleurd door het samen (in elkaars armen?) sneuvelen. Hun bekendheid kreeg een extra dimensie door hun Vlaamsgezindheid, die hen verhief tot symbolen van de Vlaamse strijd aan de IJzer. Zodoende kwamen zij in een brede en politiek zeer gevoelige context terecht. De IJzerbedevaarten en de Vlaamse Beweging wendden die dubbele symboliek geïdealiseerd aan in hun propaganda, in de regel zonder vermelding van Fiévez. Mede daardoor werden de broers het onderwerp van scherpe controverses tussen flaminganten en Belgicisten.
De stoffelijke overschotten van de broers zijn na meerdere ‘omzwervingen’ – samen met deze van Amé Fiévez – begraven in de crypte van de IJzertoren.
Frans en Edward zijn vereeuwigd in het beeldhouwwerk (1933) van Karel Aubroeck, dat oorspronkelijk tegen de IJzertoren in Diksmuide stond, maar na de dynamitering van de toren (1946) herplaatst werd op de hoek van de PAX-poort. Op de plaats waar zij sneuvelden werd in 1933 een monument opgetrokken. In Temse, Ieper en verscheidene andere Vlaamse gemeenten is een straat naar hen genoemd. In Calonne (Antoing), geboorteplaats van Amé Fiévez, is een Square Amé Fiévez et Frères Van Raemdonck. Het plein omvat een variante op het monument in Steenstrate.

Goed gekozen symbolen
In 1996 (bijgewerkte heruitgave 2013) verscheen het boek Terug naar niemandsland – De geschiedenis van de gebroeders Van Raemdonck: mythe en werkelijkheid van Luc De Ryck. Citaat uit het Besluit van het boek:

De broers zijn zeer goed gekozen symbolen. De ‘ideale broederliefde’ blijkt uit Edwards wanhoopspoging om zijn broer weer te vinden. Tégen het bevel van zijn overste en de waarschuwingen van strijdmakkers in, gaat hij op gevaar van zijn leven op zoek naar zijn broer. Hij bekoopt het met zijn leven. De broers zijn symbolen van broederliefde dankzij Edward.
De briefwisseling van Frans Van Raemdonck is de spiegel van een politiek bewust wordende jongeman, die zich – onmachtig – gevangen voelt in het keurslijf van het leger en zijn strikte discipline, en die verontwaardigd de achteruitstelling van het Vlaamse volk vaststelt. Zijn frontervaringen slaan de brug van cultuurflamingant naar politiek bewuste Vlaming. Zijn evolutie is representatief voor het bewust wordende Vlaanderen. De broers zijn symbolen van de Vlaamse strijd aan de IJzer dankzij Frans.

09 de gebroeders van raemdonck

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s