Terecht wordt dit één-bedrijf toneelstukje van Samuel Beckett als een van zijn mooiste, van zijn menselijkste en van zijn meest pregnante toneelteksten beschouwd.

Het laatste bedrijf van een toneelstuk nl. Katastrofe wordt gerepeteerd : het toneelspel is derhalve een toneelrepetitie en omgekeerd. De hoofdacteur, er is slechts één acteur in het genoemde toneelstuk, beweegt niet en spreekt niet. Niet dat hij niet zou kunnen, indien… Voorwaar een vreemde speler; een super-vervreemde van het postmodernisme. Nietwaar? Mag hij nog acteren of moet hij zich gedragen als een doofstomme roerdomp? De toeschouwer zal zeker niet verblind worden door deze donker geklede gestalte waarvan het gelaat en de handen nauwelijks zichtbaar zijn. Een uitgedoofde protagonist. Deze ingepakte toneelspeler wordt door de regisseur (rechter, ondeskundige, zwendelaar) en door diens assistente (advocate, plichtsgetrouwe, geëngageerde medewerkster) bekeken, beoordeeld en bevolen om zus en zo in het brandpunt van het podium te staan. Allengs wordt dit hard-zwart en scherp-schertsend spektakeltje duidelijk: een verrijkte Beckettiaanse black comedy maakt plaats voor een tribunaal evenement, voor een theater-proces.
(Perstekst voor Katastrofe in een regie van Jo Gevers en met Luc Philips, Katrien Latoir, André van Brandt en Geert Coone; Nederlandse creatie door Theater 19 uit Brugge).
N.B. Beckett heeft Katastrofe opgedragen aan Vaclav Havel.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.