Dertig jaar geleden zag (en hoorde) ik “Die Fledermaus” van Johann Strauss jr. in de Opera Voor Vlaanderen. Het werd helaas geen meevaller…

Voor de O.V.V. is het jaar onder een rampzalig gesternte ingezet. Niet omdat de minister de kraan heeft dichtgedraaid en evenmin omdat een of andere directeur er met de kas vandoor is. Neen, we hebben het gewoon over het Gentse nieuwjaarsconcert. Of toch ook weer niet zo gewoon, want anders zouden we deze wanprestatie liever met de mantel der liefde bedekken. Maar wat Frits Celis er met het Gentse orkest van gebakken heeft, verdient toch wel openlijk aan de kaak gesteld te worden, aangezien stilzwijgen ons medeplichtig zou maken aan de liquidatie van de O.V.V. Dat zou immers kunnen geïnterpreteerd worden als een instemmen met de verloedering van deze instelling.
En dan hebben we het nog niet eens over de slecht aanzettende koperblazers in de Vlaamse dansen van Blockx, of over de uitglijdende strijkers in de polka van Smetana. Ook niet over het totale gebrek aan nuancering van Celis, die tot het koor van het Viljalied toe liet galmen als betrof het « You’ll never walk alone » gezongen door Liverpool-supporters. Ja, zelfs over de dronken hommel van Rimski-Korsakof zouden we nog hebben gezwegen, ware daar niet de « musikalischer Spass » geweest van onze goede vriend Amadeus (die ook al eens zijn verzetje mocht hebben, nietwaar), dat door zes muzikanten, aangevoerd door Celis himself, werd gebracht als een slechte parodie op Gaston en Leo. Dit was werkelijk beschamend, koren op de molen van de ondermijners van de O.V.V. En dat werd niet goedgemaakt door een (ook vocaal) bekoorlijke Mireille Capelle als « Lustige Weduwe », ook al waren de beroemde taartjesvretende tantes hierdoor meteen bereid over al het voorbijgaande de spons te vegen. Op een gegeven moment moesten we zelfs denken aan John Lennon toen die de Britse koninklijke familie uitnodigde « to rattle their jewelry ».
Guido Naessens zagen wij een paar dagen daarvoor al aan het werk in de operette par excéllence « Die Fledermaus » (van Johann Strauss uiteraard) eveneens in de Opera voor Vlaanderen. Als cipier Frosch moest hij het hier echter enkel van zijn komisch talent hebben en niet van zijn stem, terwijl hij nochtans een niet onaardige gevangenis-directeur zou geweest zijn, zoals onze Antwerpse correspondent anderhalf jaar geleden aanstipte toen deze operette daar in première ging. Nu werd deze rol gezongen door Eric Syri, wat al een hele vooruitgang was tegenover destijds Willy de Swaef, die nu overigens de regie van Rolf Lansky opnieuw hielp instuderen.
Andere wijzigingen waren Mireille Capelle in de rol van prins Orlofsky (vocaal was dit uiteraard geen probleem, maar scenisch was Mireilles typering niet zo gelukkig), Georges Bullynck als advocaat Blind (Koen Crucke was « niet beschikbaar », evenmin als voor de Antwerpse opvoeringen van « Het operabal » trouwens, wat daar — mede omwille van de Nederlandse uitvoering — tot een afgelasting en naar verluidt tien miljoen frank schade leidde) en Thomas Dewald als de zanger Alfred.
Dit laatste was reeds geen verbetering tegenover Valentin Jar, maar dat was nog niets in vergelijking met Kay Griffel die de plaats van Ingrid Kremling had ingenomen. Haar czardas op het bal kwam er niet enkel benepen, hij kwam er zelfs helemaal niet uit! Aangezien Rosalinde de centrale vrouwenrol in dit anders toch wel prinsheerlijke stuk is, ging veel van de charme ervan verloren. Dat kon zelfs de steeds speelse en charmante soubrette Monika Schanzer niet beletten, ondanks het feit dat zij nu definitief de Adèle-rol kreeg toebedeeld, die ze vorige keer reeds (« wegens ziekte ») van een ontgoochelende Donna Woodward had overgenomen.
Ook de muzikale leiding was nu in andere handen (Hans-Georg Gitschel i.p.v. Silveer van den Broeck lui-même) en ook dat was geen verbetering. Gitschel (dirigent aan de opera te Mannheim) liet ons een veel te « Duitse » bijna martiale Fledermaus horen, i.p.v. een lichtvoetige Oostenrijkse. Op het einde hadden we zin om te zingen: « Schnaps war Schuld », i.p.v. het bekende « Champagne war Schuld ».

Referenties
Ronny De Schepper, Gaston en Leo in de opera, De Rode Vaan nr.3 van 1988
Ronny De Schepper, Schnaps war Schuld, De Rode Vaan nr.18 van 1988

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s