115 years ago a United States court of appeals ruled that Thomas Edison did not invent the movie camera…

The first public exhibition of projected motion pictures in the United States was at Koster and Bial’s Music Hall on 34th Street in New York City on April 23, 1896. “Thomas Edison fait la projection de 12 courts films, dont un qui comporte des couleurs peintes à la main, à l’aide de son Vitascope. L’événement marque la naissance en Amérique d’une nouvelle forme d’art et de ce qui deviendra une grande industrie: le cinéma,” zo schrijft Alcide, maar zelf wil ik er wel nog even op wijzen dat meer dan zeven jaar eerder de Franse Engelsman Louis Le Prince reeds zijn Roundhay Garden Scene en a Leeds Bridge street scene had voorgesteld. En hoe komt het nu dat deze man zo goed als onbekend is gebleven? Lees mee op de Engelse Wikipedia en let vooral op het nuchtere laatste zinnetje: “He was never able to perform a planned public demonstration in the United States because he mysteriously vanished from a train on 16 September 1890. His body and luggage were never found, but, over a century later, a police archive was found to contain a photograph of a drowned man who could have been him. Le Prince’s disappearance allowed Thomas Edison to take the credit for the invention of motion pictures.”
However, the first “storefront theater” in the US dedicated exclusively to showing motion pictures was Vitascope Hall, established on Canal Street, New Orleans, Louisiana July 26, 1896 — it was converted from a vacant store. A crucial factor was Thomas Edison’s decision to sell a small number of Vitascope Projectors as a business venture in April–May 1896. In the basement of the new Ellicott Square Building, Main Street, Buffalo, New York, Mitchell Mark (properly spelled Mitchel Mark) and his brother Moe Mark added what they called Edison’s Vitascope Theater (entered through Edisonia Hall), which they opened to the general public on October 19, 1896 in collaboration with Rudolf Wagner, who had moved to Buffalo after spending several years working at the Edison laboratories. This 72-seat plush theater was designed from scratch solely to show motion pictures. Terry Ramseye, in his book, “A Million and One Nights” (1926), notes that this “was one of the earliest permanently located and exclusively motion-picture exhibitions” (p.276). According to the Buffalo News (Wednesday, November 2, 1932), “There were seats for about 90 persons and the admission was three cents. Feeble, flickering films of travel scenes were the usual fare.” (The true number of seats was 72.) The theater remained open for two years making it the first permanent, purpose built movie theater in the world. (Wikipedia)
In “Life of an American Fireman” (1902) imiteert Edwin S.Porter de trucages van Méliès, o.a. de surimpressie (b.v. droomscène), terwijl hij ook het procédé van de verschillende camerastanden toepast. Bovendien voegt hij er iets aan toe, waarmee hij zich zeker een plaats garandeert in de filmgeschiedenis: de close-up. Ook sociaal zou Porter trouwens Méliès “imiteren”. Tot 1909 was hij de topregisseur van de Edison-studio’s en had o.m. de controle van de cineast op de montage bedongen. Maar toen de nickelodeon-theaters ontstonden en de studio’s overgingen tot massa-productie, weigerde hij daaraan mee te doen en vloog hij aan de deur. Hij filmde nog verder tot in 1915, maar trok zich dan uiteindelijk terug om te rentenieren. De Wall Street Crash van 1929 zorgde er echter voor dat hij weer aan het werk moest als een anonieme bediende. Maar zover zijn we nog niet in 1903. Dan gaat zijn “The Great Train Robbery” de geschiedenis in als de eerste echte “western”. Gekoppeld aan “Square dance” is het tevens het eerste experiment met “kleurenfilm” (d.w.z. ingekleurde film).
In 1907 heeft Edison eindelijk zijn doel bereikt. Na tal van processen (al werd er ook soms niet enkel voor de rechtbank maar ook gewoonweg met wapens gevochten) heeft hij uiteindelijk het monopolie van het filmbedrijf te pakken, waarna hij in 1909 overgaat tot de oprichting van de Motion Picture Patents Company, een trust samengesteld uit negen maatschappijen: naast die van hemzelf zijn dat verder nog Biograph, Vitagraph, Essanay, Selig, Lubin, Kalem, Pathé en Méliès. Zij blokkeerden op die manier de filmmarkt en schreven allerlei zaken voor: een film mocht niet langer zijn dan twee bobby’s (in het Nederlands spreekt men ten onrechte meestal van bobijnen), zalen mochten op straffe van sancties geen films vertonen van andere maatschappijen, enz. Als reactie begonnen Kessel en Bauman een onafhankelijke productie in Hollywood, Californië, omdat men daar zonder problemen kon filmen in de open lucht. En zo was Hollywood dus eigenlijk de eerste “independent”, terwijl het woord nu juist betekent: onafhankelijk van Hollywood!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s