It’s 325 years ago that Sarah Good, Sarah Osborne and Tituba were brought before local magistrates in Salem Village, Massachusetts, beginning what would become known as the Salem witch trials. In 1952 the American playwright Arthur Miller wrote the play “The Crucible” as an allegory of McCarthyism, when the US government blacklisted accused communists. Miller himself was questioned by the House of Representatives’ Committee on Un-American Activities in 1956 and convicted of “contempt of Congress” for refusing to identify others present at meetings he had attended.
“The Crucible” was first performed at the Martin Beck Theater on Broadway on January 22, 1953. Miller felt that this production was too stylized and cold and the reviews for it were largely hostile. Nonetheless, the production won the 1953 “Best Play” Tony Award. A year later a new production succeeded and the play became a classic.
Tijdens het seizoen 1967-68 werd het gebracht in het NTG in een regie van Walter Eysselinck (foto). Gewoonlijk wordt dit stuk in het Nederlandse taalgebied opgevoerd als “De heksen van Salem”, maar in het NTG werd als titel “Heksenjacht” gebruikt, wellicht om het te ontdoen van een al te lokale en historische interpretatie. Het was immers niet voor niks mei ’68!

De hierna volgende uitgebreide samenvatting van “The Crucible” dateert nog uit mijn studententijd en het kwam er toen (zo dacht ik toch) vooral op aan alles te onthouden, dus àlle personages en àlle min of meer belangrijke feiten. Met als gevolg dat zo’n samenvatting niet echt meer leesbaar is. Maar goed, in het kader van mijn filosofie om al mijn geschriften “right or wrong” op het internet te gooien: hier is-ie dan!
“The Crucible” begint met Rev.Samuel Parris die bidt bij het bed van zijn dochter Betty, die bewusteloos viel, toen hij ze de vorige nacht betrapte terwijl ze met andere meisjes in het bos aan het dansen was. We zijn in Salem, Massachusetts, in 1692 en God himself regeert a.h.w. deze theocratie. Daarom is Parris bang dat een mogelijke beschuldiging van hekserij een einde zal maken aan zijn macht, die toch al aan het tanen is.
Volgens Susanna Wallcot staat de dokter machteloos tegenover Betty’s “kwaal”, maar zijn nicht Abigail ontkent dat ze naakt dansten en dat het huisslavinnetje Tituba geesten opriep. De familie Putnam komt echter met het bericht dat hun dochter Ruth er even erg aan toe is, nadat ze ze zelf tot hekserij hadden aangezet, nl. door Tituba te vragen haar zeven bij de bevalling gestorven broertjes en zusjes op te roepen.
Abigail van haar kant heeft nog een rekening te vereffenen met een zekere Mrs.Proctor en als Betty ontwaakt, zien we hoe zij de meisjes (ook Mercy Lewis, de meid van de Putnams, en Mary Warren, die van de Proctors, waren erbij) domineert. Abigail beweert bloed te hebben gedronken opdat Mrs.Proctor zou sterven. Als even later John Proctor met haar alleen is, blijkt waarom: vroeger hadden ze een verhouding, maar nu is Proctors passie gekoeld.
Dan gaat Betty opnieuw uit de bol en haar vader roept Rev.Hale erbij, een “specialist” op het gebied van hekserij. Ondertussen vraagt Parris Proctor waarom hij niet meer naar de kerk gaat. Omdat jij toch alleen maar over de hel en over geldzucht praat, antwoordt Proctor, hierin gesteund door Giles Corey en Rebecca Nurse, twee oudjes.
Als Hale arriveert, zegt Giles hem terloops dat zijn vrouw “rare boeken” leest. Als Abigail tijdens de ondervraging door Hale door de mand valt, beschuldigt ze Tituba hen te hebben betoverd. Als Tituba met de dood wordt bedreigd als ze niet wil toegeven betrekkingen te hebben met de “duivel” (het communisme) en als geen namen wil noemen (cfr.McCarthy!), geeft ze toe en begint ze meteen een hele resem namen af te dreunen, hierin bijgestaan door Abigail en Betty.
Het tweede bedrijf speelt zich een week later af. John en Elisabeth Proctor bespreken de situatie. Zij was op de hoogte van zijn ontrouw en kan hem nog steeds niet vergeven, maar ze vindt het erg dat Abigail maar blijft namen noemen. Bovendien, zegt John, heeft ze tegenover hem toegegeven dat het alleen maar om de seksuele opwinding van het naakt dansen te doen was. Toch vallen er al slachtoffers: Mary Warren komt zeggen dat mrs.Osburn zal worden opgeknoopt en dat ook Elisabeth werd “beschuldigd” door Abigail. Ze geeft haar terloops een pop die ze heeft gemaakt in de gerechtzaal.
Hale gaat meteen tot de actie over: Proctor wordt beschuldigd omdat hij niet naar de kerk gaat en zijn derde kind niet heeft laten dopen. En als hij de tien geboden moet opzeggen, vergeet hij van alteratie het zesde. Op aandringen van zijn vrouw zegt Proctor uiteindelijk tegen Hale dat Abigail veinst. Maar Hale antwoordt: jij gelooft gewoonweg niet in heksen. Eigenlijk heeft hij gelijk, maar John ontkent het toch. Elisabeth daarentegen geeft toe dat ze er niet in gelooft.
Ook de vrouw van Corey is ondertussen beschuldigd door Susannah Wallcot, omdat ze haar een varken heeft verkocht, dat onmiddellijk daarna is gestorven. Rebecca Nurse van haar kant wordt schuldig bevonden aan de dood van de Putnam-kinderen. Ezekiel Cheever en de marshall komen Elizabeth halen. Abigail heeft haar immers nogmaals beschuldigd nadat ze een steek in haar buik voelde. Ze zegt dat Elizabeth dit kon doen via de pop. En effectief, in de pop zit een naald. “Die jij erin gestoken hebt,” zegt Mary Warren, maar het baat niet. John verscheurt het aanhoudingsbevel en belooft haar te zullen bevrijden.
Het derde bedrijf speelt zich af in de gerechtzaal. Giles probeert zijn vrouw vrij te krijgen, maar dat lukt hem niet. Idem voor Francis Nurse. Als hij aan Danforth, een verstandig man, vertelt dat de meisjes alles uit hun duim zuigen, wordt hij door Hathorne beschuldigd van “smaad aan het hof”. Hij krijgt nochtans steun van Mary en John, maar deze laatste krijgt zélf zo’n beschuldiging te horen, wegens het verscheuren van het aanhoudingsbevel.
Danforth velt een Salomonsoordeel: aangezien Elisabeth zwanger is, mag ze nog een jaar leven, als Proctor zich kalm houdt. Die weigert: Rebecca en Martha zijn immers eveneens onschuldig. Francis heeft 91 handtekeningen verzameld van mensen die dit ondersteunen, maar het hof eist dat ze voorkomen, iets wat Francis hen had beloofd dat niet zou gebeuren. Giles beschuldigt dan Putnam het hele zaakje te hebben opgezet om zijn land te kunnen verwerven. Omdat hij echter weigert de naam van zijn informant bekend te maken, is hij het juist die gevangen wordt gezet.
Hale ziet in dat hij is belazerd en hij verdedigt de mannen, maar ondertussen is het te laat. Abigail wordt door Mary beschuldigd van moord. Als ze echter op bevel moet flauwvallen, zoals ze zgz. kon doen, ondanks het feit dat ze geen geesten zag, slaagt ze er niet in. Integendeel, ze slaat door, ziet opnieuw “geesten” en bedreigt Danforth, die net op het punt stond haar te geloven. De andere meisjes beginnen ook weer en zeggen dat Mary hen behekst.
Proctor wordt woedend, slaat Abigail en geeft hun relatie openlijk toe. Abigail ontkent natuurlijk en Danforth laat, op aanraden van Proctor zelf die denkt dat z’n vrouw nooit zou liegen, Elisabeth als getuige roepen. Die ontkent echter om de naam van haar man te sparen. Hale ziet dit wel in, maar als hij Danforth wil overhalen, start Abigail een nieuwe show. Danforth gelooft haar en bedreigt Mary dat ze namen moet noemen of dat ze anders zal hangen. Ook Mary slaat door en wijst Proctor aan als instrument van de duivel. Deze roept uitzinnig: God is dood! En dat is natuurlijk waarop men zat te wachten.
Het vierde bedrijf speelt zich af in de gevangenis. Tituba en Sarah, die hebben bekend, doen zozeer hun best om dienaressen van de duivel te schijnen, dat zelfs marshall Herrick er niet goed van wordt. Hale tracht Rebecca tot een bekentenis te bewegen, maar ze weigert. Parris komt melden dat Abigail en Mercy verdwenen zijn na hem te hebben bestolen. Hij vreest ook een opstand (er zat een dolk in zijn voordeur geplant) omdat de bevolking vindt dat er onschuldige slachtoffers vallen (er zijn er al twaalf opgehangen en bij dageraad zullen er alweer zeven volgen, w.o. Proctor en Rebecca).
Om het gevaar te bezweren, trachten ze Elisabeth te overhalen John te doen bekennen. Maar ze doet juist het omgekeerde, ook al omdat Giles is gestorven tijdens de martelingen. John zegt echter juist wel te zullen bekennen omdat hij het niet langer aankan. Als hij evenwel ziet dat men zo tevreden is met zijn bekentenis, trekt hij ze weer in. Omdat hij ook nog weigert Rebecca als heks aan te duiden, worden ze samen naar de galg geleid, ondanks de protesten van Hale en terwijl Elisabeth stil toekijkt.
In een nawoord deelt Miller nog mee dat Parris niet lang daarna werd ontslagen, dat Abigail werd teruggevonden als prostituée in Boston, dat Elisabeth vier jaar later hertrouwde en dat twintig jaar later de excommunicaties werden vernietigd en de nabestaanden van de slachtoffers vergoed: de macht van de theocratie in Massachusetts was gebroken.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s