Op 12 oktober 1996 pakte het Ballet van Vlaanderen in Antwerpen uit met “Sacco en Vanzetti” (oorspr. “Terra Promessa”), een musical geschreven door Dirk Brossé (muziek, de man rechts op de foto) en Paul Berkenman (liedjesteksten, ondertussen overleden) op een libretto van Frank Van Laecke (links op de foto). Het was de duurste musicalproductie van het BVV tot dan toe, o.a. omdat het een opdrachtwerk betrof, maar n.a.v. de tiende verjaardag mocht dat wel.

Oorspronkelijk was het de bedoeling vooraf reeds een CD uit te brengen zodat de mensen op die manier reeds met de muziek vertrouwd zouden zijn vooraleer deze in het programma van de musicalafdeling zou worden opgenomen. De CD (met highlights) zou worden opgenomen met koor en orkest van de BRTN, dat tegen die tijd ook Gents zouden moeten zijn, aangezien er toen sprake van was dat Rudolf Werthen hen bij zijn Fiamminghi zou voegen. Dirk Brossé zelf zou het orkest dirigeren. Deze CD zou dan uitkomen bij Philips, waar Stef Coninx product manager is. Dat was wellicht niet toevallig, aangezien de regie van de eigenlijke opvoering is in handen was van diens broer Stijn Coninx. Toch is de CD er bij mijn weten nooit gekomen.
Frank Van Laecke heeft destijds grote bekendheid verworven met zijn regie van massaspektakels op het Donkmeer, zoals “My fair lady” en “The sound of music”, en in 2015 was er een herneming van deze grote onderneming (zie bovenstaande foto). Jammer dat de muziek ondertussen nog altijd niet meer bekend is geworden, want dààrop gaan de mensen dus niet kunnen afkomen. Maar anderzijds zijn musicals over de meest diverse onderwerpen (de Eerste Wereldoorlog b.v.) zodanig populair dat het wellicht toch wel een succes zal worden, ook al omdat Frank een beroep kan doen op het “boegbeeld” van die musical-revival, namelijk Jelle Cleymans.
Alhoewel er destijds in de Gentse opera niet echt gedanst werd, was er toch een bewegingschoreografie van Danny Rosseel (Stijn Coninx wou oorspronkelijk zelf choreograaf worden). Misschien wekt de keuze van baron Coninx wel enige verwondering, maar de regisseur van “Daens” heeft reeds eerder een musical gedaan, namelijk “Tarzan” bij het KJT. Bovendien heeft hij reeds met Frank Van Laecke samengewerkt voor de 60/40-viering van koning Boudewijn en staat zijn engagement sedert “Daens” buiten kijf. Daarnaast mag men natuurlijk ook niet vergeten dat Dirk Brossé de muziek schreef voor deze film, net als voor “Koko Flanel”, één van de Urbanus-films van Stijn. Ook Dirk Brossé is een geëngageerd componist, zoals o.m. mag blijken uit “La soledad de America Latina” of de multiculturele symfonie “Artesia”. Bovendien werkte ook Dirk Brossé mee aan de koning Boudewijnviering. Helemaal in overeenstemming met zijn vroegere composities schreef Brossé een partituur die “in tegenstelling tot alternatief muziektheater of hedendaagse opera de communicatie met het publiek niet in de weg staat,” zoals hijzelf zegt. Toch schreef hij in functie van een symfonisch orkest en is de hele musical dóórgecomponeerd, wat niet belet dat er soms wel eens dialogen zijn met een “underscore”.
Uiteraard kon het BVV niet op tournee trekken met een symfonisch orkest, daarom werd naar aloude gewoonte Jan Huylebroeck aangetrokken om dit via het gebruik van synthesizers te reduceren naar een orkest van zo’n 13 man. Er waren ook onderhandelingen met het buitenland bezig, vooral met Manchester en diverse operahuizen in Italië en daar zou het werk – als het er ooit is van gekomen – wel met een symfonisch orkest worden gebracht. Met het oog hierop zou er ook een Engelse versie zijn geschreven. Althans dat werd alweer in het vooruitzicht gesteld, maar nooit effectief uitgevoerd.
De musical gaat dus over Sacco en Vanzetti, twee Italiaanse anarchisten die op 23 augustus 1927 in de Verenigde Staten stierven op de elektrische stoel onder de valse beschuldiging van moord. Frank Van Laecke maakte voor het eerst kennis met dit gegeven toen hij in 1978 in het NTG de opvoering zag van het stuk dat Mino Roli en Luciano Vincenzoni in 1960 hierover hadden geschreven (daarvóór waren er ook reeds het gedicht “Justice denied in Massachusetts” van Edna St.Vincent Millay in 1927 zelf, de roman “Boston” van Upton Sinclair een jaar later, de toneelstukken “God of the Lightning” en “Winterset” van Maxwell Anderson en een reeks tekeningen en schilderijen van Ben Shahn). De regie in het NTG was van Hugo Van den Berghe. Herman Coessens en Walter Moeremans vertolkten de hoofdrollen. In 1966 volgde dan nog op de VARA het TV-spel “De zaak Sacco en Vanzetti” van Reginald Rose met Henk Van Ulsen als Sacco.
87 sacco en vanzetti in 1920Nicola Sacco, arbeider in een schoenfabriek, en visverkoper Bartolomeo Vanzetti waren in 1908 naar de States gekomen. Toen na de Eerste Wereldoorlog door de minister van justitie Palmer een heksenjacht tegen al wat rood was werd ontketend, werden zij op 5 mei 1920 gearresteerd voor het organiseren van roofovervallen, o.a. een in South Braintree op 15 april 1920, waarbij er twee doden waren gevallen. Kortom, het was een beschuldiging waarop de doodstraf stond. Nochtans hadden zij enkel getracht een auto te huren om hun propagandamateriaal in veiligheid te brengen. Uit schrik om hetzelfde lot te ondergaan als hun vriend Salsedo (bij het BVV vertolkt door Wim Van den Driessche), die twee dagen eerder uit het raam van de 14de verdieping van het centrale politiebureau in New York was “gesprongen” (zie: “De toevallige dood van een anarchist” van Dario Fo), legden ze tegenstrijdige verklaringen af. Dat werd hen zwaar aangerekend. Dat plus het feit dat de veertien getuigen die hun een alibi konden leveren, zwaar onder druk werden gezet, leidde op 14 juli 1921 tot een terdoodveroordeling. Van de getuigen ten laste waren er anderzijds later drie die hun getuigenis herriepen en in de gevangenis zelf bekende een andere ter dood veroordeelde, Celestino Medeiros (bij het BVV Jeroen van Delft) dat hij de overval had gepleegd, maar dat mocht allemaal niet baten: op 19 april 1927 werd het doodvonnis bekrachtigd door gouverneur Fuller, ook al had deze 17.000 telegrammen en brieven had ontvangen en een petitie met 475.000 handtekeningen. Ook alle genadeverzoeken, zowel van Stalin als van Mussolini en de paus, werden van de hand gewezen. Ze werden op 23 augustus 1927 ter dood gebracht op de elektrische stoel. Op 23 augustus 1977 ondertekende gouverneur Michael Dukakis van Massachusetts een proclamatie waarin stond dat Nicola Sacco en Bartolomeo Vanzetti geen eerlijk proces hadden gekregen. Spencer Sacco uit Newport, Rhode Island, kleinzoon van Nicola Sacco, was bij die gelegenheid aanwezig en verklaarde dat hij deze proclamatie verkoos boven een postume gratieverlening omdat dat alsnog, postuum, een schuldbekentenis zou inhouden.
In het Ballet van Vlaanderen werden de hoofdrollen vertolkt door Vera Mann (Rosa Sacco) en Tom Van Landuyt van VT4 als de schuchtere Sacco. Hans-Peter Janssens, die BVV-liefhebbers kennen als de Rus uit “Chess”, maar die in Engeland reeds een “Don Giovanni” op zijn actief had, zong de rol van Vanzetti. Nolle Versyp was de procureur en Nand Buyl de rechter.
Het stuk vertrekt van een flashback, wanneer in 1947 de 51-jarige Rosa Sacco in een ouderlingentehuis de diepgelovige rechter Webster Thayer bezoekt en hem tot een gewetensonderzoek dwingt in het licht van zijn doodsangst voor het Laatste Nieuws, pardon: het Laatste Oordeel. Als Linda Lepomme dit gegeven op de persconferentie vergeleek met de processen van O.J.Simpson of Rosie Verstraete en met de woede die men voelt als men een parkeerboete aangesmeerd krijgt, dan hoopte ik toch dat Frank Van Laecke er wat méér van zou maken dan dat!
En dat dééd hij. Ik zag en hoorde “Sacco en Vanzetti” een week na “Les Liaisons Dangereuses” van Piet Swerts en aangezien Swerts werd verweten “niet moeilijk genoeg” te componeren en men van Brossé toch mocht verwachten dat hij ernstiger zou zijn dan de doorsnee musical-componist, drong een vergelijking zich op. Die viel echter volledig in het nadeel van Brossé uit, omdat hij zich te strikt aan het musical-genre wilde houden met alle cliché’s gaande van het verplichte dansje (het huwelijksfeest, de Machiavelli-wals) tot een (totaal misplaatst) komisch intermezzo (de drie vrouwelijke getuigen) met tussendoor natuurlijk Vera Mann, die de Brossé-versie van “Don’t cry for me Argentina” eens mocht overdoen. Als men Swerts van stelen beschuldigde, wat moest men dan niet van Brossé zeggen!
En toch, af en toe in de zogenaamd “doorgecomponeerde” passages (muziek onder de dialogen) hoorde je een mooie solo van de hobo b.v., wat mij de bedenking ontlokte dat Brossé van dit gegeven, dat eigenlijk veel te ernstig was voor een musical, beter een opera had gemaakt. En dan liefst in de originele taal (met andere woorden een mengeling van Italiaans en Engels, pardon: Amerikaans), want niet alleen versta je het Nederlands niet in de ensemble-tonelen, het is bovendien gewoon geen mooie taal om te zingen (de “ik hou van jou, ik blijf je trouw”-toestanden zijn in zo’n geval gewoon niet te vermijden, maar daarnaast viel mij vooral het veelvuldig gebruik van de lange “ee” op, die vaak heel “vuil” werd gezongen).
Librettist Paul Berkenman heeft overigens géén goed werk geleverd. Als de rijmwoorden ontbreken, klinkt het niet echt goed en als ze er wél zijn, overdrijft hij – soms tot vier maal toe, waarmee hij toch nog één maal onder het record van Rob Chrispijn bleef (*). En zeggen dat hij oorspronkelijk de pluimen op zijn hoed wou steken, ten nadele van Frank Van Laecke, die uiteindelijk de enige was die een vrijwel vlekkeloos werkstuk heeft afgeleverd, met een stevige opbouw, contrastwerking (uiteindelijk is het slotwoord voor de rechter die zegt: ik ben onschuldig!) en prachtige beeldspraak. Al dient bij dit laatste gezegd dat dit vooral de vergelijking met “The beauty and the beast” betreft, waar de aanwezigheid van Sacco’s kind vereist was, het enige dramatische effect dat Van Laecke als echte vakman beter toch had thuisgelaten. Macaulay Culkin mag dan nog onuitstaanbaar zijn, we hébben in Vlaanderen nu eenmaal helemààl geen kinderen die goed kunnen acteren én zingen.

Referentie
Ronny De Schepper, Brossé schrijft musical over Sacco en Vanzetti, Het Laatste Nieuws 18 november 1994

(*) In 2016 werd dit record “verbeterd” door Niels Destadsbader met het nummer “Speeltijd”: zes keer in de tweede strofe (al is er wel een “kreupel” rijm bij: “best” rijmt eigenlijk niet echt op “zes”, “les”, “stress”, “bres” en “succes”).

Een gedachte over “Twintig jaar geleden: première van “Sacco en Vanzetti”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s