Het is vandaag precies 150 jaar geleden dat de Engelse auteur Herbert George Wells werd geboren. We kennen hem vooral van “De tijdmachine”, “Oorlog der werelden”, “De onzichtbare man” en “Het eiland van Dr.Moreau”.

De vader van Alan Alexander Milne wilde zijn progressieve ingesteldheid bewijzen door in zijn privé-school een leraar te aanvaarden van arbeidersafkomst. Dat was dan Herbert George Wells die ongetwijfeld de jonge A.A. heeft geïnspireerd om het als professioneel schrijver te proberen.
Net als Jules Verne (“Reis naar de maan”, “20.000 mijlen onder zee”, “Naar het middelpunt der aarde”…), is Herbert George Wells een kind van zijn tijd, d.w.z. dat ze in zich de literaire traditie van romantische vertellers maar ook de maatschappelijke omstandigheden van de industriële revolutie verenigen.
Dat wat hun overeenkomst betreft, maar hun verschillen zijn zo mogelijk nog frappanter. Jules Verne vindt dat wij in de beste der werelden leven en dat de Vooruitgang van dit tranendal enkel maar een aards paradijs kan maken. Een typisch beeld is de opening van “Vijf weken in een luchtballon” waarin de Helden uit de verschrikking van de Amerikaanse burgeroorlog weten te ontkomen door een bestuurbare ballon, de triomf van het Vernuft op het Instinct als het ware!
In tegenstelling tot Jules Verne is Wells daarentegen van mening dat die materiële vooruitgang hoegenaamd geen zedelijke vooruitgang met zich meebrengt, al is het nochtans enkel deze evolutie die ons van de ondergang kan behoeden. Als voorbeeld kunnen we hier onze toevlucht nemen tot het slot van “Oorlog der Werelden” (1898). Nadat een beschaving die zogezegd nog verder gevorderd was dan de onze hier een spoor van vernieling heeft achtergelaten, sterven deze superieure wezens uiteindelijk omdat ze niet bestand zijn tegen een simpele microbe, een virus dus. Dit vinden we als het ware geparodieerd ook terug bij de recente film “Independence day”, waar de veroveraars worden geveld door… een computervirus!
“The food of the gods” uit 1904 is dan weer een virulente aanklacht tegen wetenschapslui die ingrijpen in het menselijke DNA (al gebruikt Wells die term nog niet, hoewel DNA reeds in 1869 is ontdekt) en zo het groeimechanisme verstoren door een stof die ze via de voedselketen (vandaar de titel) bij de mensen inbrengen. Op die manier ontstaat er een ras van reuzen, die “de gewone mensen” in hun bestaan bedreigen.
Eén van de voornaamste bezwaren daarbij is dat de “reuzen” die als proefkonijnen werden gekozen (eigenlijk “for obvious reasons”) uit de “lagere klassen” van de bevolking komen: “De hand van freule Wondershoot beefde in die adellijke soort emotie, die achterdochtige woede die in alle ware aristocraten opwelt bij de gedachte dat mogelijk de lagere standen uiteindelijk toch even gemeen zijn als de betere, en – dit vooral steekt hen – het op dat punt zelfs nog van hen winnen.” (p.135)
Het fragment is ook illustratief voor het ironische (om niet te zeggen sarcastische) toontje dat Wells voortdurend hanteert in dit boek en dat, eerlijk gezegd, het boek er zeker niet beter op maakt. Bovendien blijft Wells een kind van zijn tijd en durft hij het dan ook niet zo ver drijven dat hij bijvoorbeeld het “mestoverschot” dat door deze reuzenkinderen wordt veroorzaakt ter sprake brengt.
In 1920 reizen Bertrand Russell en H.G.Wells (elk afzonderlijk) naar de Sovjet-Unie. De eerste ziet er al de eerste tekenen van een dictatuur, de tweede staat in bewondering voor Trotzki en Lenin. In de zgn. “Stalin-Wells-talks” in “The New Statesman” van 1934 heeft George Bernard Shaw lof voor Stalin als dictator, terwijl Wells eerder gecharmeerd is door de sociale vrede. In 1935 reist Wells opnieuw naar de Sovjet-Unie en ontmoet er Stalin, die zijn twijfels blijkt te hebben over de door Wells bewonderde planeconomie, wat bij Wells de overdenking oproept dat hij dus linkser is dan Stalin!
“The war of the worlds” was volgens sommigen een aanklacht tegen de onderwerping van Tasmanië door het Verenigd Koninkrijk, maar anderen vinden dit te ver gezocht, aangezien H.G.Wells in andere boeken zichzelf als racist deed kennen. Zo verafschuwde hij vooral de Afrikaanse en Aziatische bevolking, al had dat ook met zijn Darwinisme te maken, dat D.H.Huxley, de vader van die andere SF-auteur Aldous, hem had bijgebracht. Wells oordeelde (terecht) dat de bevolkingsexplosie het voortbestaan van de mensheid in gevaar bracht, maar hij koppelde daar dan meteen de gedachte aan dat enkel een fysieke en intellectuele elite het recht had zich voort te planten. Daarmee kondigde hij het aankomende fascisme reeds aan.
Toch bleef hij als socialist bekend staan, wat vooral te maken had met het feit dat hij afkomstig was uit de arbeidersklasse, maar misschien juist daarom geloofde hij niet in de revolutionaire kracht van de werkende klasse, waarvan zijn intellectuele vrienden van The Fabian Society wél overtuigd waren. Dat belette hen overigens niet om Wells te mijden, aangezien ze hem “too vulgar” vonden.
Maar blijkbaar was het juist dit dat hem veel succes bezorgde bij de jonge meisjes die bij hem in de leer kwamen. Na een eerste huwelijk dat mislukt was omdat zijn vrouw het Victoriaanse beginsel huldigde dat de vrouw lijdzaam de seksuele driften van haar echtgenoot moest ondergaan, trouwde hij een tweede keer met iemand die wél met hem uit fietsen ging (ook letterlijk: hij was een fanatiek fietser en meestal was dit een middel om achter de meisjes aan te zitten), maar toch hield hij er nog tal van relaties op na en heeft hij bij zijn voornaamste minnares een dochter verwekt. Deze minnares stond centraal in het boek “Ann Veronica”, waarin hij opkomt voor de vrije keuze van de vrouw op het vlak van seksualiteit. Op andere plaatsen schrijft hij trouwens dat seks de voornaamste drijfveer van het bestaan is.
Ondanks de enorme populariteit van zijn SF-werken (wellicht was hij tijdens zijn leven de meest gelezen auteur) werd de verspreiding van déze boeken tegengegaan. Net zoals nu, waren er naast zedenprekers toen ook feministen die tegen deze boeken protesteerden. Zo schreef de 19-jarige Rebecca West een vlammende tirade tegen “Marriage”, omdat het slechts in name progressief was en omdat Wells in haar ogen een even grote macho was als alle andere mannen. Wells vond dat pamflet echter zo goed geschreven dat hij haar bij hem uitnodigde en wat moest gebeuren, gebeurde ook: ze werd zijn minnares. Bij haar verwekte hij een zoon, die hij evenwel niet erkende omdat zijn wettige kinderen op een public school zaten en die het odium van een natuurlijke stiefbroer niet mochten dragen. Wells was zijn eigen afkomst dus alweer vergeten.

Ronny De Schepper

(Zeer) selectieve bibliografie
Ray Monk, The future that didn’t work, The Sunday Telegraph, 22 februari 1988
Frank Wells, Herbert George Wells: a pictorial biography, 1970

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s