Bij deze eerste schooldag…

In « De bevrijdende functie van schooltheater » (onderwijskrant mei-juni 1980) vertelt leraar Jaak Cluytmans over de positieve ervaringen die hij heeft opgedaan op zijn school (Atheneum Kapellen) na het tot stand komen van een werkgroep theater. Zijn verhaal is natuurlijk één van de velen die de titel kunnen bevestigen. Wij spraken in dat kader ook met een leraar, die liever anoniem wou blijven (*) omdat hij zo waarheidsgetrouw mogelijk wil zijn zonder dat bepaalde personen, die zich in zijn verhaal zouden herkennen, zich gekwetst zouden kunnen voelen. Hij stelde voor dat wij hem Meester Fluwijn zouden noemen, al is elke gelijkenis met deze door Stekelbees nog bezongen figuur louter toevallig.
— Alhoewel u ook zeer positieve ervaringen hebt opgedaan met leerlingentoneel, bent u toch helemaal anders te werk gegaan dan de heer Cluytmans ?
Meester Fluwijn
: U mag zelfs zeggen dat ik vaak het tegengestelde heb gedaan ! Dat wil echter hoegenaamd niet zeggen dat ik het werk van mijn collega niet zou appreciëren. Integendeel, ik ben ergens jaloers op hem. Die theaterwerkgroep kwam elke woensdagnamiddag bijeen, lees ik hier, en op de foto’s zie je toch wel een tiental mensen. Dat vind ik een uitzonderlijke prestatie. Ik liet de leerlingen toneel spelen tijdens de lesuren en ik moet zeggen dat het succes daarvan in niet geringe mate afhankelijk was. Ik heb getracht de beste acteurs nog te overhalen om ook buiten de school aan toneel te doen, maar dat was teveel gevraagd. Eén uitzondering : een leerling had niet op mij gewacht om tot die conclusie te komen. Ondertussen heeft hij het zelfs al tot een filmrol gebracht. In « De Witte ».
— Toneel tijdens de lesuren. Dat gebeurt toch wel vaker, menen wij. En niet altijd tot voldoening van de leerlingen.
Meester Fluwijn
: Juist. Maar hier zijn twee opmerkingen van belang. Ten eerste schrijft het programma soms waanzinnige dingen voor. « Lucifer » van Vondel b.v. Het is natuurlijk onzinnig om dat stuk op te voeren. Gewoon lezen is zelfs al een kwelling ! Men moet m.a.w. met de leerlingen van gedachten wisselen welke stukken in hun smaak vallen. Ten tweede laten vele leraars de tekst van buiten leren. Dat kadert in de achterhaalde opvatting dat het geheugen een soort van spier zou zijn die kan worden « getraind ». Ik herinner me dat we in de lessen Latijn destijds nog Tityrus moesten spelen, die onder een bladerdak (« sub tegmine fagi ») op zijn fluit lag te spelen. Lachen, gieren, brullen natuurlijk ! Maar goed, bij mij volstaat dus expressief lezen. Dat boek in de hand is natuurlijk een hinderpaal en sommige overijverige leerlingen leren hun tekst inderdaad op eigen houtje van buiten. Dat kan je hun natuurlijk niet verbieden.
— Welke stukken vallen het meest in de smaak ?
Meester Fluwijn
: Dat is ook zoiets merkwaardigs. In die theaterwerkgroep ging men a.h.w. automatisch, ik citeer, « het institutionele geweld van de schoolkazerne ( … ) beantwoorden (…) met een vorm van tegen-geweld die op het eerste gezicht zuiver losbandig-destructief lijkt » enz. Allemaal weer erg mooi natuurlijk, maar alhoewel ik nooit mijn progressieve politieke opvattingen onder stoelen of banken heb gestoken, toch geraakten mijn leerlingen nooit verder dan iets wat volgens mij inderdaad dichter bij hun leefwereld staat, namelijk de ontluikende seksualiteit. M.a.w. stukken waarin eens mocht gezoend worden of zo, genoten steeds de voorkeur. Zodanig zelfs dat « Romeo en Julia » van Shakespeare als een absolute topper mag gelden. Andere « k(l)as-successen » waren o.a. « Suiker » en « Bruid in de morgen » van Hugo Claus. Ook toen ik hen zelf eens een plot liet bedenken (in de vierdes, om dat dan in diverse stijlen uit te werken : romantisch, naturalistisch, expressionistisch enz., dit kon dus uitzonderlijk binnen het kader van het hinderlijke programma) was het ook iets in die zin dat naar boven kwam : jongen uit de arbeidersklasse is verliefd op meisje van de « meer begoede » stand, zij wordt dan ook verplicht te huwen met iemand « van haar stand », maar uiteindelijk komt toch alles terecht. Nogal simpel dus, maar zij hebben het voor het zeggen, hé?

Ronny De Schepper

(*) Zo stelde ik het voor in De Rode Vaan bij het begin van het schooljaar 1980-81, maar in feite was ikzelf “Meester Fluwijn”…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.