Gisteren is de Nederlandse zangeres en (later) rechter Corry Brokken op 83-jarige leeftijd overleden.

Cornelia Maria Brokken werd geboren in Breda debuteerde in 1952 op de Nederlandse radio met het liedje “I Apologize”, dat helaas – voor zover ik kan nagaan – niet voor het nageslacht is bewaard. Twee jaar later bracht ze haar eerste plaat uit (“Auto-Scooter’s boogie”, eveneens in het Engels). In 1956 vertegenwoordigde ze Nederland voor de eerste keer op het Eurovisiesongfestival. Het lied “Voorgoed Voorbij” won niet (zoals enkele dagen geleden nog gezegd: de uitslag van de stemming was in dat jaar geheim, alleen de winnaar werd bekendgemaakt). Een jaar later won ze het Eurovisiesongfestival met het lied “Net als toen” (bovenstaande foto) , een compositie van Willy van Hemert. Ook in 1958 vertegenwoordigde ze Nederland; met “Heel de Wereld” werd ze 9e en gedeeld laatste. In 1959 deed Brokken voor de vierde keer mee aan het Nationaal Songfestival (wat bij ons dus in die tijd “Canzonissima” heette en recent “Eurosong”) maar deze editie kon ze niet winnen. Dat jaar kwam ook haar eerste album uit: “Corry’s bed-time story”, een 25cm-lp met acht Amerikaanse stukken. Een jaar later werd haar dochter Nancy geboren.
In 1960 kreeg Brokken een gouden plaat voor het nummer “Milord” dat Georges Moustaki oorspronkelijk voor Edith Piaf had geschreven. De tekst van het lied (over een prostituee) werd in het toen nog conservatieve Nederland door sommigen als aanstootgevend ervaren. De opvolger, een vertaling van de laatste hit van Piaf “Non je ne regrette rien”, werd echter niet zo’n groot succes, evenmin als haar versie van Petula Clark’s “Romeo”. Wel scoorde ze met zeer geslaagde interpretaties van chansons van Charles Aznavour, zoals “Mijn ideaal” (1962) en “La mamma” (1964). Tussen deze twee nummers bracht ze in 1963 met “Danswijsje” nog een Nederlandse versie van het winnende Deense songfestivalnummer “Dansevise”. En nog in 1963 bracht ze een opmerkelijke Brecht-single uit met twee nummers uit zijn “Dreigroschenoper”:  “Zeerover Jenny” (Seeräuber Jenny) en “Moordballade” (Mack The Knife) . Het cynische moordthema hernam ze – op een humoristische manier –  in “De Messenwerper” (1965): “Ivan, ik kan je niet missen, maar hopelijk mis jij me wel.”
Inmiddels was zij ook bij het Duitse publiek bekend geworden met Duitstalige plaatopnames van o.a. “Milord” en “La Mamma”. In 1966 werd ze gevraagd om namens Duitsland deel te nemen aan het Eurovisiesongfestival maar daar bedankte ze voor. Tussen 1967 en 1970 presenteerde zij wel voor de Duitse ARD grote televisieshows met gasten als Charles Aznavour, Gilbert Bécaud, Caterina Valente en Hildegard Knef. Maar in een interview met Het Parool kon ze de traditionele afkeer van Nederlanders voor Duitsers niet verbergen en dat schoot in het verkeerde keelgat. “Niemand heeft haar gevraagd om hier ons kijkgeld te komen opsouperen”, brieste een kijker in een Duits blad.
Ondertussen was er dus blijkbaar nog altijd geen elpee verschenen met een verzameling van haar “greatest hits”. Nadat haar platencontract met Phonogram was geëindigd, bracht Corry Brokken bij Polydor wel twee Nederlandstalige albums uit: “Corry Brokken zingt kleine cantates” (1967) en “Wereldsuccessen, met de complimenten van Corry” (1968). In 1971 verscheen bij EMI haar album “Voor Nancy”, geproduceerd door Willem Duys, en in 1973 haar laatste album, “Corry zingt Toon”, met liedjes van Toon Hermans. Maar dus geen bundeling van haar opnamen uit de vroege jaren zestig, zoals ikzelf mocht ondervinden, want in die tijd was ik daar (vruchteloos) naar op zoek.
In 1976 presenteerde Brokken het Eurovisiesongfestival, nadat Teach-In in 1975 het festival voor Nederland had gewonnen. Maar daarna begon ze, op 42-jarige leeftijd, met een studie rechten aan de universiteit in Utrecht. Ze scheidde van haar man, theaterproducent René Sleeswijk en begon met haar studiegenoot Jan Meijerink, met wie ze tijdens haar studie trouwde, een advocatenpraktijk. Na zes jaar advocatuur solliciteerde ze bij de rechterlijke macht. Brokken klom op tot gerechtsauditeur en werd in 1991 geïnstalleerd als rechter voor het leven.
In 1996 maakte Brokken een comeback, nadat ze een jaar eerder met een ere-Edison was onderscheiden voor de dubbel-cd “Net als Toen”, met eindelijk een overzicht van haar eerdere oeuvre als zangeres. Ze bracht één nieuwe cd uit met de toepasselijke titel “Nooit gedacht” die ze in enkele televisieprogramma’s promootte. Toen dit niet het verwachte succes opleverde stortte zij zich op het schrijven van haar memoires, getiteld “Wat mij betreft”, die in 2000 gepubliceerd werden.
Na haar 70ste verjaardag werd Brokken uitgenodigd om mee te doen aan het toneelstuk “De Vagina Monologen” en in 2006 was zij de vaste gastvedette bij theatergroep Purper in de show “Purper 100”, waarbij zij echter in de tweede speelserie verstek moest laten gaan, nadat bij haar borstkanker was geconstateerd. Haar aandeel werd overgenomen door Anneke Grönloh. Begin 2008 werd Brokken getroffen door een herseninfarct, waarvan ze langdurig moest revalideren. (Wikipedia)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.