Twintig jaar geleden ging ik in Arca naar “Doodgeestig” van Terry Johnson (foto) uit 1994 kijken. Terry Johnson was de auteur van “Insignificance”, verfilmd door Nicholas Roeg, dus dat leek me wel een interessant uitgangspunt, maar Arca zat toen volop in een crisis en aan de voorstelling zelf gingen dus een aantal strubbelingen vooraf.

“Artistieke meningsverschillen” zorgden ervoor dat het duo Hugo Van Laere-Bart Verschaeve de regieopdracht teruggaf. Een tragikomedie over een “Dead Funny Society” (Mieke De Groote, Carl Ridders, Hans Royaards, Daan Van den Durpel en Anja Van Riet) die de dood van Benny Hill met platte grappen herdenkt tot de drank zijn werk begint te doen en de hypocriete schuine moppen door de wrange realiteit achterhaald worden, is nu eenmaal geen sinecure. Scenograaf Niek Kortekaas nam over en slaagde erin de première met amper een week vertraging te doen doorgang vinden.
Het is onbegrijpelijk waarom Verschaeve en Van Laere zijn opgestapt. Want dit is een goed stuk, goed geacteerd en goed geregisseerd. Wilden zij nog verder gaan misschien? Vonden zij dat neuken en masturberen op scène (waarbij nog weinig aan de verbeelding overgelaten wordt) nog niet ver genoeg gingen? Of was het juist allemaal te realistisch? Waarom had men dat stuk dan überhaupt gekozen?
Zelf zag ik maar één fout: dat het personage van Mieke De Groote nood heeft aan seks, wordt in het lang en het breed getoond (dankzij Mieke zal je ons daarover niet horen klagen). Dat seks ook aanraken, liefkozen, strelen is, ook in orde, maar dat het op het einde blijkt te zijn dat ze eigenlijk een baby wil, dat pik ik niet. Als een vrouw dus seks wil, wil ze eigenlijk een baby? Kom zeg. Al moet ik toegeven dat de repliek in het stuk wel o.k. is: haar man Hans Royaards staat al met de valies in de handen omdat hij betrapt werd toen hij blijkbaar wél wilde neuken met de vrouw (Anja Van Riet) van zijn vriend (Carl Ridders). Hij wil echter niet echt weg en vraagt haar dus: wat wil je eigenlijk? Zoals gezegd, wil zij dus klaarblijkelijk een baby. Waarop hij: ja, ik sta hier nu al met die valies in mijn handen, ik zal dus maar weggaan, zeker?
Het personage van deze man zit ook niet 100% gegoten. Dat hij als gynecoloog geen zin meer heeft om zijn vrouw te bepotelen, speelt hij lange tijd geloofwaardig, tot blijkt dat hij bij de onnozele Lisa (Anja Van Riet) plots wel tot “grootse” daden in staat is.
Daan Van den Durpel mag op scène aan coming-out doen. Men kan dus zeggen dat deze rol hem op het lijf is geschreven.
De omzetting door Robin Maekelbergh is ook heel goed, al zitten er wel fouten in. Zo wordt toch de lof gezongen van de Britse humor als zijnde “onze” humor. Anderzijds is de dood van Leo Martin werkelijk in de plot verwerkt (of Gaston Berghmans al dan niet naar de Benny Hill-herdenking zal komen is namelijk een essentieel onderdeel daarvan), zodat ik me afvraag wie dat dan toch in het Engels mag geweest zijn?

Referentie
Ronny De Schepper, Tot het lachen je vergaat, Het Laatste Nieuws 17 februari 1996

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s