Robert Baden-Powell (1857-1941)

Robert_Baden-Powell2832

Het is vandaag 75 jaar geleden dat de Britse militair Robert Baden-Powell is gestorven. Gebaseerd op ervaringen en ideeën van zichzelf en anderen in het Britse leger in India en Afrika ontwierp Baden-Powell een jeugdspel dat in 1908 uitkwam als het boek Scouting for Boys. Terwijl hij dit schreef, testte hij zijn ideeën en methodes tijdens een kamp op Brownsea Island dat op 1 augustus 1907 begon en vandaag de dag wordt gezien als het begin van scouting. Believe it or not but thirty years ago I wrote some articles about scouting in “De Rode Vaan”…

Of men het nu nog doet, weten wij niet, maar destijds bij de scouts moesten wij de volgende formule uitspreken als we iets zwoeren : « In de hemel luidt de bel, als ik lieg ga ik naar de hel. » Waarna men op de grond moest spuwen. (*)
In België zijn er momenteel (1979) zo’n 145.500 meisjes en jongens lid van één van de vijf gidsen- en scoutsorganisaties die erkend zijn door de wereldverenigingen van gidsen en scouts (3.500 bij de Federatie voor Open Scoutisme, 42.000 bij de Fédération des Scouts Catholiques, 23.000 bij de Guides Catholiques de Belgique, 70.000 bij het Vlaams Verbond van Katholieke Scouts en Meisjesgidsen en 7.000 bij de Fédération des éclaireuses et éclaireurs). Dit betekent 10 % van de betrokken leeftijdsgroepen en een vooruitgang van 14,35 % in tien jaar tijd.
Al deze verenigingen hebben zich nu aaneengesloten in de v.z.w. « Gidsen- en scoutsbeweging in België », Dupontstraat 22, 1030 Brussel, tel. (02)219.29.92. Het is een coördinatie-orgaan dat tot doel heeft de contacten en de samenwerking tussen de vijf organisaties te vergemakkelijken en de spreekbuis te zijn van Guiding en Scouting in België.
Deze internationale beweging (Guiding en Scouting dus) is a-politiek en pluralistisch, maar dat betekent niet (zoals men kan vaststellen) dat alle leden ook aan die criteria beantwoorden. Anderzijds zijn F.O.S. en F.E.E. en sinds kort ook VVKSM gemengd, terwijl de internationale beweging dat niet is. De reden hiervoor schijnt te zijn dat vrouwen in de derde wereld niet gebaat zijn bij coëducatie.
Wel keren alle scoutsbewegingen zich tegen een maatschappij uitsluitend gericht op winstbejag. In die zin stapt men stilaan af van competitieve spelen om over te gaan op projecten, maar onderscheidingen b.v. zijn nog steeds niet afgeschaft.
Ter gelegenheid van de fameuze jamborees worden wel soms politieke standpunten ingenomen.
In 1910 kwam te Brussel de eerste scoutsroep op het vasteland tot stand. Het betekende meteen de start voor de Federatie voor Open Scoutisme, toen echter nog Boy-Scouts van België genoemd. Nevenstichtingen waren later de Sea-Scouts (1914) en de Girl-Guides (1919), in 1945 versmolten tot Boy-Scouts en Girl-Guides van België (B.S.B.-G.G.B.), maar in 1964 weer ontdubbeld, deze keer echter niet op seksistische, maar op linguïstische basis, in F.O.S. en voor de Franstaligen F.E.E.
In artikel 3 van de algemene principes en doelstelling vinden we : « De vereniging staat open voor allen, zonder enig onderscheid, ongeacht de godsdienstige, politieke of ideologische overtuiging of sociale afkomst. Zij eist van haar leden eerbied voor de overtuiging van de anderen. Zij heeft tot doel, door toepassing van het scoutisme en het guidisme volgens de methode van Baden Powell, bij te dragen lot de opvoeding van de jeugd. » In een verduidelijking wordt wel gestipuleerd : « De openheid houdt niet de neutraliteit of onpersoonlijkheid in van haar leden. » Wel streeft men ernaar om uitgaande van de menselijke waardigheid de zgn. universele waarden aan de leden eigen te maken. Dit gebeurt dus via het spel, telkens gebaseerd op zelfwerkzaamheid, medebeheer, teamwork, dienstbereidheid en engagernent, maar dan wel aangepast aan de diverse leeftijdsgroepen als daar zijn : de welpen (7-11 j.), de verkenners en gidsen (11-15 j.) en de seniors (15-17 j.). Vanaf 16 jaar komt men voor het leiderschap in aanmerking.
Bij de welpen schijnt men nogal gebiologeerd door het Jungleboek van Rudyard Kipling (wellicht vooral bekend door de tekenfilmversie van Walt Disney). Men spreekt dan ook van een horde met nesten (spelgroepen) en de leiders en leidsters eigenen zich de namen toe van Akela, Baloe, Bagheera en tutti quanti. Bij de verkenners en gidsen veranderen deze benamingen in die van benden en patrouilles.
Mede door hel feit dat F.O.S. steeds nauw heeft samengewerkt met het officieel onderwijs, schrijven ze zelf, opteren op dit moment meer dan 90 % van de F.O.S.-groepen voor coëducatie. Men beoogt hiermee vooral een doorbreking van het rollenpatroon in het volwassen leven.
Dezelfde terminologie als bij de Federatie voor Open Scoutisme vinden we terug bij het Vlaams Verbond van Katholieke Scouts en Meisjesgidsen, want deze termen én de pedagogische ideeën die erachter schuilgaan zijn natuurlijk in de beide gevallen ontleend aan Baden Powell (**). VVKSM is echter niet open of neutraal, « onze christelijke levenshouding en Vlaamse overtuiging geven een eigen gezicht aan de beweging » zeggen ze zelf. Opvallend is ook dat, alhoewel VVKSM net als FOS in theorie gemengd is, in de praktijk slechts 10 % van de afdelingen coëducatief werken, dat is dus net de omgekeerde verhouding als bij FOS.
Gezien het duidelijke engagement van VVKSM is het misschien voor onze lezers een verrassing dat wij ook aan hen een aflevering van deze jeugdrubriek wijden. Daar staat echter tegenover dat VVKSM bijna 50 % van alle Belgische gidsen en scouts groepeert en niet minder dan 95 % van de Vlaamse aangeslotenen.
Er is echter niet alleen een op kwantitatieve gronden gesteund argument dat we naar voren kunnen schuiven, ook “kwalitatief” als we het zo mogen uitdrukken. Inderdaad, geregeld ontvangen we op de redactie progressieve standpunten van VVKSM die zij via de pers wereldkundig wensen te maken.
In de zaak van de Arenaweide nam VVKSM b.v. een zeer duidelijke positie in waarbij aangeklaagd werd dat de officiële instanties geen rekening hielden met de stem van het volk en gewezen werd op het hypocriete van initiatieven als het jaar van het dorp en het jaar van het kind als deze geen verlengstuk krijgen in de alledaagse politieke realiteit. Een andere illustratie van de opvattingen van VVKSM vinden we in hun argumentering om niet deel te nemen van de vieringen gepland t.g.v. het 150-jarig bestaan van België :
« De nationale leiding is van oordeel dat er op dit ogenblik voor de Vlamingen geen enkele reden is om verheugd te zijn over 150 jaar België.
Tevens vindt zij het onverantwoord dat voor deze gelegenheid een half miljard wordt uitgegeven, terwijl de regering anderzijds talrijke besparingen noodzakelijk acht, en de werkloosheid, vooral onder de jongeren, steeds toeneemt. Zij is van oordeel dat dit geld beter kan besteed worden aan de verbetering van het lot van de minstbedeelden in onze maatschappij.
De manifestaties die gepland zijn op nationaal vlak, getuigen van weinig verbeeldingskracht en van paternalisme. Bovendien dreigt het jongerenprogramma een zeer elitair karakter te vertonen. Met het bieden van gastvrijheid aan enkele duizenden buitenlandse jongeren komen zeker niet alle lagen van onze bevolking aan bod.
Tenslotte laat de nationale leiding de plaatselijke groepen vrij te beslissen of zij zullen deelnemen aan de initiatieven, die door de plaatselijke overheden worden georganiseerd. De groepen worden echter aangespoord om na te gaan of deze initiatieven beantwoorden aan de Vlaamse overtuiging, die onze beweging kenmerkt.
»

Referentie
Ronny De Schepper, Scoutisme, De Rode Vaan nr.15, 16 en 17 van 1979.

(*) Het begin van een minibrokje dat ik boven een reeks van drie korte artikelen over scoutisme heb geplakt. Het is twijfelachtig dat dit minibrokje van mij is, want ik ben nooit lid geweest van de scouts. Wel een heel korte periode van de chiro. Dat was van mijn zes tot mijn negen jaar, als ik me goed herinner, en dan nog vooral omdat een van de leiders (Freddy Poeck) recht tegenover onze deur woonde. Op die manier heb ik zelfs nog de opname van de film “Het geheim van de zwarte map” (zie onderstaande foto) meegemaakt van regisseur Willy De Wilde en scenarist Marc De Nil (première in zaal Buffalo in de Gasthuisstraat op 19 december 1959). Toen de film in 2007 werd gerestaureerd, leende Freddy Poeck zijn stem voor de begeleidende commentaar (want de oorspronkelijke film was zonder geluid opgenomen). Op de première in zaal Roxy op 23 februari 2008 werd de muziekkapel van de chiro geleid door mijn jeugdvriend Marc Bulteel.
Maar zelfs op die jonge leeftijd aardde ik niet echt in een omgeving waarin gehoorzaamheid werd geëist. (Dat was nog in de tijd dat men in jeugdbewegingen zonder aarzelen de “corrigerende tik” mocht gebruiken en een paar van die “tikken” – vooral dan klinkende oorvijgen – kan ik me nu nog herinneren.)
Toch was het voornamelijk omwille van mijn passie voor het wielrennen dat mijn passage bij de jeugdbeweging maar van korte duur was. De bijeenkomsten waren immers op zondagnamiddag en dan worden ook de meeste wielerklassiekers verreden. Zo herinner ik mij dat ik op weg naar het speelterrein in de Gasthuisstraat in een openstaande deur van een café nog naar een WK heb staan kijken (de Brit Brian Robinson in een afdaling, ik zie het nog voor me alsof het gisteren was) en dat ik gezworen heb: volgend jaar zal ik op mijn gemak thuis zitten kijken. En ik kreeg mijn willetje nog doorgedrukt ook! (Daardoor heb ik de opnames van een tweede film, “De kandelaar”, in 1962 niet meegemaakt.)
Veel later, vlak voor ik getrouwd ben, ben ik – toen de socioculturele werkgroep zich afscheurde van jeugdclub Broebelke – nog in contact gekomen met jongeren van de KSA die de jongerengroep De Veldstraat hadden gesticht, maar dat had uiteraard nog weinig met “jeugdbeweging” te maken. Een tiental jaren later heb ik in Temse dan nog eens een afdeling van de Pionierkes opgericht en heb ik zelfs een “officieel” diploma van leider te pakken gekregen, maar toen een meisje tijdens een spel in “den bos van Janssens” in een verroeste nagel trapte, die dwars doorheen haar voet kwam te zitten, was het snel gedaan met de “pret”…

(**) “He constructed camps for boy scouts and was moved by photographs of naked boys bathing. One of his interests was watching executions – he would travel many miles, and cross frontiers, to be present at them.” (A.S.Byatt,  The children’s book, p.395)

59 snapshot uit de film de zwarte map aan frietkot van verest

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s