Jeanne Brabants (1920-2014)

Het is alweer twee jaar geleden dat de choreografe en danspedagoge Jeanne Brabants is overleden. Ze was 93 jaar. Brabants heeft in 1951 de Antwerpse balletschool en in 1969 het Ballet van Vlaanderen opgericht. Ook een groot aantal choreografieën staan op haar naam. Brabants heeft op die manier haar stempel gedrukt op verschillende generaties dansers in Vlaanderen. Jeanne Brabants was al geruime tijd zwaar ziek en kreeg in september 2013 bovendien ook nog de dood van haar dochter Marianne Van Kerkhoven te verwerken. Haar man was immers Bert Van Kerkhoven (1906–1984), directeur van de toenmalige BRT en vervolgens directeur van de toenmalige KNS. Als ik me niet vergis had ze ook nog een zoon genaamd Jan. In 1983 had ik een telefonisch vraaggesprek met Jeanne Brabants, die toen aan haar laatste seizoen als directeur van het Ballet van Vlaanderen bezig was.

« Put on your red shoes and dance ! », we hoorden het deze zomer genoeg. Zou David Bowie een invloed gehad hebben op de belangstelling voor het ballet in Vlaanderen ? We vroegen het aan Jeanne Brabants, directeur (ook zij gebruikt de mannelijke vorm) van het Ballet van Vlaanderen bij het begin van een nieuw seizoen.
J.B. : De belangstelling is hoe dan ook excellent. Wij hebben een nieuw regime, een nieuwe abonnementenreeks en die loopt uitstekend. Wij hebben op dit moment zo’n 400 abonnementen in Antwerpen en 200 in Gent.
— En hoe zit het met de recrutering van balletdansers ? Is er een voldoende basis en bevalt de opleiding je ?
J.B.
: Wij hebben een eigen Stedelijk Instituut voor Ballet in Antwerpen, de enige school in ons land met algemeen onderwijs en dansonderwijs tesamen, en daar komen de meeste van onze dansers vandaan. En als er onvoldoende zouden zijn dan is er in heel de wereld wel een groot overschot, maar wij geven er natuurlijk de voorkeur aan om de mensen die we zelf hebben gevormd, een plaats te geven.
— Op dit moment is er in zowat alle artistieke genres een hang naar exotisme met name vooral Afrikaanse invloeden maar ook Aziatische en andere. Is dit ook het geval voor het ballet ?
J.B.
: Ik denk het niet. In groepen zoals die van ons dient er reeds zo hard gewerkt om het eigen materiaal onder de knie te krijgen dat het moeilijk is om zich nog met andere vormen bezig te houden. Ik denk dat dit alweer zo’n specialisatie is dat men daar een mensenleven zou kunnen aan wijden, om daar enig inzicht in te krijgen.
— Wat mogen we dan wel van jullie verwachten ?
J.B.
: Er is eerst het Festival van Vlaanderen in Gent op 26 september, daarna gaan wij met die reeks voorstellingen naar de Singel in Antwerpen op 7, 8 en 9 oktober en terug naar de Gentse Opera op 15 oktober waarna wij naar Sint-Pieters-Woluwe trekken, naar Sint-Niklaas, kortom wij doen het hele land af. Op 25 oktober hopen wij dan te vertrekken naar Mexico. In deze eerste reeks zullen we de « Boléro » van Ravel dansen in een choreografie van Sigurd Leeder, daarbij hernemen we « La Péri » van Paul Dukas in een choreografie van John Butler, gevolgd door de Belgische première van « Symphony in three movements » van Igor Stravinsky in een choreografie van Nils Christé en tot slot de creatie van « Venusberg-bacchanale » op muziek van Richard Wagner naar aanleiding van zijn eeuwfeest, in een choreografie van André Leclair. Zowel « Boléro » als « Symphony in three movements » zijn nieuw voor ons repertoire en werden gecreëerd op het Festival van Granada eind juni jl. « Venusbergbacchanale » wordt echter helemaal voor het eerst gebracht in het kader van het Festival van Vlaanderen.
We hebben getracht in ieder avondvullende productie een wereldpremière te brengen en ook choreografieën die voor het eerst door ons gezelschap worden gedanst. Zo ook voor de tweede reeks die op 16, 17 en 18 december van start gaat in de Singel. Deze productie zal voor het eerst in Gent worden gebracht op 7 januari, opnieuw in de Opera. Het eerste werk heet « Les Rendez-Vous » op muziek van Auber en in een choreografie van Frederic Ashton. Dit is een bestaand ballet, maar een creatie voor ons gezelschap. Dan als herneming « La Cathédrale Engloutie » van Debussy in een choreografie van Jiri Kylian. En als wereldcreatie brengen we van Aimé de Lignière « De verloren zoon » op muziek van Krystov Penderecki. Tot slot nog een herneming van vorig seizoen : « Rodeo » op muziek van Aaron Copland en in een choreografie van Agnes De Mille, een zuster van Cecil B., jawel.
De laatste première van het seizoen loopt op 2, 3 en 4 maart in De Singel en op 22 maart in de Gentse Opera. Ze behelst drie werken. Op de eerste plaats nogmaals een wereldcreatie, deze keer van André Leclair, genaamd « Concerto champêtre » op muziek van Francis Poulenc. Dan volgt een herneming van enkele seizoenen geleden, « Masque of separation », een choreografie van Robert Cohan op muziek van de Amerikaanse componist Alcantara. En we besluiten met nog een ballet van John Butler, namelijk de « Carmina Burana » van Carl Orff, dat voor het eerst door ons zal worden gedanst.
En zeggen dat wij dat al járen dansen. Na een bacchanale dan. Een « Venusberg-bacchanale »…

Referentie
Jan Draad, Jeanne Brabants aan het lijntje, De Rode Vaan nr.36 van 1983

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.