Dionne Warwick wordt 75…

264-11-im-Cover-6047

De Amerikaanse zangeres Dionne Warwick wordt vandaag 75 jaar. Ze is vooral bekend door haar werk met de songwriters en producers Burt Bacharach en Hal David. Eén van hun nummers is b.v. “A House Is Not a Home” written for the 1964 film of the same name, starring Shelley Winters and Richard Todd. Aangezien ik over Dionne Warwick zelf niet veel te vertellen heb (al heb ik wel een “greatest hits” van haar in huis), zal ik dus dit nummer aangrijpen om het over iets anders te hebben, namelijk… binnenhuisarchitectuur.

Dionne Warwick zong het reeds in het begin van de jaren zestig: “A house is not a home”, een huis is niet noodzakelijk een thuis. Mia De Pauw heeft het op zich genomen om van een huis een thuis te maken. Gemakshalve laat ze zich een coloriste noemen, maar haar doel is meer omvattend dan dat: een overeenkomst bereiken tussen het huis zoals het is, en de wensen en noden van de bewoners. En haar instrumenten daarbij zijn kleur en decoratie.
Mia De Pauw heeft zelf alle decoratie- en schildertechnieken gestudeerd en beoefend, maar eigenlijk is ze begonnen op… het conservatorium. Nog voor ze kon lezen (aangezien ze slecht zag) speelde ze reeds muziek. Daarom lieten haar ouders haar muziek studeren, alhoewel ze daarnaast ook al schilderde en (later) schreef. Het begon dan ook met piano, nadien gevolgd door lyrische kunst aan het Antwerpse conservatorium. Daar maakte ze het zo bont dat ze aan de deur werd gezet, maar toch had ze blijkbaar de kriebel van de scène te pakken en schakelde ze over op toneel. De Antwerpse kroegen waren echter haar voornaamste scène en omdat niet overal een piano beschikbaar was, greep ze dan maar naar de gitaar.
Was ze zeer exhibitionistisch op muzikaal vlak, dan was ze over haar schilderwerk eerder terughoudend. Toch begon ze op de duur toch een opleiding te volgen, weer zeer heterogeen, zowel beeldhouwen als boetseren, maar vooral toch schilderen. Maar net als bij haar muzikale avonturen, heeft ze nooit een opleiding afgemaakt. Ze was te eigenzinnig om haar werk voor te leggen aan een jury. Maar sedert enkele jaren heeft ze eindelijk haar draai gevonden en vallen alle stukjes van de puzzel in elkaar. “Al die verschillende disciplines hebben me zeer gevoelig gemaakt voor harmonie, voor mensenkennis ook, voor alle vormen van expressie.”
“Op een bepaald moment had ik mij op bouwen en verbouwen gestort, kappen en breken, loodgieterij, noem maar op. Ik ontdekte manuele arbeid en ik vond dat zalig. Dat betekent dus dat ik als het erop aankomt, ook veel van dat soort werk kan opknappen in een huis. En wanneer de werken een bredere aanpak vragen, kan ik een beroep doen op een hechte ploeg van de beste vakmensen. Van muren tot kasten, gordijnen tot tapijten, het geheel perfect verzorgd, met liefde voor de materialen en met eerbied voor de traditie van het vakmanschap. Eerst gewoon bij mezelf, maar mijn vrienden moedigden mij aan om dat beroepsmatig te gaan doen. Ik stond daar in het begin sceptisch tegenover, ik wist niet of daar wel vraag naar was, maar dat bleek te lukken.”
In wat verschilt ze dan eigenlijk van, zeg maar, een binnenhuis-architecte?
“Als ik door iemand gevraagd word, doe ik, voor ik begin, een meditatie, zodat ik leeg naar de klant ga. Ik vergelijk dat meestal met een roker: die z’n neus zit zo verstopt dat die geen enkele geur meer kan waarnemen. Zo is dat ook met onze geest: die zit helemaal vol en zo zijn we niet meer ontvankelijk voor indrukken van buitenaf. Die meditatie heeft te maken met mijn belangstelling voor het boeddhisme, dat – ik beklemtoon dit nog maar even – géén godsdienst is, maar dat mij aanspreekt omwille van zijn zonnige karakter. Anderhalf jaar geleden ben ik geïnitieerd door de Dalai Lama himself in de Himalaya. En we zijn samen hand in hand de berg op gegaan. Dat was voor mij letterlijk een droom die waar werd.”
En ken je nu ook de zin van het leven?
“Het leven is zinloos.”
Maar je gelooft wel in reïncarnatie? Dus ook in een beloning of een straf na de dood?
“Ten opzichte van mijn klanten is enkel belangrijk dat ik iederéén aanvaard, wat ook zijn geaardheid is.”
Dat kan je wel makkelijk zeggen omdat iedereen dan denkt aan seksuele geaardheid, maar er zijn toch ook mensen die doelbewust het kwade doen?
“In mijn beroep kom je dat soort mensen niet tegen. Ik heb altijd met gevoelige mensen te maken.”
Maar waarom zou in jezelf graven altijd het betere moeten bovenhalen?
“Zelfs de grootste gangster voelt aan wat goed en wat slecht is. Of hij ook de keuze zal maken voor het goede, dat is weer iets anders, maar daarvoor geloof ik dan in de karma. Dat wil zeggen dat eender wat men doet zich als een boemerang tegen jezelf zal keren. Maar dat kan in een volgend leven zijn, ja. Dat kan zelfs tien, twintig levens later zijn. Dat is de karmische schuld.”
“Maar goed, dan vraag ik de klanten wat te babbelen over koetjes en kalfjes, liefst niet over het huis. En ondertussen is het alsof mijn thermometer in het wezen van die mensen zinkt. Stilletjesaan wordt hun buitenlaag eraf gepeld, dat doen ze haast vanzelf en tamelijk snel komen we tot de essentie. Dan geef ik ze als huiswerk wat boekjes mee, waarin ze alle prentjes die ze mooi vinden, moeten aanduiden. Op die manier probeer ik te achterhalen waarom ze bepaalde dingen mooi vinden. En dat heeft heel vaak te maken met een sfeer die ze daarin vinden, maar die daarom niet zo maar toepasselijk is op hen. Een veel voorkomend geval is dat ze een romantische woonst wensen, maar dat ze toch een uiterst moderne woning hebben gebouwd. Dan sjouwen ze dat huis vol met meubelen die daar absoluut niet in passen. Kortom, ze proberen hun frustratie op een verkeerde manier recht te zetten. Ze voelen zich dan uiteraard toch niet goed en het is op zo’n moment dat ze mij ter hulp roepen.”
Mrs.Proper!
“Dan kom ik meestal op de proppen met mijn specialiteit, decoratieve muurschilderingen, maar ook het hele huis durf ik overhoop gooien. Tegenwoordig waag ik me zelfs al aan het uittekenen van meubelen. Daarbij schrik ik niet terug van extremen. Zo heb ik ooit iemand geholpen die bezeten was van theater. Maar let op, dat was een loodgieter, hé! Nu, in plaats van zijn hobby ergens weggedoken te beoefenen, raadde ik hem aan dit centraal te stellen in zijn woning. En nu woont die elke periode van het jaar in een ander decor. Een ander paar was zeer veel met erotiek bezig. Dat had ik met een eerste oogopslag gezien.”
Ja, dat kan ook moeilijk anders, als ze in SM-outfit de deur komen openmaken!
“Nee, ernstig, ik had die mensen onmiddellijk doorzien. Op dat vlak moeten ze mij geen blaaskes wijsmaken. Nu, zo’n mensen heb ik aangeraden erotische fresco’s aan te brengen in hun slaapkamer. Dat was bij hen niet opgekomen en als dat wel al het geval was, dan zouden ze dat nooit durven vragen, maar toch zit dat diep in hen verborgen. En ik trek dat allemaal open. Wees wie je bent. Leef zoals je wil. Trek je niets aan van wat anderen ervan denken.”
Wat zal ons huis daarvan zeggen!
“Maar trek je wél aan wat het huis ervan vindt! Want het huis beschouw ik ook als een levend wezen met eigen karakteristieken. Daarom probeer ik een evenwicht te vinden met mijn kleuren. Zeker als het huis zelf reeds heel mooi in harmonie is. Veel huizen hebben echter geen persoonlijkheid. Dat is hun schuld niet, maar die van de architect. Dan durf ik integendeel met heel felle contrasten werken om dat huis uit zijn banaliteit te halen. Men heeft mij al gezegd: nadat je je werk gedaan had, begrepen we eindelijk het verschil tussen een huis en een thuis.”
Vooraf hebben we wat zitten praten. Akkoord, je hebt niet gemediteerd…
“Toch wel, ik heb vandaag al vijf keer gemediteerd.”
Des te beter. Wil je op basis van wat ik je heb verteld over mezelf (niet over mijn woonst) eens vertellen hoe die er zou moeten uitzien?
“Ik denk dat je in een zeer neutraal huis woont, zonder al te veel spectaculaire dingen, omdat je een stille smaak hebt, je valt niet op uitgesproken zaken. Nogal conservatief, wat niet wil zeggen dat je geen design-meubel zou durven kopen. Ik zie, ik zie… veel rechte lijnen ook, maar dat is niet erg, want je voelt je daar goed bij.”
Ik moet eerlijk zeggen dat buiten het feit dat het een appartement is, dat je bijna alles juist hebt. Oh ja, en ik zou geen geld aan een design-meubel geven.
“Maar in de plaats van dat beige gordijn, zou je beter met fluweel werken. Dat heeft een mannelijke sensualiteit. En uw boeken moet je eren. Je zou eigenlijk een miniatuurversie van zo’n gaanderij als in een Engelse leeszaal moeten hebben. Roodhouten boekenkasten tegen een donkergroene achtergrond: prachtig!”
Maar hoe integreer je daar een computerscherm in?
“Wat men zeker niet mag doen is per stuk dat men koopt, televisie, video, computer enz., telkens een goedkoop formica-tafeltje kopen. Dat schept onrust. Laat een meubel maken uit één stuk, waarop alles zijn plaats heeft.”
Is een keuken enkel functioneel?
“Nee. Als ikzelf nog zou bouwen, dan zou m’n keuken tamelijk centraal in mijn huis staan. Op z’n Frans. Met echte meubelen en met een grote nonchalance ten opzichte van de ruimte. Met een grote tafel b.v. Zoals bij de boeren vroeger. Dat de bezoekers een aperitiefje kunnen drinken, terwijl de kok het eten bereidt. Allemaal eerlijk en open. Zelfs als je op een klein appartementje woont, dan kun je daar toch nog iets aan doen, door het contact tussen keuken en leefgedeelte open te houden. Ik vind het zelfs niet erg dat er een berg afwas zou staan.”
Welke kleur moet mijn badkamer hebben?
“Een waterkleur. Blauw of groen. Ook al geeft dat een lelijke reflectie in de spiegel. Maar het is zeer rustgevend. Een badkamer wordt te veel als een klinische bedoening benaderd. Nochtans is dat de plaats waar je niet alleen je lichaam, maar ook je geest reinigt. Je komt thuis van je werk, moe, bezweet, slecht gezind en dan moet je dat daar kunnen afleggen. En dat kan met bescheiden middelen: een kaarsje, mooie kleuren, een drankje bij de hand, kortom dat moet een haremsfeer oproepen.”
En nu de hoofdschotel: de slaapkamer!
“Een slaapkamer moet sensueel en warm zijn. Want daar gebeurt het. Of op z’n minst droom je er daar van. Van als je nog maar de deur opensteekt, moet je al geïnspireerd zijn. Verlichting is zeer belangrijk. Kaarsen, nog maar es. Textiel, wandbekleding. Alhoewel het omgekeerde ook persoonlijkheid kan uitstralen. Dat is wat ik zou noemen de Japanse slaapkamer: kaal, steriel, zeker geen kleerkast, enkel een bed en een paravent en een abstract schilderijtje aan de muur. Zo zie je maar weer: alles hangt af van de persoon en van het huis.”
‘k Zou ‘t geloven: ikzelf ben ook nogal in erotiek geïnteresseerd, maar ik mag er niet aan denken dat je die fresco’s in mijn slaapkamer zou aanbrengen. Niet dat ik dat niet eens één keer leuk zou vinden, maar daar alle dagen moeten op kijken…
“Dan kun je dat ook doen met een klein motiefje op de muur en dan een erotisch schilderij of een erotische foto, die je geregeld kan vervangen. Of die je kan verbergen als je schoonmoeder op bezoek komt. Maar erotiek heeft niet alleen te maken met een grafische afbeelding, ook met kleur, met licht, met heel veel zaken. Het kan ook prikkelend zijn zonder dat het er vingerdik op ligt.”
Wat zijn sensuele kleuren?
“Alle warme aardetonen zijn zeer sensueel. Op dat vlak inspireer ik me zeer veel op Arabische en Moorse interieurs. Ik heb heel veel gereisd, dus ik heb dat allemaal gezien. Heel veel inspiratie haal ik uit primitieve gemeenschappen in Azië of Afrika omdat die zichzelf met de tijd hebben bewezen. Maar ik ga dat uiteraard niet klakkeloos overnemen.”
Wel merkwaardig dat je in het kader van het exotisme over primitieve culturen spreekt en niet over China en Japan b.v.
“Dat heeft me nooit aangesproken. Ik heb daar zelfs een diep ingewortelde afkeer van.”
Je hebt je al een paar keer laten ontvallen dat je slecht ziet. Heb ik het verkeerd voor als ik zeg dat je daarom zo met deze thematiek bezig bent? Alsof je gulzig alle visuele indrukken wil verwerken?
“De nagel op de kop. Ik was vier jaar vooraleer ze ontdekt hebben dat ik eigenlijk niet zag. Ik zag namelijk alleen maar kleuren en licht en donker. Ik heb dan jarenlang gezichtstraining gehad in het UZ. Dat heeft mijn ouders een fortuin gekost. Ik ben daar werkelijk door geobsedeerd geraakt. Ik heb vaak motten rond mijn oren gekregen omdat ik staarde naar de mensen. Nu nog altijd, al probeer ik er wat op te letten. Maar ik ben zo hongerig naar zien. En dat is nu zo fanatiek dat ik technisch misschien minder zie, maar in feite zie ik méér dan andere mensen.”
Een transformatie kan gebeuren op lange termijn, in voorzichtige fazen, of in één keer. Elke oplossing en prijs wordt echter op maat gemaakt, om iedereen te kunnen laten genieten van een huis dat een thuis is.
“Mijn prijzen zijn te vergelijken met een behangpapier van een gemiddelde prijsklasse.”
Dus niet alleen voor de begoede klasse?
“Jonge mensen die een loft kopen b.v. Waar kun je je nu beter amuseren? Daar moet je nog van nul beginnen, van ruwbouw.”

Referentie
Ronny De Schepper, Wees wie je bent, leef zoals je wil, Steps magazine maart 1996

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.