25 jaar geleden: ‘Tuut!’ zei de trein en ‘De Statie’ vertrok…

IMG_0001Nooit gedacht dat dit absurde kinderrijmpje nog enige waarheid kon inhouden… In Gentbrugge is het echter dubbel en dik van toepassing: waar eens de trein bleef stille staan, is nu een vzw actief die zich “De Statie” noemt, wat niet verwonderlijk mag heten aangezien men inderdaad een onderkomen heeft gevonden in het vroegere stationsgebouw. Terwijl de koffie stond te geuren en de koffiekoeken op afnemers lagen te wachten, hadden we een gesprek met de voorzitter van deze nieuwe vzw, SP-gemeenteraadslid Albert De Bruyne.

Onze eerste vraag lag uiteraard voor de hand: wat is de vzw “De Statie” precies?
Albert De Bruyne:
“De prioritaire bedoeling is de activiteiten van de plaatselijke CSC-afdeling hier te laten doorgaan, maar bij uitbreiding staan wij ook open voor andere progressieve organisaties, vooral die binnen de socialistische gemeenschappelijke actie, en plaatselijke initiatieven tout court. In dit kader moet men b.v. onze tentoonstellingen van Gentbrugse kunstenaars zien. Wij geven minder bekende schilders en beeldhouwers de gelegenheid hun kunstwerken in een goede accomodatie ten toon te stellen.
Het spreekt vanzelf dat de voorraad Gentse kunstenaars niet onuitputtelijk is en dat dus ook wel eens artiesten van elders aan bod zullen komen, maar wij willen op de eerste plaats hèn een forum bieden, net zoals dit het geval is bij onze aperitiefgesprekken die hier elke maand plaatshebben op een zondagvoormiddag.
Ook daar geven we de voorkeur aan eigen mensen, met dien verstande dat we erop toezien dat we een breed sociaal-politiek spectrum bestrijken.
Daarbij gaat onze aandacht vooral naar mensen die toch reeds een actief verleden achter de rug hebben, ik denk b.v. aan het succesvolle aperitief met Amedee De Keulenaar over vijftig jaar militant syndicalisme.
Het gesprek handelt met andere woorden niet zozeer over wat ze nu doen, maar het accent ligt op hun jeugdjaren, hun groeiend militantisme, hun motivaties enzovoort.
50 albert de bruyneAlbert De Bruyne: Voor de geïnterviewde zelf is dit een aanleiding om daarop nog eens terug te kijken, wat veelal toch een aangename herinnering is, terwijl het voor de toehoorders een soort van orale geschiedenis vertegenwoordigt. En bovendien geeft deze werkwijze vaak de gelegenheid om een paar anekdoten op te rakelen, want het is zeker niet de bedoeling dat het droge gesprekken zouden worden…
Blijkbaar zijn we daar trouwens tot nu toe in geslaagd want deze “stationsaperitieven” kennen een behoorlijk groot succes.”
Opknappen
DDD: We komen daar zo dadelijk nog even op terug, maar vooraf zou ik u toch willen vragen hoe u precies op het idee gekomen bent om dit nu in een afgedankt station te laten plaatsvinden?
Albert De Bruyne:
“Door zelf bij de NMBS te werken, was ik natuurlijk van één en ander op de hoogte. Zo had ik al lang in de gaten dat na de afschaffing van een aantal stations – waartegen ik overigens nog veel actie heb gevoerd – dit vrij recent opgetrokken gebouw (zeventien jaar) reeds een viertal jaren leeg stond.
Dat deed me werkelijk pijn aan het hart, te meer daar er in de stad Gent, maar vooral ook in de randgemeenten, een gebrek is aan ontmoetingsruimten voor socio-cultureel werk.
Dit gebouw kon daarvoor uitstekende diensten bewijzen en maandenlang heb ik dan ook hemel en aarde verzet tot de NMBS bereid was ons dit station tegen een betaalbare prijs te verhuren.
Dat is ons uiteindelijk gelukt en dan zijn we met man en macht aan het werk getogen om dit gebouw opnieuw op te knappen.”
DDD: Inderdaad, want stationshallen zijn nu niet meteen de gezelligste plekjes op de aardbol, maar toch is het hier erg knus. Kunt u misschien even in een paar woorden beschrijven, wat u er precies van gemaakt heeft?
Albert De Bruyne:
“We wilden wel de atmosfeer van het station behouden. Het lawaai van de voorbijdenderende treinen krijgen we er overigens gratis bij. Maar aan het grondplan van het station zelf hebben we niks veranderd. Van de wachtzaal hebben we een tentoonstellingszaal gemaakt, die dankzij het aanbrengen van een aantal vakkundig geplaatste spots de vergelijking met professionele galerijen rustig kan doorstaan.
Waar vroeger de loketten waren, hebben we een toonbank geïnstalleerd waardoor er overigens meer ruimte is in de eigenlijke zaal en er ook geen hinderlijke bedrijvigheid is als er een of andere activiteit plaatsheeft.
Ik wil ook benadrukken dat we dit alles hebben gerealiseerd met recuperatie-materiaal. Zowel de stoelen als de tafels zijn eerder afgeschreven door één of andere organisatie of door particulieren. Onze toog hebben we opgetrokken met stenen van een apotheek die in afbraak is en het marmeren schenkblad komt uit de Volkskliniek in de Sint-Margrietstraat. Op die manier hebben we de kosten kunnen beperken tot het aanschaffen van die spots en dergelijke. Er zijn wel heel wat vrijwillige arbeidsuren in gekropen.
Niet alleen hebben we van binnen alles gekuist en geverfd, maar we hebben ook de buitengevel geschilderd, waarbij we wel veel steun hebben gekregen van de spoorwegen zelf, dat moet ik eerlijkheidshalve toegeven.
Kortom, we hebben nu de basis gelegd om met een werking van start te gaan. Wat natuurlijk niet wil zeggen dat we geen bijkomende fondsen zouden kunnen gebruiken, b.v. om nieuw meubilair aan te schaffen. We moeten immers nog al te veel gebruik maken van de bekende vouwstoeltjes die ons door de stadsdiensten ter beschikking worden gesteld.”
Ander publiek
DDD: Is het lokaal enkel geopend wanneer er een activiteit plaatsheeft of zijn er ook vaste openingsuren?
Albert De Bruyne:
“Elke zondagmorgen van half elf tot één is het open als ontmoetingscentrum. Daarvan maken vooral mensen uit de buurt gebruik maar ook b.v. gepensioneerde spoormannen. Alhoewel het niet meteen tot onze hoofddoelstellingen behoort, vinden we deze vorm van sociaal dienstbetoon toch ook erg belangrijk.
Zoals u kan zien, zijn die gepensioneerden zichzelf gaan organiseren en houden zij hier ook eigen activiteiten. Het is nu maandagnamiddag en zo dadelijk zal er hier een koffietafel plaatsvinden, waarbij er overigens ook ruimte is om te dansen. Op hun eigen initiatief is er ook een hobbyclub gegroeid die nu ook regelmatig bijeenkomt.
Reken daarbij dus de activiteiten van het CSC zelf en daarnaast nog van Vermeylenfonds of Masereelfonds en je komt wel aan een vrij goede bezettingsgraad.
Toch denken wij nog aan uitbreiding, waarbij we ons vooral laten inspireren door de vzw “De Vuist” uit Mariakerke.
Daar kan je ook terecht voor allerlei vormen van sociaal dienstbetoon. Ik denk aan het invullen van belastingsbrieven, contacten met het stadsbestuur en dergelijke meer.
Maar daarnaast willen we ons vooral richten tot bepaalde doelgroepen. Ik heb reeds het voorbeeld gegeven van Amedee De Keulenaar, dat is iemand die uit ABVV- en SP-middens afkomstig is en “dus” mikten we daarmee op mensen uit datzelfde milieu. Maar onze eerste activiteit was met Piet Van Eeckhaut, die niet alleen een gekend politicus is maar ook een geëerd én gevreesd advocaat, waarmee je dus ook een andere publiek kan bereiken.
En dat is zeker het geval met de mensen uit de kunstwereld die we eerlang naar hier zullen halen zoals Eddy Daese, Freek Neirynck of Frank Van Laecke.”
DDD: Zou u wat dat betreft een beetje meer precies kunnen zijn, zodat de geïnteresseerde lezer eventueel zelf kennis kan komen maken met de vzw?
Albert De Bruyne:
“Wel, helaas zal tegen de publicatie ons volgend aperitief reeds voorbij zijn, dat is op 10 december met André De Kie, die nu een nationale functie heeft bij de vakbond, maar toch vooral bekend is omwille van zijn rol in de fameuze dokstaking.
In januari is het dan de beurt aan Freek Neirynck, in februari wordt Patrick Sercu op de rooster gelegd en in maart zal acteur-regisseur Frank Van Laecke aan de tand gevoeld worden.
Een gediversifieerd aanbod dus, waarmee we onze uitstraling hopen te verbreden, niet enkel in Gentbrugge zelf, maar ook daarbuiten.
Anderzijds mag je gerust zijn: we blijven met beide voeten op de grond. We gaan dus niet over-programmeren, zodat we het uiteindelijk niet meer zouden aankunnen. Neen, we willen heel geleidelijk tewerkgaan.
Voor iedere activiteit delen we overigens zo’n tweeduizend folders uit in een straal rond het ontmoetingscentrum. De mensen kunnen ook in familieverband hierheen komen. Door de ligging onder de spoorweg kunnen er trouwens ook buitenactiviteiten plaatsvinden, al is de winter daar nu niet direct de gepaste periode voor…
Wat we echter vooral willen vermijden is dat we ons zouden isoleren en dat de mensen uit de buurt de indruk zouden hebben dat ons lokaal enkel openstaat voor wie tot de socialstische familie behoort.
Naast onze raad van beheer hebben we trouwens ook een werkgroep opgericht, waarin mensen zetelen die in bepaalde milieus een vaste voet in huis hebben en ons op die manier kunnen adviseren om de verscheidenheid in onze activiteiten te kunnen behouden.
Zij zijn ook op de hoogte van een aantal technische aspecten, zodanig dat zij weten wat haalbaar is voor deze zaal en wat niet. Ons podium is immers nogal klein om zoveel mogelijk de oppervlakte van de zaal te kunnen benutten. Maar dat betekent dan ook dat we wel een poëzieavond kunnen brengen, maar geen popgroep, ik zeg zo maar iets.”
DDD: Zo te zien is de respons op dit moment groot genoeg om aan een verdere werking te bouwen. Hoe ziet u dan de toekomst?
Albert De Bruyne:
“We worden gewaar dat er veel over ons gesproken wordt in Gentbrugge. Verscheidene groepen hebben reeds contact opgenomen om te zien of ze hier niet terecht konden, ik denk b.v. aan de harmonie die hier zou willen komen repeteren of althans toch muziekles geven.
Ons aantal gepensioneerden groeit nog gestadig, ook al omdat we meestal toch van de gelegenheid gebruik maken om iemand nuttige inlichtingen te laten verstrekken in een ontspannen atmosfeer.
Kortom, we laten het initiatief van onderuit komen, van de mensen zelf, waarbij we dat dan wel gaan stimuleren en er de nodige accomodatie voor trachten te bieden.
Mijns inziens past dit volledig binnen het huidige beleid van het Gentse stadsbestuur en dan zeker van de SP-fractie.
We kunnen dan ook op enige financiële steun rekenen, omdat we een initiatief zijn dat is gegroeid vanuit eigen inzet. Dat kadert dus binnen de beleidsverklaring en ik kan u nu al verklappen dat er in de onmiddellijke toekomst hoogstwaarschijnlijk nog stations zullen volgen…!”
Laat honderd bloemen bloeien!


Referenties
Ronny De Schepper, ‘Tuut!’ zei de trein en ‘De Statie’ vertrok, De Dulle Draak 22/12/1989
De vzw De Statie is gelegen in de Rinskopflaan nr. 2 te Gentbrugge. Wie het programma van de komende activiteiten wil ontvangen, kan zich wenden tot Albert De Bruyne, Pinguinstraat 6, 9219 Gentbrugge.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.