L.P.Boon moest niet naar het vagevuur

44 purgatoireVandaag vieren we de 450ste verjaardag van het vagevuur, proficiat! Het vagevuur werd inderdaad “uitgevonden” op het Concilie van Trente. En sindsdien mogen we er dus zeker van zijn dat we daar allemaal eens zullen passeren, als we al niet rechtstreeks in het eeuwige hellevuur worden geflikkerd. Behalve Louis Paul Boon dus. Die mocht volgens Gaston Durnez het vagevuur overslaan. En dat was dan nog wel mijn schuld op de koop toe. Nu ja, ik heet ook niet De Schepper voor niks, hé!

Gaston Durnez wijdde in De Standaard, ergens in de maand maart van 1981, een stuk aan het feit dat een schrijver “na zijn dood normaal gezien een tijdje naar het vagevuur van de vergetelheid” moet “om daarna weer in de belangstelling te komen en eventueel tot de eer der altaren te worden verheven.” En hij stelt aan een aantal feiten vast dat dit bij Louis Paul Boon blijkbaar niét het geval was. Dat Boons “proces tot heiligverklaring” al onmiddellijk bezig was. En als voornaamste voorbeeld daarvan gaf hij de Boon-herdenking die wij in januari in Temse hadden georganiseerd, zoals men op de foto van Raoul De Graeve kan zien. Hierbij het fragment uit het stuk van Durnez waarin hij het over de brochure heeft die wij bij die gelegenheid hebben uitgegeven.
Een der minder bekende aspecten van Boon wordt gevormd door de humoristische tekeningen die hij tussen 1970 en 1978 in elke aflevering van het dagblad Vooruit heeft gepubliceerd. Onder de rubriektitel “Wat een leven” en “Zei Meneer Dinges” plaatste hij daarin prenten waarvoor hij de inspiratie vaak zocht in buitenlandse kranten of in grapjes die hij hoorde vertellen. Ik herinner me, dat hij in vriendengezelschap vaak een notitieboekje bovenhaalde om vlug de nieuwe moppen op te schrijven. Later kwam je die dan wel eens in een kroniekje tegen. (Johan Daisne had ook altijd zo’n grappenkalepijntje bij zich…)
Boon verwerkte alles in zijn eigen eenvoudige tekenstijl die alleen de voornaamste elementen aanduidde en stereotiepe figuurtjes opleverde. Onder de prenten zette hij een korte uitspraak. Daarom noemde hij ze niet „cartoons”, want die mochten volgens een bepaalde opvatting geen tekst hebben, maar „carboons” of „car-boontjes”. (Woordspelingen die hem hier en daar troffen, vlogen ook meteen het notitieboekje in.) Omdat zijn inspiratie dus veelal uit andere bronnen opborrelde, ondertekende hij de plaatjes nooit. „Wat hij voor ogen had, vertelt prof. Frans Vyncke, was dagelijks in de krant een milde en grappige satire op te hangen van de zeden en de gewoonten van de kleine man.”
Vyncke, een Gentse slavist die sinds jaren vriend en kenner van Boon is, heeft veel aandacht besteed aan het teken- en schilderwerk van de schrijver. Vorig jaar publiceerde hij in het Boon-nummer van het Nederlandse tijdschrift Maatstaf een bijdrage over de auteur als plastisch kunstenaar. In aansluiting daarop heeft hij nu een artikel geschreven over de „car-boontjes”. Daarmee staat nu voor het eerst alle informatie over dit curieuze aspect van de artiest bijeen. Je kan ze lezen in een onlangs door het Masereelfonds uitgegeven brochure, samengesteld n.a.v. een „car-boontjes-tentoonstelling”. De Boon Vereniging (Marktplein 80, 9520 St-Lievens-Houtem) bezorgde ze zopas aan haar leden.
De brochure bevat ook bijdragen van diverse auteurs over het literaire werk. De eerste, een overdruk uit De Rode Vaan, zit dicht bij de categorie heiligenlevens (*). Je kan er dingen in lezen als dit: “Net als Guido Gezelle, Stijn Streuvels en Hugo Claus heeft Boon zich een eigen taal geschapen, die noch dialect is, noch algemeen Nederlands…” Net als? Een „eigen wereld” heeft hij gecreëerd, maar een taal zoals de drie genoemden?
In een daaropvolgend interview laten de auteurs (**) Boon zeggen, dat “De Rode Vaan na de oorlog verweg het meest gelezen blad was”, met een oplage die soms boven de honderdduizend lag. Literatuur- en pershistorici moeten weten, dat cijfers niet precies tot de sterkste zijde van Louis behoorden.
Interessanter is het opstel waarin Staf de Wilde zijn verhandeling over het zgn. Lolita-syndroom bij Boon samenvat. De conclusie luidt, dat met de roman Het nieuwe onkruid in de jaren zestig een literaire neergang begon en dat zich met Mieke Maaike een tendens doorzette waarvan De Wilde zegt: „Farce en provocatie winnen het op artistieke bewogenheid”. (Je kreeg de indruk dat Boon zelf dat eigenlijk ook wel besefte. Als je daar op zinspeelde, lachte hij eens en zei: „Och, jong, ne mens klapt daar graag nog eens over…“). Hij redde zich daar uit met zijn documentaire boeken over Daens en de Geuzen. Ook Stefaan van den Bremt meent dat het „erg de vraag” is of de “fictieve erotische verhalen” uit Boons laatste periode “literaire mijlpalen” zijn.
Van den Bremt handelt over het Geuzenboek en noemt het, in vergelijking met het werk over Daens “zowel een stap achteruit als een stap vooruit”. Het omvangrijke boek is te veel onverwerkte compilatie gebleven en schiet te kort als „alternatieve geschiedschrijving”. Van den Bremt verwijst naar wat op dit gebied door internationale auteurs werd gepresteerd. Het boek is wèl een stap vooruit naar „een andere epische roman”, waarvoor de auteur van de bijdrage geen opvolger ziet.
Luk de Vos, van zijn kant, vindt het Geuzenboek sterker en dieper. Hij meent dat Boon „als een der eersten de linkse, progressieve beweging een retoriek (heeft) gegeven, een spreken van de geschiedenis“.

Referentie
Gaston Durnez, L.P.Boon moest niet naar het vagevuur, De Standaard, maart 1981

(*) Dat slaat dus op mij. ‘k Heb er mijn nachtrust niet voor gelaten. Het artikel was eigenlijk een in memoriam (dus onmiddellijk na zijn dood). En zijn in memoriams niet een soort van heiligenlevens? Ne katholieke mens als Gaston Durnez zou zoiets toch moeten weten!
(**) Eigenlijk was er maar één auteur van het interview: André Hebbelinck.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.