De paringsdans van de homo sapiens

09Vandaag duiken we nog eens terug in het theaterwereldje van 1985…

Het nieuwste stuk van Akt/Vertikaal « Imitaties » brengt ons het subtiele spel van de liefde. Het lokken, het vertwijfeld en onzeker op afstand houden. Het voorzichtige aftasten, de spontane verkeerde uiting, de juiste streling op het gepaste moment. De onhandige omhelzing, de door passie gedreven onderwerping. Kortom, de paringsdans van de Homo Sapiens. Wat we hier zien is een (zo niet « het ») voorbeeld van hoe een idee visueel theater kan worden. Zowel banale handelingen die omwille van hun universele herkenbaarheid komisch worden, als momenten van diepe ontroering die je soms de rillingen over de rug doen lopen. Hier wordt alles gezegd zonder een woord te debiteren. Pure expressie van lijven die taal worden.
Regisseur Ivo Van Hove gebruikt de gekende thema’s van de Amerikaanse musical uit de jaren vijftig, waarin de romantische relaties hoogtij vierden als weerspiegeling van een droombeeld. Hier ontstaat in een reeks losstaande scènes een aaneensluitende choreografie van dans en bewegingstheater die een imitatie zijn van die thema’s vertaald naar een doorzichtige en relativerende werkelijkheid. Precies omwille van die relativerende werkelijkheid doet de indruk die soms aanwezig is, dat de rol van het meisje stereotiep overkomt, niets af van de totale visie die je achter het idee kan vermoeden, namelijk dat het om opgedragen rolpatronen gaat die makkelijk doorprikbaar zijn en de vraag open laten van wie dominant is in het liefdesspel.
Het geheel zit in een strakke en esthetische vormgeving waarbinnen de acteurs zich nochtans met een ontzettende vrijheid bewegen. Belichting, techniek en keuze van de muziek zijn van een uitmuntende schoonheid. Wat beide acteurs, Goele Derick en Peter Van Asbroeck hier presteren is gewoon schitterend. Kortom, wie deze productie van Akt/Vertikaal in een straal van 50km om zijn domicilie geprogrammeerd ziet moet zijn voordeur hard achter zich dichtslaan en, indien nodig, er naartoe fietsen. Dit is geen aanrader maar een must, theater dat we in het hart dragen.
TWEE UUR DURENDE WAANZIN
In de jaren vijftig was Ionesco misschien ook een « must », maar — zoals we in rv nr 40 al schreven — nu is hij toch reeds lichtelijk passé. In dat nummer hadden we het over « De kale zangeres » en « De les » van het Fakkeltheater, maar ondertussen zagen we ook het toen reeds aangekondigde « De stoelen » van het Toneelgezelschap Ivonne Lex.
Thema van dit stuk is de leegheid van het bestaan of de afwezigheid. Deze afwezigheid wordt geïllustreerd door de talloze hooggeplaatste gasten (tot en met de keizer zelf) die door Lucas Van Den Eynde en Tine Thijs worden uitgenodigd. Zij zullen de eerste getuigen zijn van de belangrijke « boodschap » die de gastheer hen wil verkondigen. Om deze u « boodschap » kond te doen werd beroep gedaan op een redenaar. De gasten treden aan maar zijn fysiek niet aanwezig. Hun aanwezigheid wordt visueel gemaakt door het steeds maar aanslepen van stoelen tot de bewegingsruimte van de gastheer en vrouw tot nihil beperkt wordt. Enkel de redenaar zal op het einde van het stuk ook echt verschijnen al blijkt snel dat zijn aanwezigheid volstrekt overbodig is.
Voor Ionesco heeft het al of niet gebruiken van acteurs hier enkel te maken met het feit dat het om theater gaat en je de toeschouwer toch « iets moet laten zien op de scène ». Je moet er mentaal (en wat het kleine theater het Appeltje betreft ook fysiek) op voorbereid zijn om deze ruim twee uur durende waanzin vol te houden. Het boeiend acteren ten spijt, raak je binnen de kortste keren de draad kwijt en ga je enkel nog stoelen tellen terwijl je je afvraagt of je aanwezigheid in de zaal eigenlijk nog vereist is om de voorstelling af te maken. In die fase besef je langzaam het absurde van de hele situatie waaraan je als toeschouwer deelneemt en kom je tot de slotsom dat dit een geslaagde voorstelling is. De prikkel van Ionesco om je tot denken aan te zetten over wat niet gebeurt, is het enige wat lijfelijk aanwezig is. Voor de liefhebbers een goede Ionesco in een regie van Paul Dom.
TOT JE ER DE ZENUWEN VAN KRIJGT
Is Ionesco « lichtelijk passé », ook een Hele Grote als de Noor Henrik Ibsen ontsnapt daar niet aan. Zijn grote verdienste is geweest op het einde van de vorige eeuw een aantal taboes te doorbreken. Dit betekent echter niet dat zijn werken honderd jaar later nog hetzelfde schokeffect teweegbrengen. Probeerde Arca het vorig jaar nog met een verrassende regie van Pol Dehert, dan wordt met de makke aankleding van « Nora of een poppenhuis » door Alfons Goris in de KNS precies het tegenovergestelde bereikt. Met andere woorden, dit stuk over de vrouwenenmancipatie is langdradig omdat er thematisch geen spanning meer in zit en omdat de dramatische opbouw en karakterevolutie door regie en acteurs helemaal verwaarloosd werden. Vóór de pauze zit de toeschouwer twee volslagen uren te staren naar een volkomen statische situatie, karakterexposé én toneelbeeld. Na de pauze evolueert de actie eindelijk, maar veel te laat.
Denis Zimmermann is deze maal niet op haar best in de hoofdrol van het kindvrouwtje. Zij blijft maar dreinen tot je er de zenuwen van krijgt. De anderen zijn even zoveel karikaturen : Hubert Damen, Herman Fabri, Kristin Arras, Gene Bervoets. De stunt tenslotte die de regisseur opvoerde door de drie kinderen door volwassenen te laten spelen leek mij ronduit mislukt.
SOMS PIJNLIJK MISPLAATST
Eveneens in Antwerpen, maar dan in Theater Leguit gaat op vrijdag 25 oktober « Fin de siècle » in première, ook wel gekend onder de benaming « Café Paniek II ». Wij zagen een voorpremière in het Brugse Theater 19.
Twintig nieuwe sketches en verhalen en vijftien nieuwe songs over het ontstaan van de mensheid, zijn evolutie tot de actuele fin de siècle. Indien de kwaliteit van de teksten van hetzelfde niveau was geweest als die van het acteer- en satirische talent van de spelers, zouden we hier met een superieure productie te maken hebben gehad, waarvoor het dit seizoen storm zou hebben gelopen in Vlaanderen. Helaas zijn de teksten vaak platvloers, de humor ervan grof en soms zelfs pijnlijk misplaatst. Toch kun je als toeschouwer niet nalaten te lachen of je te amuseren. Dit komt door het overweldigend talent van vooral Max Schnur, Mitta Van der Maat en Alida Neslo : een superieur trio. Ook Chris Cauwenberghs levert een uitstekende prestatie en de « gewenste vreemdeling » Abdelkadeer Zahnoun weet met zijn gevoelige luitspel te ontroeren, te vertederen.

Referentie
Piet Loose, Jo Sneppe en M.C., De paringsdans van de homo sapiens, De Rode Vaan, 24 oktober 1985

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.