De Amerikaanse “actreuse” Sharon Stone wordt vandaag 55 jaar.

Geboren in 1958 uit een arbeidersgezin in Meadville (Pennsylvania), studeert Sharon Stone o.a. toneel, journalistiek en plastische kunst, maar als ze op 18-jarige leeftijd tot Miss Crawford County (zoiets als Miss Ajuinstoet) wordt verkozen, besluit ze toch maar wijselijk zélf een plastisch kunstwerk te worden en in New York als model aan de kost te komen (volgens The Sunday Telegraph ook als porno-actrice).
In 1984 huwt ze met TV-regisseur Michael Greenberg en draait ze wat TV-films zoals “Calendar Girl Murders” van William A.Graham met Tom Skerritt. Als twee jaar later haar carrière nog altijd in de startblokken staat, scheidt ze opnieuw van hem. Daarna was ze jarenlang in bijrolletjes te zien in films als “Stardust memories”, “Inreconciable differences”, “Boléro”, “King Solomon’s mines” en de sequel “Allan Quatermain and the lost city of gold”, “Action Jackson”, “Police Academy 4”, “Above the law”, “Blood and sand”, “Personal choice” en “Beyond the stars” van David Saperstein (de auteur van “Cocoon”). In “Scissors”, een horrorfilm van Frank de Felitta, mocht ze al even de hoofdrol spelen, maar het werd een flop.
Daarna volgden nog: “Where sleeping dogs lie”, “Year of the gun”, “War and remembrance”, “Hit man” en, nadat ze naakt (maar in zwartwit) in “Playboy” had geposeerd, “Total recall”.
BASIC INSTINCT
Hier werd ze bevriend met regisseur Paul Verhoeven, zodat ze aan de hoofdrol geraakte in “Basic instinct”. Paul Verhoeven wijst er overigens terecht op dat er in “Total recall” een erotische scène zit, waarin Arnie Schwarzenegger zowaar met Sharon Stone aan de slag gaat op een manier die reeds “Basic instinct” aankondigt.
Maar over slechte smaak gesproken, wat moeten we dan denken van het interview dat Roel van Bambost met Verhoeven maakte en waarin Sharon Stone zo stoned als haar familienaam op zijn schoot komt zitten (ik bedoel: de schoot van Verhoeven) en heel demonstratief haar benen opent naar de kamera. Waarop Roel (hoefde dat nou echt?) er nog aan toevoegt: het is niet als in de film (omdat ze een jeansbroek draagt). Dan heb je toch weer medelijden met Verhoeven die zucht: ’t zal wel weer allemaal mijn schuld zijn, zeker?
Sharon Stone heeft in het jaar van “Basic instinct” vrij onopgemerkt ook “Diary of a hit man” gedraaid, een film van Roy London over een huurdoder, gespeeld door Forest Whitaker. Naast die twee waren ook nog Sherilyn Fenn, Lois Chiles, James Belushi en Seymour Cassel te zien in deze film, waarvoor Michel Colombier de muziek schreef.
Tot mijn stomme verbazing wordt Sharon Stone vaak voor dezelfde rollen geciteerd als de intelligente Geena Davis, maar dat zou komen omdat ook zij zo’n “bolleboos” zou zijn. Misschien is er iets verkeerd met de IQ-testen in Amerika? Geef mij dan maar mevrouw Verhoeven die onomwonden verklaart dat Sharon Stone een etter is. Het voorbeeld dat ze geeft is veelzeggend: om de rol in “Basic instinct” te krijgen was ze maar al te zeer bereid om uit de kleren te gaan. Als er dan in de VS protest over ontstaat, zegt ze dat ze het tegen haar zin heeft gedaan. Als in Europa het “beaver shot” echter aanslaat, blijkt ze het plotseling zelf te hebben aangebracht…
Jan De Bont, die cameraman was op de set van “Basic instinct”, sluit zich hierbij aan. Volgens hem begreep Stone gewoon niet waar ze mee bezig was en als hij het haar trachtte uit te leggen, hielp dat ook al geen zier. “Ze is eh… niet bijster verstandig zal ik maar zeggen,” aldus De Bont.
SLIVER
Na “Basic instinct” kwam dan “Sliver”, maar hier ging het al meteen verkeerd! Want wie verdient de meeste felicitaties in dit geval? Zonder enige twijfel de publiciteitsdienst van de productiemaatschappij. Die heeft er immers voor gezorgd dat niemand deze film wilde missen. Uiteraard kon het resultaat niet aan de verwachtingen beantwoorden en komen velen nogal ontgoocheld buiten. Thriller-specialist Philip Noyce is duidelijk even “weggeslibberd”.
Wat is een “sliver” b.v.? Ik durf wedden dat niemand dit wist, vooraleer de film uitkwam. Ik vraag me zelfs nù nog altijd af of dit woord in de Verenigde Staten wel even courant is als “skyscraper” (“wolkenkrabber”) b.v. Want dat is het dus: een torenhoog appartementsgebouw dat in de film eigendom blijkt te zijn van William Baldwin. Gebaseerd op een boek van Ira Levin zijn we van deze auteur wel eens méér gewend dat hij de fantasie met de werkelijkheid vermengt (“Rosemary’s baby”, “The boys from Brasil”, “The Stepford wives”), maar op de manier dat het hier gebeurt, is het toch een beetje te kunstmatig. Vooral omdat de openingsscène (een meisje dat van de “sliver” wordt gegooid) automatisch doet denken aan het begin van “A kiss before dying”, het meest realistische werk van Levin. En dààrmee zit je eerder in het realistische detective-genre dan in de fantasiewereld van de andere boeken. En dan heb je b.v. toch wel moeite met het gegeven dat een jonge man zo stinkend rijk is dat hij niet alleen dat gebouw bezit, maar dat hij het ook nog eens heeft volgestouwd met video-spitstechnologie. (Een beetje zoals rockzanger Chuck Berry, die hiervoor nog een gevangenisstraf heeft opgelopen.)
HITCHCOCK
En alweer net zoals bij “A kiss before dying” (waarvan de jongste verfilming met Sean Young en Matt Dillon veel minder publiciteit heeft gekregen dan déze film, terwijl het niveau ongeveer hetzelfde is), zitten in de openingsscène van “Sliver” al meteen tal van referenties aan de meester van de suspens, Alfred Hitchcock. Met alle gevaren vandien uiteraard. Want als je je wil meten met Hitchcock, dan moet je op z’n minst op de tippen van je tenen gaan staan. En dat lukt Noyce duidelijk niet. Zo gaat er geen enkele dreiging uit van dat gebouw, van die “Sliver”, zoals dat b.v. wel het geval is met het huis van Anthony Perkins in “Psycho”.
Wat wél goed weergegeven wordt, is de duizelingwekkende hoogte, wat me dan weer aan “Vertigo”, die andere Hitchcock-klassieker, deed denken. Maar misschien is dit omdat ik met mijn hoogtevrees een gemakkelijke prooi ben voor dergelijke camerastandjes. (Al dient het begrip “hoogtevrees” te worden gerelativeerd: ik ben eerder bevreesd van mezelf, omdat ik op grote hoogte altijd de neiging heb om te springen. Hebben jullie dat ook soms? Antwoorden op een gele briefkaart.)
De meeste critici wijzen echter vooral op de overeenkomst met “Rear window”, die men dan de beste “voyeursfilm” aller tijden noemt. Daar ga ik echter niet helemaal mee akkoord. Toevallig zag ik deze film onlangs nog eens terug en dan moet je toch toegeven dat hij eigenlijk erg statisch is en ook zeer weinig spanning opwekt (*). Alleen het feit dat de decorateur zich eens heeft mogen uitleven met de huizen rond die binnenkoer spreekt me meer aan dan al die videoschermen, die de indruk geven van een split-screen, iets waaraan ik buiten “Woodstock” (maar dat is een concertfilm) altijd al een hekel heb gehad. Nee, als je voyeurisme wil combineren met spanning, geef mij dan maar “Body double” van Brian de Palma!
Alles bij elkaar was het dus een ontgoochelende ervaring, wat toch merkwaardig is omdat Ira Levin spannende verhalen kàn schrijven, Joe Eszterhas had met “Basic instinct” bewezen dat hij die op een spannende manier naar het witte doek kàn vertalen en Philip Noyce liet met “Dead calm” zien dat hij dat als het moet ook spannend kàn verfilmen. Kan, kan, kan, maar het wàs dus niet zo. Misschien had een en ander te maken met het feit dat noch Baldwin, noch Tom Berenger (de andere mogelijke dader) op de set met S.S. overweg konden.
STRIPTEASE
Want als ik eerlijk moet zijn, dan moet ik Freek De Jonge parafraseren en zeggen: “We are only here for two things: Sharon Stone!” Nu ben ik weliswaar niet zo’n onvoorwaardelijke aanbidder van la Stone, maar ik moet toegeven dat ze me in “Basic instinct” wel kon intrigeren. En dat niet enkel door het fameuze “beaver shot”. “Blondes” mogen dan nog “more fun” hebben, zoals wordt beweerd door die andere ouwe gabber, Rod Stewart, ze zijn doorgaans oppervlakkiger, minder mysterieus, kortom minder gevaarlijk dan de donkere types. En als product van een strenge katholieke school ben ik nu eenmaal geneigd het plezante met het gevaarlijke te verbinden. Alles wat plezant was, was immers verboden en dus moest men het in het geniep doen, waarbij de kans betrapt te worden het genot juist verhevigde. En wat was het plezantste bij uitstek? Seks natuurlijk! (Jaja, Felice, ik ben ook één van die straffe gasten die later jammer genoeg – allé, in jouw ogen – toch heteroseksueel geworden zijn.) Maar goed, in “Basic instinct” was Sharon dus interessant omdat ze “extremely unsafe sex” beoefende.
Voor “Sliver” werd ons van alles voorgespiegeld (de truuk met de “ongecensureerde versie” werd weer bovengehaald), maar uiteindelijk krijgen we meer de naakte kont van tegenspeler William Baldwin te zien (de nieuwste rage in Hollywood: naakte mannenkonten, zie ook de leuke parodie in “Hot shots part deux”) dan de glorie van Stone. Het voyeurisme b.v. wordt zoals gezegd zeer zwak weergegeven. Zelfs in “Ten” zit een leukere voyeuristische scène (om nog van de beroemde travelling uit “Prospero’s books” van Peter Greenaway te zwijgen). De masturbatiescène in bad is beter, al heeft Sharon het effect van deze scène zelf om zeep (nou ja) geholpen door vooraf te zeggen dat dit een “heel nieuwe kijk op de vrouwelijke seksualiteit zou geven”. Het meest ontgoochelend is echter de (vooraf) geruchtmakende striptease in het restaurant. Dan vind ik een gelijkaardige scène uit “L’été meurtrier”, waarbij Isabelle Adjani haar lesbische lerares “dwingt” haar beha uit te doen, veel erotischer. Grappig vond ik de scène anderzijds wél, vooral omwille van de reacties van de figuranten, die eindelijk ook wel eens in de bloemetjes gezet mogen worden.
INTERSECTION
Nadat ze had gebroken met Chris Peters werd Sharon Stone verliefd op filmproducer Billy McDonald (ze heeft hem leren kennen als de producer van “Sliver”), die zijn zwangere vrouw voor haar verliet. Een jaar later werd hij ten tijde van “Intersection” reeds gedumpt voor zakenman Frank Anderson (°1957), nog even kreeg hij haar terug maar bij “The quick and the dead” was hun verhouding “quickly dead”. Nu papte Stone weer aan met productieassistent Bob Wagner (°1967).
Zoals gezegd volgt echter eerst “Intersection” van Marc Rydell, waarin Richard Gere een architect speelt die een zwaar auto-ongeval krijgt. Terwijl hij tussen leven en dood zweeft, ziet hij zijn hele bestaan voorbijtrekken, inzonderheid zijn aarzelen tussen een nieuwe verhouding (met Lolita Davidovich) en een hernieuwen van zijn gebroken huwelijk (met Sharon Stone). Voor filmliefhebbers is dit duidelijk: dit is een remake van “Les Choses de la Vie” van Claude Sautet uit 1970, waar Pierre (Michel Piccoli) aarzelde tussen zijn vrouw Cathérine (Léa Massari) en zijn minnares Hélène (Romy Schneider). De film flopte omdat niemand wou geloven dat Gere bij Stone zou weggaan om met Davidovich in de koffer te duiken. Nochtans was het Stone zelf die erop had aangedrongen om “de bedrogen echtgenote” te spelen i.p.v. “the girl with the knickers down”. Het fameuze Ophelia-syndroom. It didn’t work. As far as I am concerned, it will never work. Dat bleek natuurlijk ook uit “The specialist” van Luis Llosa met Sylvester Stallone, James Woods, Eric Roberts en Rod Steiger. Stone speelt hierin een mysterieuze vrouw die wraak neemt op de boeven die haar ouders hebben omgebracht. Ze doet hiervoor een beroep op een bommenspecialist en dat is natuurlijk de mannelijke S.S. Dat ze hiervoor twee raspberries kreeg (één als slechtste liefdespaar, samen met Sylvester Stallone, en één als slechtste actrice in “Intersection”) heeft blijkbaar haar marktwaarde niet geschaad.
THE QUICK AND THE DEAD
Dat Sharon Stone in “The quick and the dead” nu eens geen sexy rol zou spelen, is gelogen. Het mocht deze film (met o.m. Gene Hackman) toch niet helpen. Het werd een flop van jewelste, net als haar volgende “Last Dance” van Bruce Beresford. Aangezien ze hierin de rol van een moordenares vertolkt, ging ze een dagje doorbrengen in een zwaar bewaakte vrouwengevangenis in Zuid-Carolina. Hierdoor waren tal van veiligheidsmaatregelen van kracht om muiterij of ontsnappingspogingen te verijdelen. Kortom, miss Stone kreeg ongetwijfeld een “gewone” gevangenisdag om zich in te leven. De toeschouwers van de sneak preview dachten er alvast zo over, want ze lachten de film weg. Ze wisten (helaas? gelukkig?) niet dat Stone zelf ook vermomd in de zaal zat. Huilend stormde ze buiten. Deze aanklacht tegen de doodstraf viel bijgevolg in het niets in vergelijking met het quasi-gelijktijdig uitgebrachte “Dead man walking”.
DIABOLIQUE
Oorspronkelijk was “Diabolique” van Jeremiah Chechnik gepland als openingsfilm van het festival van Cannes 1996, maar Sharon Stone lag overhoop met de producer en weigerde promotie te voeren. En zonder Stone lustte de Festivaldirectie deze Amerikaanse remake van “Les Diaboliques” niet. In de film van Henri-Georges Clouzot uit 1954 slaan Vera Clouzot en Simone Signoret als resp. de vrouw en de minnares van Paul Meurisse op een bepaald moment de handen in elkaar slaan om hem te vermoorden. Sharon Stone is nu de minnares en Isabelle Adjani de echtgenote. Omdat de nieuwe verfilming zich meer op de film baseert (waarvoor men de rechten niet heeft) dan op de originele roman van Boileau en Narcejac (waarvoor men wél heeft betaald), maakt Inès Clouzot, de weduwe van de regisseur, van haar tram. Sharon Stone, die pas als “Chevalier des Arts et des Lettres” werd gelauwerd in Frankrijk, steunde de klacht van de weduwe. Maar ook haar versie van “Diabolique” flopte. Zoals Barry Norman het formuleerde: “Het is niet dat ze niet kan acteren, hoor. Zeker niet! Telkens als ze in beeld is, kan men zo zien dat er geactéérd wordt. Recht uit het boekje. Terwijl echte acteurs en actrices erin slagen deze technieken juist zodanig aan te wenden dat men denkt dat ze zich gewoon gedragen.”
Niet te verwonderen dat Roman Polanski die haar kost wat kost wou hebben voor een remake van “Belle de jour” uiteindelijk van zijn plannen afzag. In “Casino” van Martin Scorsese nam ze echter weerwraak met een schitterende vertolking, zodat ze toch nog de vijfde Emma Peel zou worden voor de verfilming van “The Avengers” (na Honor Blackman, Diana Rigg, Linda Thorson en Joanna Lumley). Mel Gibson zou slechts de tweede John Steed worden (na de legendarische Patrick MacNee). Uiteindelijk werden het echter Uma Thurman en Ralph Fiennes.
Voor een biopic over Imelda Marcos wordt Sharon Stone eveneens als hoofdvertolkster genoemd. De rol van de dictator zelf zou worden vertolkt door Antonio Banderas. Banderas zou zelf ook een film produceren (en er de hoofdrol in vertolken) over Ayrton Senna. Regisseur zou Ridley Scott worden. In snelheid werden ze echter geklopt door de TV-film “The last race” van Gianni Volpe, gebaseerd op het onderzoek dat de Engelse verslaggever Alec Marr over de dood van de piloot heeft gevoerd. In de TV-film is ook een rol weggelegd voor Sharon Stone. Zij zal de rol van de godin Giaguari vertolken, tot wie Senna placht te bidden voor het vertrek van een race. Het heeft dus blijkbaar niet veel geholpen.
Sharon Stone zou ook Grace Kelly spelen in een TV-film over haar leven. En nog voor het einde van 1996 zou ze gehuwd moeten zijn met de zes jaar oudere Franse multimiljonair Michel Besnara. Maar tegen het zover was, had ik alle interesse (die toch al puur beroepsmatig was) verloren. Tot ze voor ophef zorgde op het filmfestival van Cannes in 2008. In één van die typische interviews “op de rode loper” beweerde ze immers dat de aardbeving in China rechtstreeks te wijten was aan de houding van het regime tegenover Tibet: “Ik ben niet gelukkig met de manier waarop de Chinese autoriteiten omgaan met de Tibetaanse kwestie,” zei La Stone. “Toen ik het nieuws hoorde van de aardbeving, dacht ik meteen dat het karma was. Wie slechte dingen doet, krijgt het vroeg of laat weer voorgeschoteld.”
Uiteraard schoot dit in een verkeerd keelgat bij vele Chinezen en ook bij den dezen. Trouwens bij alle mensen die niet totaal kierewiet zijn. De grootste bioscoopketens in China boycotten meteen alle films waarin La Stone voorkomt. Als echter ook nog de producten van Christian Dior werden geboycot, waarvoor Sharon Stone het uithangbord is, dan werd ze al gauw verplicht in te binden en haar openlijke excuses aan te bieden.
Daarna gooide ze het stuur helemaal om. In 2013 was ze dan ook helemaal onherkenbaar in de film “Lovelace” van Rob Epstein, waarin ze de strenge moeder speelde van de gelijknamige hoofdrolspeelster uit de fameuze “Deep Throat”-film.

Referentie
Ronny De Schepper, “Sliver”: de nieuwste film met Sharon Stone, Steps magazine september 1993

(*) Er is natuurlijk ook de schitterende Simpson-parodie!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s