Molière (1622-1673)

Aujourd’hui il y a 340 ans l’auteur français Molière, victime d’un malaise sur scène, a rendu l’âme quelques heures après la quatrième représentation du “Malade imaginaire”. Sa compagne Armande Béjart supplie Louis XIV pour obtenir une sépulture chrétienne à laquelle les acteurs n’ont d’ordinaire pas droit. Molière sera inhumé le 21 au soir, au cimetière de l’église Saint-Eustache sans service solennel. Ses comédies les plus célèbres, “Le Misanthrope”, “Le Médecin malgré lui”, “Le Bourgeois gentilhomme”, “Tartuffe”, font toujours les délices des amateurs de théâtre. (Les éphémérides d’Alcide)

Net als Corneille en Racine is Molière afkomstig uit de bourgeoisie. Hij wordt op 15 januari 1622 geboren als Jean-Baptiste Poquelin, de zoon van de welgestelde “marchand-tapissier” Jean Poquelin (later zal hij het nog tot “tapissier ordinaire du roi” brengen, zeg maar: Tonton Tapis). Zoals bijna alle beroemde schrijvers van zijn tijd studeert hij aan het jezuietencollege van Clermont en begint daarna aan de studies voor advocaat. Gebeten door de theatermicrobe geeft hij zijn studie in 1643 op en richt samen met de familie Béjart l’Illustre Théâtre op. Madeleine Béjart zal zijn “trouwste medewerkster en beste vriendin” worden. Op 28 juni 1644 ondertekent hij voor het eerst met de naam Molière. Waarom en vanwaar de naam komt, is niet bekend.
In 1645 is l’Illustre Théâtre reeds failliet. Molière zit korte tijd in de gevangenis, maar na zijn vrijlating “fusioneert” hij met het gezelschap van het acteursechtpaar Dufresne. Nu beginnen ze op hun tournees door Frankrijk wel een zeker succes te kennen. In 1653 neemt de Prince de Conti de troep in bescherming, maar vier jaar later trekt hij om religieuze redenen deze steun in en wordt juist een heel grote tegenstander van Molière. De Prince de Conti behoorde immers tot “de Devoten” (eigenlijk “La Compagnie du Saint-Sacrement”, in mei 1627 opgericht door Henri de Lévis) die later in “Tartuffe” op de korrel worden genomen. De doelstelling van de Devoten is weliswaar de gevangenen en zieken bezoeken, maar tegelijk ook ervoor zorgen dat protestanten geen ziekenzorg kunnen krijgen bijvoorbeeld. Verder keren zij zich tegen de zedenverwildering, die zich uit zowel in het kaartspel als in… de komedie! Alhoewel zij onvoorwaardelijke trouw zweren aan Rome en “het Rijk van Christus op aarde willen vestigen”, vindt Rome zelf het geheimzinnige gedoe (want het is in alle opzichten een geheime sekte) toch wat te gortig. En als zij in het kader van de zedenverwildering ook het duelleren willen verbieden, krijgen zij ook de adel op hun kap. Kardinaal Mazarin, toch al meer een staatsman dan een priester, ijvert dan ook voor een verbod, iets waarin hij slaagt in 1660. Door zijn dood in 1661 wordt het verbod echter nooit van kracht. Bovendien doet de sekte tijdens de hongersnood van 1662 wel degelijk aan wat naastenliefde, zodat ze met figuren als Bossuet en Vincentius a Paulo weer machtiger wordt. De laatste sporen van de Devoten worden gevonden in 1687, maar echt opgeheven zijn ze nooit…
Na een voorstelling van “La docteur amoureux” neemt ondertussen niemand minder dan de broer van Louis XIV het gezelschap van Molière onder zijn hoede. Het heet voortaan: La Troupe de Monsieur, Frère unique du Roi. Vanaf 1660 krijgen ze een vaste standplaats: het Palais Royal en vanaf nu volgt de ene “hit” na de andere. Molière zelf huwt in 1662 met (let wel!) Armande Béjart. In 1664 wordt een zoon geboren (Louis) die echter nog hetzelfde jaar sterft. Datzelfde jaar wordt Molière ceremoniemeester van alle koninklijke vermaken. Tegelijk wordt zijn eerste versie van “Tartuffe” reeds na enkele voorstellingen verboden. Molière richt een verzoekschrift tot de koning, maar het wordt afgewezen.
In 1665 wordt zijn dochter Esprit-Madeleine geboren en krijgt het gezelschap nu toch de steun van de koning himself. De naam luidt voortaan: “La Troupe du Roi au Palais Royal”.
Vanaf 1666 lijdt Molière echter aan een slepende longziekte, waartegen de dokters geen remedie vinden. Bovendien is hij uitgeput door de strijd die hij moet voeren tegen hofcomponist Lully die hem het monopolie over de muziek-, opera- en balletvoorstellingen ontfutselt, al had Molière een tijdlang een streepje voor op Lully (deze moest zijn muziek plooien naar de tekst en niet andersom).
Grappig is dat de eerste samenwerking tussen Molière en Lully dateert van 1664 en de titel “Le Mariage Forcé” meekreeg. Een heel toepasselijke titel immers, aangezien de twee eigenzinnige artiesten door Louis XIV tot een “huwelijk” werden gedwongen.
Als in 1672 Madeleine Béjart sterft en zijn enige zoon Pierre-Jean-Baptist-Armand nog geen maand in leven blijft, reageert Molière dat alles af in “Le malade imaginaire”. De artsen worden er op een dergelijke manier in afgeschilderd dat ze zullen weigeren hem nog langer te behandelen. Op 17 februari 1673, tijdens de vierde voorstelling van “Le malade” moet Molière weggevoerd worden. Diezelfde nacht sterft hij. Enkel na een ingreep van de koning kan hij kerkelijk begraven worden.
Het oeuvre van Molière is steeds satirisch en moraliserend. Wij onderscheiden:
(1) Kluchten die het vervolg zijn van het boertige theater uit de Middeleeuwen (b.v. “Les fourberies de Scapin”);
(2) Zedenkomedies (comédies de moeurs), waarin hij het snobisme van zijn tijd aan de kaak stelt (b.v. “Les précieuses ridicules” en “Les femmes savantes”);
(3) De grote karakterstukken, waarin hij eeuwig menselijke typen uitbeeldt, zoals “Tartuffe” (de schijnvrome), “L’avare” (de vrek), “Le misanthrope” (de compromisloze), “Le bourgeois gentilhomme” (de bluffer).

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s