Vandaag wordt Hank Marvin van The Shadows zeventig jaar. Hij heeft op een bijzondere manier een belangrijke rol gespeeld in mijn leven. De eerste maal immers dat ik gewaar werd dat je louter en alleen door de klank van een elektrische gitaar door de knieën kunt gaan, moet zo rond 1962 geweest zijn. Alhoewel er reeds zoiets als een NIR bestond, luisterden wij, bikkelharde jongens van elf, liever naar Radio Luxemburg, waarop wij op zondagmiddag na de “Alles of niets”-kwis van Elnett Satin (met Jef Burm als een blitse voorloper van Ann Robinson) steevast de knop een ferm ruk naar rechts gaven als Cliff Richard uitschreeuwde: “Ready, Teddy, go man go!” Met andere woorden: tijd voor “het wekelijkse halfuurtje voor de teenagers”, zoals dat destijds genoemd werd.

1962 zei ik, dat is dus vlak voor The Beatles opstegen uit de Hamburgse Reeperbahn om de wereld te gaan veroveren. En in die tijd was het inderdaad àl Cliff Richard wat de klok sloeg. Ook het nummer waarvan we hogervermelde fluwelen benen kregen was van hem, “The Young Ones” namelijk, maar de verdienste kwam in dit geval echter niet Cliff zelf toe, maar de man aan de trillende snaar: Hank Marvin (*) van het collectief dat zich – heel bescheiden – The Shadows noemde, de schaduwen achter de rug van Ome Cliff.
JERRY LORDAN
In die tijd was het niet abnormaal dat België twee jaar achterop hinkte op popgebied. De echte geschiedenis van The Shadows begint immers reeds in 1960 met “Apache”, voor menigeen de beste instrumentale popplaat allertijden.
Ik kan daar inkomen, al blijft die titel bij mij weggelegd voor “Wonderful land” uit 1963. De discussie is echter enigszins irrelevant omdat het niet alleen dezelfde uitvoerders betreft, maar tevens dezelfde componist, namelijk Jerry Lordan (1934-1995), uit wiens pen nog een derde nummer vloeide, dat eveneens in aanmerking zou komen voor deze discussie, namelijk “Atlantis” (**).
Een grappige anekdote bij “Atlantis” is wel dat The Shadows twee nummers met deze titel kregen aangeboden. Uiteraard ging hun voorkeur naar de compositie van Jerry Lordan (***), maar die van Russ Ballard van The Roulettes zouden ze in 1965 uiteindelijk ook opnemen, maar dan wel onder de titel “The Lost City”.
Signaleren we ook nog dat Jerry Lordan later nog twee weggelopen Shadows (Jet Harris en Tony Meehan) van de hongerdood heeft gered door hen “Diamonds” en “Scarlet O’Hara” aan de hand te doen.
Wijlen Johan Daisne lag bij leven en welzijn steeds op de loer voor magisch-realistische kunstenaars. Vooral literatoren natuurlijk, maar ook in de schilderkunst en in de film (met name de twee Delvaux, schilder Paul en regisseur Alain) trof hij talrijke voorbeelden aan van wat in zijn ogen magisch-realisme was.
Voor de muziek was dit enigszins problematischer. Muziek is immers zo abstract (in wezen is iedere muzikale uiting magisch-realistisch) dat het moeilijk was om het terrein af te bakenen. Daisne geraakte dan ook niet verder dan Maurice Ravel en Modest Moessorgsky (respectievelijk met de “Boléro” en “Beelden uit een tentoonstelling”).
Nochtans, indien hij zijn oor ook bij de popmuziek zou hebben te luisteren gelegd, dan was hij zeker en vast verrast geweest door de ijle gitaarklanken van The Shadows, vooral dan bij de composities van Jerry Lordan, die steeds getuigen van het romantische escapisme naar een “ideaal land”, een Utopia, een Atlantis, een Bermuda Driehoek. Kortom, een typisch MR-gegeven.
HANK MARVIN…
Het is natuurlijk niet voldoende dat een instrumentaal nummer “Wonderful land” of “Atlantis” héét om magisch-realisme te zijn. Het moet werkelijk ook zo klinken. Bij The Shadows is het vooral sologitarist Hank Marvin die voor dit effect zorgt. Het is dan ook geen toeval dat Marvin ook werd gevraagd voor de originele opname van “Evita” en dan meer bepaald voor het nummer “Buenos Aires”, waarin Eva Peron (op dat moment nog “the village belle”) wegdroomt. In zijn gitaarsolo roept Marvin dan echo’s op van “Wonderful land”, wat natuurlijk niet verwonderlijk is, aangezien Buenos Aires voor de jonge Eva het “wonderful land” is.
Hank B.Marvin is wellicht één van de meest invloedrijke gitaristen uit de popgeschiedenis. Dat wordt o.m. bewezen door imitatiegroepen zoals The Jaguars, met als leadgitarist Dave Mason, die veel later een totaal andere richting zou uitgaan met Traffic. Hetzelfde geldt voor David Gilmour van Pink Floyd. Luister maar naar zijn solowerk in “Atom heart mother”, dat ik louter daarom ook als magisch-realistisch zou durven bestempelen (****). Niet toevallig allicht zorgde Gilmour later ook voor de gitaarsolo op “Wuthering heights” van Kate Bush naar één van de klassieke boeken van het magisch-realisme.
Verder zouden we ook nog Phil Manzanera van Roxy Music kunnen vermelden, die met hun steeds weerkerend Lorelei-motief misschien ook wel als magisch-realistisch kunnen worden gebrandmerkt, maar ook rechttoe-rechtaan gitaristen als Jimmy Page, Alvin Lee, John Lennon, Georges Harrison, Roy Wood, Steve Marriott of Rick Wills blijken Hank Marvin-adepten. Om nog te zwijgen van de klassieke luitspeler Nigel North. We zouden zelfs Neil Young aan het woord kunnen laten (in Humo): “Hank B.Marvin van de Shadows was mijn allereerste idool. Een heel grote jongen, met een eigen sound. Alle gitaristen in Winnipeg, waar ik woonde, waren gek op hem. Randy Bachman ook. Die heeft nog bij mij op school gezeten. Hank B.Marvin was de jongen die alles kon wat ik wilde kunnen. Daarom schreef ik in het begin uitsluitend instrumentals.”
En in Nederland was er Eelco Gelling die met de broertjes Wim en Hans Kinds en Nico Schreuder The Rocking Strings vormde die voornamelijk The Shadows naspeelden. Toen zich ook een zanger bij de groep voegde, in de persoon van Harry Muskee, gingen ze evenwel geen Cliff Richard-nummers uitvoeren, maar ze doopten zich om tot… Cuby and the Blizzards!
Hier in Vlaanderen komt Jef De Visscher van Kandahar nog het meest de Marvin-sound (en het MR) nabij (met name in “The hobbit” bereikt De Visscher – in dialoog met de cello van Etienne Delaruye – een “Lordaniaans” effect), maar ook Raymond van het Groenewoud of Jean Blaute zijn niet te beroerd om zich af en toe eens op “Apache” te storten.
…EN DE ANDEREN
De samenstelling van The Shadows is in de loop der jaren nogal eens veranderd. Wondergitarist Hank Marvin en ritmegitarist Bruce Welch zijn er reeds bij sedert de prehistorie. Hank Marvin (Newcastle, 28/10/1941) begon piano te spelen op achtjarige leeftijd, maar zoals zovele kinderen speelde hij liever voetbal en verwaarloosde hij zijn lessen. Tijdens de trad jazz hype in Engeland wou hij klarinet spelen bij The Rutherford College Band maar aangezien hij zich geen klarinet kon veroorloven, kocht hij een tweedehandsbanjo. Toen de skifflerage eraan kwam, schakelde hij over op gitaar en stichtte Hank’s Crescent City Skiffle Group.
Tijdens een skifflefestival stelt hij vast dat Bruce Welch (Bognor, 2/11/1941), die bij hem op school zat, bij The Railroaders speelde. In de Two I’s koffiebar ontmoeten ze ene John Foster, de manager van een groep, die zich The Drifters noemt en verder bestond uit Ken Pavey en Norman Mitham, gitaar, Ian “Sammy” Samwell, basgitaar, en Terry Smart, drums. Foster had een afspraak gemaakt met… Tony Sheridan (welbekend voor zijn eenmalige plaat met The Beatles in Hamburg) om hem te engageren voor de komende Cliff Tour omdat Ken Pavey forfait gaf en hij dringend een lead-gitarist nodig had. Maar Tony kwam niet opdagen en Foster werd alsmaar nerveuzer en zag toen een “buddy holly”-achtige slungel binnenwandelen met een gitaar onder zijn arm. Foster interpelleerde hem en kwam tot de constatatie dat hij verdomd goed gitaar kon spelen (licks van James Burton) en engageerde hem ter plaatse. Marvin (die eigenlijk Brian Rankin heet), ging akkoord op één voorwaarde, dat zijn maat Bruce Welch mee mocht. And the rest is history…
Dat groepje had dus ook een zanger. Een zekere Harry Webb, die zich kort daarna Cliff Richard zal laten noemen. Hij ziet het wel zitten met Marvin en Welsh en Norman Mitham verlaat dan maar de groep, op het moment dat ze op tournee gaan met de Amerikaanse Kalin Twins.
In dezelfde tournee was er ook nog een andere groep voorzien, The Most Brothers, en hierbij speelde Terence “Jet” Harris (Kingsbury, 6/7/1939) bas. Hij nam de plaats van Sammy Samwell in, toen deze besloot zich uitsluitend aan componeren te wijden. Hij schreef bijvoorbeeld “Move it”, Cliffs eerste hit. Tot zijn dood op 13/3/2003 zal hij nummers blijven leveren, meestal voor Cliff, maar het succes van “Move it” zou hij nooit meer evenaren. Het dichtst in de buurt kwam nog “Watcha gonna do about it” van The Small Faces.
Korte tijd later werd Terry Smart dan vervangen door Tony Meehan (1943-2005) en deze samenstelling wordt dus over het algemeen als de “originele” Shadows beschouwd, ook al heetten ze toen nog altijd The Drifters, naam die moest gewijzigd worden omwille van de gelijknamige Amerikaanse vocal group, die hier te lande vooral bekend is van “Save the last dance for me”.
Ook enigszins legendarisch is Meehans opvolger Brian Bennett, die daarvóór o.a. bij Marty Wilde en de (later) waanzinnig geworden Vince Taylor had gespeeld. Hoeveel onheil heeft zijn “Little B” immers niet aangericht in de periode dat drumsolo’s nog populair waren in popmuziek?
OVER OOGAPPELS EN OOGSCHADUWEN
In de jaren zeventig vonden we de bassist van Cockney Rebel (George Ford) zowaar terug wanneer The Shadows nog eens even uit de schaduwen van de legende treden. En dat alles natuurlijk omdat Jet Harris weigert mee te spelen met zijn makkers van het eerste uur : Hank Marvin en Bruce Welch. Ook drummer Tony Meehan weigert dat — hij heeft trouwens nog lange tijd een duo gevormd met Harris — maar wat dat betreft is Brian Bennett zoals gezegd toch voldoende ingeburgerd om van een échte Shadow te gewagen. Voor de bassist is dit nooit het geval geweest. Zo hanteert op het fameuze « Reunion concert at the London Palladium » (uitgebracht onder de titel “Thank you very much”, EMI EMTV 15) ene Alan Jones de aan lager wal geraakte gitaar (copyright : Freek De Jonghe).
Maar gelukkig zijn er nog de oude opnamen die geregeld worden heruitgebracht en waarop onze oogappels in hun originele bezetting zijn te beluisteren. Zo is er nu weer « Twintig jaar hits ». Het begon inderdaad allemaal met « Apache » in 1960, ook heerlijk vertolkt door Jan de Hondt in « De toekomst gaat het helemaal maken ». En ze zijn er allemaal bij. Ook « Wonderfut land », waarvan Mike Oldfield op dit moment een niet onaardige versie op de markt heeft. En alhoewel men in het geval van The Shadows zeker niet met de ellebogen moet werken om zestien hits bij elkaar te scharrelen, heeft men toch per sé die « twintig jaar » willen rond maken door van 1964 (« Dakota ») plotseling naar 1975 te springen toen zij in een moment van waanzin (net als tweemaal hun baasje, Cliff Richard, trouwens) Engeland gingen vertegenwoordigen op het Eurovisiesongfestival met « Let me be the one ».
Bovendien worden er uit de zeer omstreden elpee (dat is het minste wat je ervan kan zeggen) « String of hits » ook twee tracks geplukt : « The Deer Hunter » en het « Aranjuez-concerto ».
Van Ome Cliff is trouwens ook een re-release uit. Een singeltje met twee A-kanten, “Living doll” uit 1958 (speelt een schitterende rol in de roman “Turks Fruit“; in de film godslasterlijk vervangen door… « Meisjes met rode haren » !) en het reeds verloederde « Angel » uit 1965. Maar gelukkig, zo weet u reeds, heeft Cliff zich op het einde van de jaren zeventig herpakt (o.m. met de elpee « Rock’n’roll juvenile »).
Samen met Cliff waren The Shadows ook te zien in diverse films, waarvan de eerste meteen ook de belangrijkste is. “Expresso bongo” (waaruit de hit: “A voice in the wilderness”) is immers een film die vooral ophef maakte omdat er een striptease in voorkwam. De librettist van deze musical was Wolf Mankowitz, die in 1965 met het bijna unieke curiosum uitpakte van een pop-operette, “Passion Flower Hotel”. Het liefdesverhaaltje over twee aan elkaar grenzende scholen, een jongensschool en een meisjesschool uiteraard, werd echter zelfs voor die tijd veel te braaf op het toneel gebracht, zodat de Londense versie enkel de geschiedenis zal ingaan door de cast die o.m. Pauline Collins, Francesca Annis en… Jane Birkin verenigde. Als dàt geen magisch-realisme was! (*****)

Referenties
The Shadows, Twintig jaar hits, EMI 1A06207318.
Cliff Richard, Angel/Living doll, EMI 1A00605982.
Ronny De Schepper, De magisch-realistische muziek van The Shadows, De Rode Vaan nr.12 van 1980
Ronny De Schepper, Over oogappels en oogschaduwen, De Rode Vaan nr.26 van 1981
Met dank aan Raymond Thielens

(*) De enige andere gitarist waarover ik dit zou durven beweren kwam een paar jaar later op de proppen: Peter Green van Fleetwood Mac. Vooral in nummers als “Albatross” en “Oh well (part two)”. En weet ge wat het strafste is? Peter Green is op dezelfde dag jarig als Hank Marvin. Hij is weliswaar vijf jaar jonger maar toch… Magisch-realisme?
(**) Veel later zouden The Shadows een mix van beide nummers (“Wonderful land” en “Atlantis” dus) opnemen. Helaas is het resultaat niet schitterend, vooral dan wegens de hol klinkende gitaar en een synthesizer-begeleiding.
(***) Het merkwaardige is dat Jerry Lordan dus vooral scoorde met instrumentale nummers voor anderen, terwijl hij zelf als vocalist drie singles voor Parlophone in de Britse top 50 had in 1960. De beste score was voor “Who could be bluer” in februari met een 17de plaats. Het is trouwens op die manier dat hij met The Shadows in contact is gekomen: hij deed samen met Cliff & the Shadows een tournee (hij trad daarbij ook op als stand up comedian!). Maar mogelijkerwijs heb ik zijn beste compositie nog niet eens gehoord: “Jerry regarded his finest song, the one into which he put his ‘heart and soul’, as ‘The old man and the sea’, orchestrated by George Martin, produced by Ron Richards and recorded in Studio 1 at Abbey Road with a thirty-two piece orchestra. Released as a single on CBS in 1970, it only received airplay twice and sold a mere 286 copies” (volgens George Geddes). Grappig is ook dat ik daar verneem dat de “zwanezang” van Lordan een nummer was dat hij in 1970 samen met Roger Greenaway en Roger Cook had geschreven voor Hank Marvin en dat als titel “Morning Star” meekreeg. Ik betwijfel echter dat het hier een ode aan de Britse zusterkrant van De Rode Vaan betrof! Lordan stierf aan nierinsufficiëntie en een “memorial service” werd gehouden in St.Martin-in-the-Fields.
(****) Dat geldt ook voor andere popcomposities van langere adem zoals “In-a-gadda-da-vida” van Iron Butterfly of “In the court of the crimson king” van King Crimson. Door die langere duur krijgen we immers vaak een soort van “verhalende” of op z’n minst “beschrijvende” muziek. En wat dan “beschreven” wordt is vaak associatief van karakter. Vandaar allicht.
(*****) En Hank Marvin is nog een verstandig man ook. Zo was hij één van de weinige mensen die een “knighthood” weigerden. Enkel David Bowie en Paul Weller (het grote idool van Sir Bradley Wiggins) deden hem dit voor (of na, depending wie er eerst was).

3 gedachtes over “Hank Marvin wordt zeventig!

  1. Dank je, Ronny, voor deze inbreng.

    Vooraleer ik je artikel las, voelde ik het ook zo aan, maar ik zou het niet op deze manier geformuleerd krijgen. Ben dus blij dat ik dit kon lezen!

    Ik heb wat met magisch realisme, maar bijna nog sterker met the Shadows, want ik ben fan… sinds 1962…

    Beste groeten

    van

    Yvan Beuckels

    uit zijn (mostly) Wonderful Land.

    Like

  2. Een paar dagen geleden is de laatste overlevende van de Kon-tiki, de papyrusboot waarmee Thor Heyerdahl de Atlantische Oceaan overstak, overleden. Daarbij viel het me op dat deze overtocht reeds van 1947 dateert, dus nog van vóór mijn geboorte. Ik had nochtans de indruk dat dit in mijn jeugd gebeurd was. Misschien was ik misleid door de hit “Kon-tiki” van The Shadows uit 1961, maar ook in dat geval vind ik de afstand tussen 1947 en 1961 te groot. Ik bedoel: The Shadows brengen een instrumental uit in 1961 en ze zoeken naar een gepaste titel. Dat ze dan bij de Kon-tiki uit 1947 zouden uitkomen, dat lijkt me een beetje overdreven. Daarom is mijn vraag: was er een speciale reden dat de Kon-tiki en/of Thor Heyerdahl in het begin van de jaren zestig opnieuw in de belangstelling stonden?

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s