RVHG op de Lokerse Feesten 1978

Wie zei er ook weer dat het Waasland een achterlijke streek was op rockgebied? Zeker Raymond van het Groenewoud niet! Het overdonderende succes dat hem vorig jaar op de Lokerse Feesten en in de Sint-Niklase stadsschouwburg te beurt viel, is hij nog steeds niet vergeten. Toen ik hem erop attent maakte na de première van zijn nieuwe show in de Brusselse Beursschouwburg dat het publiek wel waarderend maar niet “wild” klapte in tegenstelling tot bovengenoemde gebeurtenissen, wedervoer hij dat dit toch werkelijk uitschieters waren in zijn carrière.

Ook dit jaar is Raymond met zijn Miljonairs “dus” weer het hoogtepunt van de Lokerse Feesten geworden, mede door de toch wel zwakke prestatie van Lucifer op de slotavond. En ten koste van zijn “boezemvriend” Johan Verminnen, die, zoals het een vakman van zijn kaliber past, zich geweldig inspande (Johan kon amper praten door een reeks van vijf optredens na elkaar, maar bij het zingen zou je bijna zeggen dat z’n stem hierdoor nog meer “bluesy” ging klinken, vandaar misschien mijn voorkeur voor het nummer “Mijn broer en ik”), maar toch had men duidelijk het gevoel dat het Lokerse publiek op Raymond wachtte. Zodat de “steun” die Johan van hem kreeg tijdens zijn optreden, eerder in zijn nadeel ging spelen.
Op “rivaliteit” tussen de Grote Twee van Vlaanderen (op hun gebied dan, we laten Will Tura, Eddy Wally en John Massis nu even buiten beschouwing) werd trouwens ook gezinspeeld tijdens het openingsnummer dat speciaal voor dergelijke gelegenheden is geschreven (“We zijn eindelijk weer bijeen” op muziek van Buck Owens’ “Crying time”).
We mogen aannemen dat de enige betrouwbare pop-poll in Vlaanderen voorlopig (want wacht tot wij eens uit onze schelp komen!) die van Humo is. In 1974 eindigde Verminnen hierin tweede na zijn vriend Will Tura, maar zijn formidabele single “Laat me nu toch niet alleen” werd reeds als beste uitgeroepen. Van het Groenewoud van zijn kant vinden we in de twee gevallen niet terug binnen de eerste twaalf.
In 1975 komt dé grote verrassing (voor Johan dan): hij verslaat Will Tura. Dat wil in Vlaanderen toch wat zeggen! Zijn elpee moet het echter afleggen tegen “Urbanus van Anus Levend”. Van Raymond is ondertussen ook een eerste solo-elpee op de markt (“Je moest eens weten hoe gelukkig ik was”), maar die haalt slechts de achtste plaats en de zanger zelf de zesde.
In 1976 zet de gunstige trend zich voor beide zangers door. Johan haalt deze keer tweemaal de eerste plaats binnen (als zanger en met zijn elpee “Stilte als refrein”) en Raymond klimt met zijn “Hollandse” elpee “Ik doe niet mee” tot op de vierde plaats, waar hij ook als zanger is terug te vinden (tussen hem en Johan staan nog Will Tura en Kris De Bruyne).
Maar dan komt 1977, het jaar van “Meisjes”, van “Nooit meer drinken” en van de twee voornoemde optredens. De single “Meisjes” slaat alle records! Met de Franse versie erbij haalt ze 1880 punten. Voor zover ik weet, enig in de geschiedenis van Humo’s Pop Poll op eender welk gebied.
“Nooit meer drinken” wint het ook afgetekend bij de elpees voor Urbanus, Jacques Brel en… “Verminnen Live”. En het kon niet anders: ook bij de zangers haalt Raymond het met overdonderende meerderheid. Will Tura wipt bovendien opnieuw over Johan. Dit wijst erop dat de stemmen die Raymond achter zijn naam kreeg gedeeltelijk van overgelopen Verminnen-fans zijn. Wel een bittere pil om te slikken, als men weet dat Raymond vroeger de begeleider van Johan Verminnen was.
Jan Braet heeft in Tliedboek ooit eens een analyse gemaakt van Raymond van het Groenewoud, waarbij hij tot de conclusie kwam dat Raymond een soort (al dan niet heilige) drievuldigheid zou zijn: Ray (“staat voor Rock, Ritme, Glitter en swingend heupenspel, de roodgloeiende guitars”), Montje (“Wie herinnert zich niet dat bleke, gevoelige schijtertje uit De Vorstinnen van Brugge. In dat Montje kunnen vele proleten, Hugenoten en andere uitgespuugden zich met gemak herkennen”) en Grunewald (“We worden aan Beieren en billenkletserij herinnerd. Naast fascisme kan dit ook wel eens onvervalste lolbroekerij opleveren”). Afgezien van de ietwat overtrokken interpretatie van dit laatste aspect, heeft Jan dat eigenlijk wel goed gezien. Raymond is een mengeling van rock, gevoelige ballades en cabaret. Voor dit laatste heeft hij o.a. in Heist gunstige kritieken gehaald met zijn programma “Omdat ik Vlaming ben”.
Wat wel jammer is, is het feit dat Raymond ballades als “Bierfeesten”, “Gelukkig zijn” e.d. niet meer zingt. In Lokeren liet hij “Bierfeesten” (beter gekend wellicht als “Als ik dit maar heb”) over aan Johan Verminnen. Johan heeft voor dit soort werk een betere stem dan Raymond, maar toch was zijn versie niet zo goed als de originele. Daarmee is nog maar eens bewezen dat het bij rock om heel andere dingen draait dan bijvoorbeeld in de opera en dat een “goed zanger” niet noodzakelijk over een briljante stem moet beschikken.
De reden dat Raymond dergelijke nummers niet meer zingt, ligt bij het feit dat deze zeer autobiografisch zijn (“Gelukkig zijn”, zo verklaarde hij eens op de radio, is geschreven toen ze de elektriciteit kwamen afsnijden) en de duistere tijden liggen bij Raymond nu wel (voorgoed?) achter de rug. Nog een geluk dat we zijn “Danielle” hebben, waaraan hij dan toch nog eens zo’n mooi ontroerend nummer heeft besteed.
In het najaar gaat Raymond er nu nog een vierde facet bijnemen: acteren. Na “Blikschade” weet ik niet of dit nu wel “Verschrikkelijk verstandig” is. Toch is dit de titel van het toneelstuk dat Humo-redacteur Marc Didden vertaald en bewerkt heeft en waarin Raymond de hoofdrol zal vertolken. Het stuk gaat over Victor Vandezande die bij zijn negende verjaardag het beu is een kind te zijn. Hij heeft trouwens ook de wereld van de volwassenen door. Hij vindt iedereen verschrikkelijk dom. Vandaar natuurlijk dat hij met heel zijn omgeving in botsing komt. Vanaf november kan dit stuk ook naar onze kontreien worden gehaald.
En wanneer dan die reisvoorstellingen achter de rug zijn, lieve meisjes, dan (snik, snotter, slinger) zal Raymond van het Groenewoud het Vlaamse land verlaten, zich laten omdopen tot Raymond du Bois-Vert (of zoiets) en zich in Frankrijk gaan vestigen om daar een nieuwe carrière op te bouwen (*).
Zei hij het reeds niet in “Italianen”: “Hier in dit landje waar het altijd zeikt en waar ik trouwens zo vlug mogelijk vandaan wil om in de Provence in een witte villa te gaan wonen”? En jawel hoor, hij is het vast van plan, want zijn “Miljonairs” kijken nu reeds uit naar een andere “vedette” om te begeleiden. Wie zich geroepen voelt superstar te worden, kan misschien eens contact opnemen? Je weet nooit…

Jan Segers

(*) Net zoals bij Johan Verminnen werd draaide deze Franse zet helemaal op niets uit. Zou men kunnen zeggen: Verminnen hield er dan toch nog een Franstalige elpee aan over, dan dient gezegd dat Raymond toch ook ooit een Duitse elpee heeft opgenomen. Maar ook hieraan wordt “Grunewald” liever niet meer herinnerd…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.