Spek en bonen

Had u als kijker ook de indruk dat u er voor spek en bonen bijzat toen Harry Kümel en Johan Anthierens hun keukenruzie zaten uit te vechten in Noord-Zuid? Voor één keer stelde Mies Bouwman dan ook eens een ad remme vraag: “Denk je dat de kijkers hierin geïnteresseerd zullen zijn, Harry?”

Daarvóór hadden Simon Vinkenoog en François Glorieux weer zichzelf (en dus de onnozele) uitgehangen. Ook Willy Steveniers stelde zichzelf tentoon, maar dit zat toch op een andere golflengte, dat voelde zelfs Mies met haar Hollandse klompen aan.
Toch heb ik hier ook enkele bedenkingen. Het zeer primitieve “recht van de sterkste” dat hier door Steveniers werd gepredikt, mocht dan al erg eerlijk klinken en boeiend om naar te luisteren, moreel gezien is het toch beneden alle peil. Eigenlijk is het zelfs schandalig dat dit via een massamedium als televisie gepropageerd wordt, met instemming van twee, naar we mogen aannemen, verstandige mensen.
De gesprekken met Willy Vandersteen en Joke Van Leeuwen heb ik maar heel eventjes gevolgd om dan vlug weer over te schakelen naar de KRO waar Benny Hill weer katastrofen aanrichtte. Ik weet dat een heleboel mensen het mij kwalijk zullen nemen dat ik een “intellectueel” programma verwaarloos voor dergelijke “platvloerse” humor, maar de keukenruzie van Anthierens en Kümel, de haat van Steveniers, de onbenulligheid van Vinkenoog, het piano-spel (letterlijk) van Glorieux en de sentimentaliteit van Bouwman vind ik eerlijk gezegd even platvloers.
Vorige week had ik het reeds over komische feuilletons die over sentimentele bananenschillen uitglippen. Deze week komt ook “De Collega’s” zich daarbij voegen. De humor was weer van het prot-niveau, maar er zaten wel elementen in die tot een sterk dramatische aflevering hadden kunnen uitgroeien. Daar dit uiteraard de bedoeling niet was, bleef men steken in het halfslachtige dat ik altijd aan dergelijke feuilletons verwijt. Wel werden de personages nu beter gesitueerd en waren ze niet langer marionetten in het luchtledige. Ook kwam het acteertalent van Jaak Van Assche (De Pesser) goed tot zijn recht. In de eerste aflevering reeds was mij dit opgevallen, daar waar vooral Mandus De Vos en René Verreth mij tegenvielen na hun knappe prestatie in “Het Machtig Reservoir”. De zwakste schakels zijn echter Nellie Rosiers, die mij ook in “De dood van een non” niet kon bekoren, en Jo Crab, die nog een ouderwetse speelstijl aankleeft.
Van Marah naar Marie (*). Ik ben er dan toch in geslaagd om voor de derde aflevering van “Maria Speermalie” voor het (mij dikwijls irriterende scherm) plaats te nemen. Als ik het goed begrepen heb, dan moet Maria Speermalie een “hartstochtelijke vrouw” zijn. Een collega vergeleek haar zelfs met Lady Chatterley. In die optiek was de keuze van Tessy Moerenhout als Speelmarietje zeer gerechtvaardigd – oh Tessy, is het niet zo dat ik zo’n tien jaar geleden in Gente Arca-keldertje al je talenten mocht ontdekken? (**) – maar in deze derde aflevering was daar weinig van te merken. Zowel in het scenario – denk maar aan die amateuristische scène die de verschrikkelijk verstandige (***) Luk De Koninck moest verwerken – als in het spel van Tessy zelf. Zei mijn vrouw: “Ik vind haar beter als Betty Bossé.” Een simpele, maar voorwaar juiste opmerking.
Maar naar het schijnt heb ik de sleutelscène wat dit betreft (****) gemist. Deze schijnt namelijk in de tweede aflevering te zijn voor gekomen. Zonder ze echter gezien te hebben, stel ik mij er niet veel van voor. Dit op basis van het volgende fragment uit de Haarlemse Courant van 11 februari 1978 (vorig jaar dus, ter gelegenheid van de opname). Men vraagt daar aan Dora Van der Groen waarom één Nederlandse actrice (Teuntje de Klerk) verloren loopt tussen al die Vlamingen. Antwoord van Dora: “Waarschijnlijk voor de naaktscènes.” Gaat de schrijver dan verder: “En inderdaad. Teuntje de Klerk wordt ingezet bij de naaktscènes, waarbij ook hoofdrolspeelster Tessy Moerenhout uit de kleren gaat. Een productiemedewerker weet ons echter te verzekeren dat door de camera-opstelling en het gebruik maken van de plaatsing van de lichten er allemaal weinig schokkends te zien is. Daar zijn de Belgen dus blijkbaar nog niet aan toe.
Johan Boonen zegt daarover: “Wij Vlamingen hebben een bepaalde schroom en hebben het daarom ook zo sober mogelijk gehouden. Voor de sensatie hoeft men dus het toestel niet in te schakelen. Daar heeft ook de BRT voor gezorgd. Er is en blijft natuurlijk toch een soort pre-censuur.”
Ja, onbenullige Speelmarietjes hebben wij Vlamingen wel genoeg, maar als er dan eens een echte Speelmarie uit de kleren moet, danmoet het ineens allemaal zeer kunstzinnig gebeuren. Wij zijn immers een volk van grote, maar vooral kleine kunstenaars.

Jan Segers

(*) Hier is blijkbaar iets weggevallen, want Marah verwijst duidelijk naar Micha Marah.
(**) Ofwel maak ik hier een grote vergissing, ofwel ben ik compleet vergeten waarover ik het wel mag hebben. Zat Tessy ook in die blote “Ulysses” misschien?
(***) Het is niet dat Luk niet sowieso “verschrikkelijk verstandig” kan zijn, maar het is misschien toch best te vermelden dat dit eigenlijk naar een toneelstuk met Raymond van het Groenewoud verwijst.
(****) Het erotische aspect.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.